Nedlloyd verbreekt band met containerpartners

ROTTERDAM, 24 JUNI. Nedlloyd stapt uit de Global Alliance - een samenwerkingsverband van containerrederijen - om zich aan te sluiten bij de Grand Alliance, het tweede grote samenwerkingsverband in de wereld van containerrederijen, waarvan Nedlloyds fusiepartner P&O deel uitmaakt. Dit heeft de directie van P&O Nedlloyd vanochtend bekendgemaakt.

Na de op 1 januari in gang gezette fusie tussen P&O Containers en Nedlloyd Lijnen was een van de twee partners gedwongen te kiezen voor een nieuw alliantieverband. Aangezien P&O in de fusie met Nedlloyd de grotere en financieel sterkere partij is en de Grand Alliance door de overname van APL (VS) door NOL (Singapore) al danig was uigehold, lag een keus van Nedlloyd voor de Grand Alliance voor de hand.

Bovendien is de toekomst van een andere Grand Alliance-deelnemer, OOCL uit Hongkong, onzeker. Na de overdracht op 30 juni van Hongkong aan China ligt het voor de hand dat OOCL nauwer gaat samenwerken met COSCO, de Chinese staatsrederij, die een grote concurrent is voor P&O Nedlloyd, dat vijftig procent van zijn omzet met de vaart op het Verre Oosten genereert.

“De beslissing te kiezen voor de Grand Alliance is strikt ingegeven door commerciële motieven”, benadrukte algemeen directeur van P&O Nedlloyd Tim Harris vanochtend. “Het stelt ons in staat op grond van de beste service en laagste kosten te concurreren.”

P&O Nedlloyd beschikt over een containervloot van 112 schepen (in charter en eigendom) met een capaciteit van 540.OOO TEU's (een standaardmaat voor twintigvoet containers) en behoort daardoor met Maersk en Evergreen tot de grootste containerrederijen in de wereld. “In Europa zijn we in bepaalde opzichten zelfs sterker en groter dan Maersk”, zegt Harris, die derhalve fel gekant is tegen een eigen overslagterminal voor containers op de Maasvlakte van de Deense rederij Maersk, buiten het terrein van Europa's grootste overslagbedrijf ECT. De Denen zijn daarover in onderhandeling met het Gemeentelijk Havenbedrijf Rotterdam en de Nederlandse overheid. “We zullen die ontwikkeling goed in de gaten houden”, zegt ook tweede directeur van P&O Nedlloyd Paul Bijvoets. “We zullen niet lijdzaam toezien dat een grote concurrent als Maersk meer voordelen op de Maasvlakte krijgt dan wij.”

Toetreding tot de Grand Alliance van Nedlloyd verschaft P&O Nedlloyd volgens Harris op jaarbasis een nog grotere kostenbesparing dan de 200 miljoen dollar die door de fusie tussen de twee rederijen eind dit jaar al moet zijn gerealiseerd.

Via schaalgrootte, meer capaciteit (P&O Nedlloyd laat in Japan de vier grootste containerschepen ter wereld bouwen met een vervoerscapaciteit van bijna 7000 containers ieder) en lagere kosten hoopt, P&O Nedlloyd over enkele jaren de moordende concurrentie in de containervaart als één van de weinigen te hebben overleefd.

Gestreefd wordt naar een groter marktaandeel in de Pacific (nu twee procent) waar P&O Nedlloyd nauwelijks meetelt. Op de route Europa-Verre Oosten heeft het bedrijf een marktaandeel van 12 procent. “Ik voorzie in de containersector een toekomst met slechts een paar grote rederijen”, zegt Harris.

Inmiddels heeft P&O Nedlloyd de tarieven verhoogd op de route Europa-Verre Oosten. Volgens Bijvoets zijn daardoor nog geen klanten afgehaakt. In het eerste kwartaal bedroeg het verlies van P&O Nedlloyd 38 miljoen gulden. Over heel 1997 wordt een positief resultaat verwacht.