Nederlandse inspraak trekt Japanse advocaten

TOKIO, 25 JUNI. Een delegatie van de Japanse Orde van Advocaten bezoekt volgende week Nederland om kennis te nemen van Nederlandse inspraakprocedures bij openbare werken. De studiereis is deel van de voortgaande discussie in Japan over de drooglegging van het waddengebied in de baai van Isahaya op het zuidelijke eiland Kyushu.

“Ik heb bij gesprekken in Isahaya gemerkt dat tijdens de planning en uitvoering van de werkzaamheden veel mensen niet de beschikking hebben gehad over werkelijke informatie over de plannen”, zegt Takahiro Suzuki, hoofd van de delegatie.

De discussie over de drooglegging van de baai bij Isahaya laaide fel op nadat in april de dam was voltooid en 3.500 hectare kwam droog te staan. Via de televisie kon de bevolking het stervende wad aanschouwen. Voorstanders van de plannen vallen de tegenstanders nu aan omdat ze te laat zijn met hun kritiek. De aanleiding voor de advocaten om nu naar Nederland te gaan is een artikel in de Japanse krant Asahi eerder deze maand over de Oosterscheldedam. In zijn stuk constateerde de journalist dat in Nederland de discussie pas loskwam nadat een besluit tot afsluiting van de Oosterschelde was genomen. De advocaten willen nu horen op welke wijze men in Nederland vervolgens de stemmen van de bevolking in de besluitvorming heeft betrokken.

Politici van de regerende Liberaal-Democratische Partij (LDP) stellen dat er al voldoende overleg is geweest in Isahaya. Maar advocaat Suzuki zegt dat “alleen uitgesproken voorstanders uit bedrijfsleven en bestuur” informatie over het project hadden. Dankzij de dam is vier miljard gulden aan overheidsgeld naar de regio gevloeid. “Gewone burgers, vissers uit de omgeving, zelfs leden van het lokale bestuur hadden geen informatie, zo heb ik tijdens gesprekken in Isahaya gemerkt”, aldus Suzuki.

Een tweede probleem is dat het project kort na de oorlog aanvankelijk was bedoeld voor de winning van landbouwgrond, maar met de toenemende overvloed is dit overbodig geworden. “Ook al veranderden de omstandigheden, het project ging gewoon door. Alleen het doel werd veranderd”, zegt Suzuki. Dit doel luidt nu: bescherming tegen overstromingen. “Ik vraag me af of dit niet een frauduleuze verandering is”, aldus Suzuki. Bovendien wees een overheidsrapport er vijftien jaar geleden al op dat het plan te kort schiet, maar ambtenaren vonden het niet nodig het rapport openbaar te maken. De ambtenaren hebben de Japanse premier Ryutaro Hashimoto aan hun zijde. Deze antwoordde afgelopen maandag in de Verenigde Staten op een vraag over Isahaya slechts bits met de woorden: “Weet u wel hoeveel mensen er daar door overstromingen zijn omgekomen?” Hashimoto is overigens nu op bezoek in Nederland voor de Europees-Japanse top.

Ishaya is deel geworden van een grotere discussie over publieke werken in Japan. Een Japanse televisiecommentator bestempelde deze maand politici als “robotten” in de handen van ambtenaren. Ook oppositieleden in het Japanse parlement hebben geklaagd dat ambtenaren niet voldoen aan verzoeken om informatie. Exemplarisch is de wijze waarop de LDP onlangs besloot tot bezuinigingen op publieke werken: alle bestaande plannen gaan gewoon door, maar worden over een aantal extra jaren uitgesmeerd. Zo hoeven de politici geen enkele keuze te maken.

De Japanse advocaten mengen zich in deze discussie omdat “ons wettelijk de taak is toebedeeld de mensenrechten te beschermen en sociale rechtvaardigheid te verwezenlijken”. De orde heeft een commissie voor milieuproblematiek in het leven geroepen. De advocaten hebben op 22 mei de Japanse regering “dringend verzocht” de dam weer te openen. Vervolgens moet er opnieuw een discussie komen over de noodzaak van het project en de gevolgen voor het milieu “waarbij openbaarheid van informatie en de deelname van burgers en milieugroeperingen aan de discussie moeten zijn gegarandeerd”. Zo niet, dan zal, zegt Suzuki, “duizend jaar lang slechts spijt resten”.