De directeurendriehoek

“Als je bij de portier begint kom je nooit aan de directeur, maar begin je bij de directeur dan komt de portier vanzelf aan de beurt.” Dat heeft mr. Jaap Burger gezegd, lang geleden, toen na de Bevrijding de zuivering uit de hand begon te lopen. Hij heeft gelijk gehad: veel mensen hebben toen een behandeling gekregen die ze niet verdienden, en aan een klein aantal anderen is niet het recht gedaan dat ze behoorden te krijgen.

Burger heeft dat vastgesteld - dat was in die dagen al heel wat - maar hij heeft er geen verklaring bij gegeven. Misschien ligt die voor een deel hierin, dat Nederland in die tijd nog onvergelijkelijk veel sterker een klassenmaatschappij was, waarin men zijn woede kon koelen op degenen die, lager op de ladder, minder weerbaar waren. Voor een ander deel kan het liggen aan het feit dat wraaklust hier niet zo'n lange adem heeft. En tenslotte is de noodzaak tot de wederopbouw een factor geweest. Voor die leden van de bestuurlijke elite die niet flagrant fout waren geweest maar ook niet helemaal goed, werd gemakkelijker een oogje dicht gedaan; was men eerder bereid ruimte tot reclassering of rehabilitatie te scheppen.

Het Bosnië van na 'Dayton' doet, met alle voorbehoud, soms aan de uitspraak van Jaap Burger denken. De vrede is min of meer gevestigd, er is een tribunaal tot berechting van de oorlogsmisdadigers opgericht, maar tot gisteren heeft men zich bepaald tot een paar portier-achtige delinquenten, terwijl de directeuren niet alleen in vrijheid zijn gebleven, maar daarvan profiteren door zich, dwars door alle voorgeschreven democratische procedures heen, te handhaven en zich via allerlei corruptie te verrijken. De Kroatische generaal Blaškic, die nu voor het tribunaal in Den Haag terechtstaat, is de eerste die men, in de termen van Burger, enigszins als van directeursniveau kan beschouwen.

Dat is een stap vooruit, maar laten we niet te opgetogen zijn. Het is aan zijn president, Tudjman, te danken dat hij (inmiddels van een ridderorde voorzien) nu terechtstaat. Het Westen heeft al veel meer aan Tudjman te danken. Zijn troepen hebben in augustus 1995 de Bosnische Serviërs op de grond verslagen. Deze maand is hij met grote meerderheid herkozen, in verkiezingen die, volgens de raadselachtige diagnose van internationale waarnemers “wel vrij maar niet fair” waren. Een belangrijk onderdeel van de akkoorden van Dayton lapt hij aan zijn laars: Mostar, dat volgens deze overeenkomst bij Bosnië hoort, is feitelijk door Kroatië geannexeerd. Maar het is ondenkbaar dat deze president ter verantwoording zal worden geroepen. Hij heeft zijn onkwetsbaarheid gekocht, hij is onmisbaar, zelfs voor het tribunaal. In de praktijk wordt hij met omzichtigheid door de 'internationale gemeenschap' behandeld.

Heel anders is het gesteld met Radovan Karadzic. Officieel is hij de meest gezochte verdachte, met dien verstande dat niet naar hem hoeft te worden gezocht, omdat hij in Pale onmiddellijk te vinden zou zijn als de 'internationale gemeenschap' dat zou willen. Maar de wil ontbreekt. Men laat hem met rust, omdat gevreesd wordt dat zijn arrestatie en wat daarop zou moeten volgen, toestanden van geweld doen ontstaan waartegen de 'internationale gemeenschap' wel militair, maar politiek niet is opgewassen.

Karadzic probeert nu in vredestijd een deel van het model dat hij in oorlogstijd zo veel jaren met succes heeft toegepast: ja zeggen en het tegenovergestelde doen. Hij heeft laten weten dat hij niets te verbergen heeft, dat de massamoorden zich achter zijn rug hebben voltrokken onder verantwoordelijkheid van ongeregelde benden waarover hij niets te zeggen had. Hij is onschuldig en wist van niets. Ook dat doet aan een jaar of vijftig geleden denken. Karadzic zal graag naar Den Haag komen, maar doet dat niet en oefent intussen ten eigen bate zijn corrupte bewind in Pale uit.

In Belgrado heeft Milošovic een andere truc toegepast om aan de macht te blijven. Hij, feitelijk de belangrijkste aanstichter van de oorlog, had zich eerst in Dayton verdienstelijk onderscheiden door zijn oude bondgenoten in Pale in de steek te laten. Vervolgens heeft hij de twee maanden van betogingen tegen de vervalste verkiezingen overleefd. Nu, aan het einde van zijn tweede ambtstermijn die zijn laatste had moeten zijn, heeft hij zich via de Montenegrijnse constructie op het nippertje van zijn herverkiezing verzekerd. Ook deze directeur volgens de definitie van Burger blijft dus zitten.

Intussen gaat het met de wederopbouw zeer slecht. De conferentie van donorlanden, waar 1,4 miljard dollar bijeengebracht moet worden, is vorige week uitgesteld. Eerst zullen de Bosnische Serviërs moeten voldoen aan de monetaire afspraken die in Dayton zijn gemaakt. Die worden onder leiding van Karadzic ontdoken of openlijk niet uitgevoerd. In de praktijk zal het betekenen dat er niets gebeurt zolang Karadzic in Pale regeert, dus tot sint-juttemis.

In het voormalig Joegoslavië bewaart de NAVO de vrede zolang de Amerikanen bereid zijn daaraan mee te werken. Madeleine Albright, de nieuwe minister van Buitenlandse Zaken, is harder dan haar voorganger. Als het aan haar ligt zullen de Amerikanen misschien zelfs tot na juni volgend jaar blijven. Impliciet geeft ze daarmee een waardering van de Europese vastberadenheid: zonder Washington stelt Europa in het voormalig Joegoslavië niets voor. Tot volgend jaar juni zal de vrede min of meer verzekerd zijn.

Terzijde van de ordebewaarders heeft zich een soort machtsdriehoek van directeuren gevestigd: Tudjman, Karadzic, Milošovic. Eerstgenoemde werkt met het Westen mee voorzover het in zijn kraam te pas komt en heeft daarin een evenwicht gevonden waardoor hij ongrijpbaar is. Milošovic is ongrijpbaar nadat hij zich opnieuw van de macht heeft verzekerd. Blijft over: Karadzic, de kleinste van de drie. Zijn arrestatie en berechting zouden een opluchting betekenen, niet alleen omdat daarmee het rechtsgevoel althans enigszins wordt bevredigd. Ook de geloofwaardigheid van de macht der ordebewaarders zou worden versterkt. Arrestatie van Karadzic is dus een politiek belang. De wil van het Westen om dit belang te behartigen en te beschermen ontbreekt. Daaruit volgt dat de enige manier om een oplossing naderbij te brengen bestaat uit het laten verslechteren van de toestand. Daar wordt op het ogenblik op toegezien.