Herman geeft totaalpakket amusement

Op het komende North Sea Jazz Festival, dat op 11, 12 en 13 juli zal worden gehouden, treedt de New Cool Collective Big Band van Benjamin Herman op. “Het geluid werkt overdonderend en aanstekelijk op de mensen”, zegt Herman.

New Cool Collective Big Band in Café Meander 7/7, Voetboogstraat 3b, Amsterdam. North Sea Jazz Festival in Congresgebouw Den Haag: 13/7.

AMSTERDAM, 24 JUNI. Een 'vette' ritmesectie is de basis voor de moderne dansmuziek van de New Cool Collective Big Band, die sinds januari eens in de twee weken in het Amsterdamse café Meander optreedt. Twintig muzikanten brengen, terwijl ze met de muziekstandaards netjes opgesteld op het kleine podium zitten, een stevige combinatie van latinjazz met soul, jungle en boogaloo.

“Het is een samenvoegsel van ideeën en stijlen”, zegt de in Londen geboren altsaxofonist en bandleider Benjamin Herman (29). “Ik noem het een modern dansorkest; de toevoeging 'big band' wordt in dit geval vaak geïnterpreteerd als zijnde oude big band jazz, maar dat is geenszins het geval. Je moet het je voorstellen als een orkest uit de jaren veertig, dat, zonder geluidsversterking maar met een grote bezetting, de mensen een plezierige dansavond bezorgde. Met twintig man (vijf saxofonisten, vier trombonisten, vier trompettisten, drie percussionisten, een drummmer, pianist, bassist en gitarist) op het podium - het publiek weet echt niet wat het overkomt. Het geluid werkt overdonderend en aanstekelijk op de mensen. Ze gaan vanzelf bewegen. En dat is de bedoeling: een bijzondere avond met tegelijkertijd een muzikaal verantwoord programma.”

Het idee ontstond oktober vorig jaar, toen Herman met de eigenaar van Meander de vaste jazzavonden van het café besprak. Deze trokken te weinig publiek, dus moest er iets nieuws komen. De saxofonist opperde voorzichtig of hij zijn vaste band New Cool Collective niet eens zou kunnen uitbreiden en zo de maandagavonden kon opluisteren met een 'nieuw geluid'. “Het werkte. Godzijdank sloeg onze muziek aan. In het begin dacht ik, waar ben ik aan begonnen. Ik had nooit gedacht dat ik met zo'n grote bezetting iets goeds zou kunnen maken. Wat was ik bang in het begin. Voor het eerst in mijn leven ben ik stukken gaan arrangeren voor zo'n bezetting. Het kostte me veel tijd en energie en ik nam een groot risico.” Herman is nog steeds opgelucht dat de geschreven arrangementen de door hem benaderde musici destijds aanspraken. “Die musici verwachtten natuurlijk goed materiaal en daar kwam ik met mijn composities die ik een week van tevoren had geschreven. Ik zag het al voor me dat ze zouden zeggen: 'Wat een onzin, die infantiele muziek met die lange noten gaan we niet spelen.' Maar gelukkig, ze vonden het leuke muziek en wilden graag meedoen.”

Nadat eerst de musici overstag waren gegaan, viel het jonge publiek uiteindelijk ook voor het dansorkest. “De eerste keren dat we speelden kwamen er veel echte jazz-fans luisteren. Je kent ze wel: gemiddeld vijftig jaar met pijp en baard. Ik kreeg toen veel commentaar op mijn muziek. Dan vroegen ze waar ik nou mee bezig ben. Ik heb echt mijn buik vol van die kritiek. Ze vinden dat ik te eigenwijs speel. En dan krijg je van die vragen als: 'Moeten jullie niet eens repeteren?' en 'Luister je weleens naar saxofonist Benny Carter?' Nou, ik heb meer naar Carter geluisterd dan zij zich kunnen voorstellen. Maar daar gaat het helemaal niet om. Wij brengen een soort totaalpakket amusement, dat heel veel mensen aanspreekt. Dat blijkt wel op maandagavond: de Meander zit bomvol wanneer we spelen.”

Benjamin Herman kwam, samen met zijn tweelingbroer, op zijn achtste naar Nederland, waar zijn Britse vader, een rabbijn, aan het werk ging als psycho-analyticus bij het Joods Maatschappelijk Werk. Na drie jaar drumles kreeg de 12-jarige Herman voor zijn Barmitswa een saxofoon. In 1991 studeerde hij af aan het Hilversums Conservatorium en in datzelfde jaar werd hem de Wessel Ilcken Prijs toegekend. In 1992 studeerde hij een half jaar aan de Manhattan School of Music bij saxofonist Dick Oatts. Met zijn New Cool Collective Big Band treedt hij het komende North Sea Jazz Festival op in de Paulus Potterzaal in de kelder van het Congresgebouw. De keuze voor die zaal was snel gemaakt: de programmering is uiterst voordelig en aantrekkelijk: direct na de Brooklyn Funk Essentials, terwijl UFO-dj's het publiek tussendoor opzwepen. “We konden kiezen tussen deze zaal en de Mondriaanzaal, een typische bigbandzaal met een groot podium. Maar de Potterzaal leek ons veel leuker.” Hoewel Herman nu 13 keer op het grote jazzfestival heeft gespeeld, blijft het North Sea een 'grote kick'. Hij gaat er dit jaar twee keer optreden, één keer met de Fra Fra Big Band op vrijdag en met zijn New Cool Collective orkest op zondag rond een uur of zes.

Herman is naast zijn New Cool Collective en New Cool Collective Big Band druk bezig met zijn nieuwe trio-cd Café Alto, die volgende week uitkomt. Ook zullen tijdens het North Sea Jazz Festival opnames gemaakt worden van zijn big band, die eventueel gebruikt zullen worden voor een toekomstige cd.

“Ik streef niet naar perfectie, maar ik blijf me wel ontwikkelen. Ik wil graag herkenbaar blijven en dus moet die sound gewoon goed zijn. Wat dat betreft let ik niet zo erg op mijn techniek, het gaat voor mij om de vraag: swingt het? Je moet niet overdonderd willen worden door wetenschap en techniek in mijn muziek. We tikken elkaar niet op de vingers wanneer iets niet loopt. Ik sta voor alles open, vandaar ook mijn diverse projecten. En dit is een band waar dat precies bij past.”