Vooroordeel

Hugo Camps, u verdient een Oscar voor de best geveinsde sympathie (NRC Handelsblad, 21 juni).

December 1996 had ik nog urenlang een openhartig interview met u voor de Kerstspecial van Elsevier. De kitscherige superlatieven schoten u toen te kort om mij de hemel in te prijzen. “Champagne bruist door haar aderen”, “een triomf van eigenzinnigheid”, “ogen met uitzicht op zee”, “opgegroeid met Plato”, “Intellectualisme en verbale bravoure” en uw onovertroffen puberale: “het blijft een sensatie om naar haar zacht gevijlde gezichtje te kunnen kijken.” Richard en mij vond u “Iconen van twee carrières, één leven”. Pagina's heeft u volgejubeld over onze relatie. En oh, wat wilde u toch graag àlles weten over onze kinderwens, ons huis in Muiderberg...

Nog geen zes maanden later is uw mening 180 graden gedraaid. Opeens heeft u Richard nooit gemogen en vindt u mij een “zuurpruim” en “een B-actrice die zich in de roddelbladen zwanger leutert.” Het “metafysische” wat u in Richard zo bewonderde, heet nu spottend: “Hij

is in Zen”. Zijn sociale bewogenheid is nu opeens “koketteren met een maatschappelijk geweten.”

Als er iemand onder valse vlag opereert, dan bent u het wel.