Onvoorzien succes ondermijnt studentenkaart; De zes meest prangende vragen over de OV-studentenkaart.

Wie reist met welke kaart en waarom vormt de kaart een politiek probleem?

Waarom is er een OV-studentenkaart?De OV-studentenkaart geeft studenten de mogelijkheid gratis te reizen in trein, bus, metro en tram. De kaart moest een eind maken aan vooral ingewikkelde reiskostenvergoedingen aan thuiswonende studenten. In beginsel maken studenten met recht op een basisbeurs er aanspraak op - dat zijn scholieren op het middelbaar beroepsonderwijs (MBO) en studenten op hogescholen en universiteiten. Tot januari van dit jaar vielen daar ook nog de middelbare scholieren van achttien jaar en ouder onder.

Hoeveel studenten hebben een OV-kaart?

Dit jaar hebben 525.900 studenten in het MBO, op hogescholen en universiteiten recht op een OV-studentenkaart. Daarvan heeft 87 procent een zogenoemde weekkaart - zij kunnen gratis reizen van maandagmorgen tot vrijdagmiddag en in het weekeinde tegen veertig procent korting. De rest beschikt over een 'weekendkaart' waarmee ze gratis kunnen reizen van vrijdagavond tot maandagmorgen en door de week met veertig procent korting. Vorig jaar legden ze samen 4,32 miljard reizigerskilometers af per trein - ongeveer een derde van alle reizigerskilometers op het spoor.

Wanneer is de kaart ingevoerd?

De OV-studentenkaart is bedacht door minister Deetman (Onderwijs, CDA) en in januari 1991 ingevoerd door minister Ritzen (Onderwijs, PvdA), ondanks felle studentenprotesten. Zo'n 600.000 studenten hadden er recht op. Ritzen betaalde er 486 miljoen gulden voor aan de openbaarvervoerbedrijven en spaarde volgens de toenmalige berekening structureel 125 miljoen gulden uit. Studenten leverden er in 1991 elke maand 62,50 gulden van hun basisbeurs voor in, en twee jaar later nog eens 10,00 per maand. Uit onderzoek blijkt dat de gemiddelde student met een OV-studentenkaart in het studiejaar 1991/1992 9.230 kilometer reist met de trein, en 3.128 kilometer met bus, tram of metro.

Hoe is de kaart in de loop van de tijd veranderd?

In 1991 konden alle studenten elke dag gratis door het land reizen per openbaar vervoer. Het studentenprotest verstomde snel. Vindingrijke studenten beginnen winstgevende koeriersbedrijfjes en de NS spreken bezorgd over onvoorziene 'pretkilometers' van studenten. Ze eisen bij de eerstvolgende contractonderhandelingen meer geld voor extra treinstellen en vragen Ritzen het pretreizen te ontmoedigen. Het onverwachte succes ondergraaft de OV-studentenkaart-voor-elke-dag. Vanaf november 1994 moeten studenten kiezen tussen een weekeindkaart en een weekkaart. Het contract kostte het ministerie 637 miljoen gulden. Daar kwam uiteindelijk nog 150 miljoen gulden bovenop omdat veel meer studenten voor de duurdere weekkaart kozen dan Ritzen had voorzien.

Hoeveel kost de OV-kaart nu?

De kaart kost inmiddels 810 miljoen gulden per jaar. Ritzen wil dat terugbrengen tot gemiddeld 570 miljoen gulden per jaar. Daartoe wil hij de 265.000 uitwonende studenten verplicht een goedkopere weekkaart verstrekken en de 230.000 thuiswonende studenten de duurdere weekkaart. Vrijdag bereikte hij hierover een akkoord met de openbaarvervoerbedrijven.

Waarom is de OV-kaart inmiddels een politiek probleem?

Minister Ritzen heeft niet genoeg geld om de bestaande keuzevrijheid voor studenten te handhaven.