FIDEL VELÁZQUEZ (1900-1997); Symbool van perfecte dictatuur

MEXICO STAD, 24 JUNI. Hij overleefde de Sovjet-Unie. Een vakbondsleider van 97 jaar. Verlamd, blind, en al jaren niet meer in staat één verstaanbaar woord uit te brengen.

Meer dan een halve eeuw was 'Don' Fidel Velázquez de ijzeren

leider van de regeringsgezinde Mexicaanse vakcentrale CTM. “Gorri, gorri, guarff”, reutelde Don Fidel hangend in een stoel, toen hij afgelopen februari voor het leven in zijn functie werd herbevestigd. “Hij zal zijn taak met strijdbaarheid voortzetten”, vertaalden zijn hulpjes, die hem even later weer in zijn stoel moesten opsjorren. Kwijl uit zijn mondhoeken, vlekken op zijn das. Maar iedereen was stil: 'de macht' van Mexico sprak. Want dat was Don Fidel. Tot het bittere eind.

“Een pijler van het moderne Mexico is ons ontvallen”, zei president Zedillo, die zich dit weekend als een van de eersten naar het vakbondskantoor spoedde, waar Don Fidel inmiddels als een kleine Lenin lag opgebaard. Twee weken geleden kreeg de patriarch een ontsteking aan zijn plasbuis. Zaterdag werd deze hem fataal. Ondanks het bericht van zijn dokter dat Don Fidel vrijdag “smakelijk heeft gelachen over het gerucht dat hij dood zou zijn” kreeg Magere Hein hem toch te pakken. “Hij was natuurlijk al dagen dood”, zegt een Mexicaanse journalist die

goed op de hoogte is van de praktijken van de heersende Partij van de Geïnstitutionaliseerde Revolutie (PRI). “Het is ook wel een heel ongelukkig moment voor hen om net nu Fidel te verliezen.”

Door velen in Mexico wordt de dood van Don Fidel gezien als een symbool voor de politieke aardbeving die Mexico op 6 juli te wachten staat. Bij de Kamerverkiezingen van 6 juli dreigt de PRI voor het eerst in 68 jaar haar meerderheid te verliezen. “Opportunistisch”, “corrupt”, en “corporatistisch op een manier waarop Mussolini jaloers zou zijn geweest”, zoals Mexicaanse kranten schrijven. Don Fidel was de belichaming van de 'perfecte dictatuur' die de PRI in Mexico opbouwde.

Om te beginnen diende zijn vakbond voor het ronselen van partijleden. Elke arbeider is verplicht een lidmaatschapskaart van de PRI te dragen, zo staat in de collectieve arbeidsovereenkomsten die de CTM afsluit. Bij

alle partijmanifestaties draven de vakbondsleden van Don Fidel op. Ze krijgen er een dag vrij voor. Hun aanwezigheid is verplicht.

Als geen ander zorgde Fidel voor 'stabiliteit'. De charros (cowboys), zoals de ondemocratisch verkozen vakbondsbestuurders heten, schrapen via

hun beschermheren in de PRI fortuinen bijeen in ruil voor het kalm houden van de vakbondsbasis. Zodra er een dissident geluid of - wat God verhoede - een onafhankelijke vakbond dreigt te ontstaan, zorgen knokploegen voor het herstel van de orde. Tot nu toe hebben alleen lerarenbonden zich aan de controle van de CTM weten te ontrekken.

“Wie zich beweegt komt niet op de foto”, was de lijfspreuk van Don Fidel. Met alle PRI-presidenten die Mexico deze eeuw heeft gekend stond hij dan ook vooraan op de foto. De voormalige melkboer benoemde presidenten tot 'Arbeider van het Vaderland' of deelde “namens de Mexicaanse werknemer” kwalificaties uit als “Geen Gelijke in de Geschiedenis”. Was hij onder de ene president voor de afschaffing van het “kapitalistisch regime”, onder een volgende was hij voor de afschaffing van “alle antikapitalistische barrières”.

Don Fidel was de enige in Mexico die presidenten kon maken en breken. Was er een economische crisis? Don Fidel zorgde dat de PRI-regering de kosten op de werknemers kon afwentelen. Werd hij er niet voor beloond, dan volgde een staking. Zo bouwde hij een hofhouding op van eigen parlementariërs, gouverneurs en een handjevol gepriviligeerde fabrieksarbeiders in de staatsindustrie. De “illustere Mexicaanse werkende klasse”, die hij tot het laatst vertegenwoordigde, is er daarentegen slechter aan toe dan ooit. Het officiële minimumloon is

een kwart van dat in een lage-lonenland als Zuid-Korea. Er heerst een chronische werkloosheid, en volgens de Wereldbank leeft meer dan veertig

procent van de Mexicanen onder de armoedegrens.

“De pathetische Muppetshows die Don Fidel tegen het eind van zijn leven

opvoerde stonden symbool voor de sclerose van PRI-systeem zelf”, schreef Fidels Mexicaanse biograaf Miguel Granados Chapa gisteren. “De dood van Fidel is het teken dat ook de PRI op pensioengerechtigde leeftijd is gekomen.” Voorlopig echter wordt Don Fidel opgevolgd door zijn 78-jarige schaduw, vice-vakbondsvoorzitter en PRI-potentaat Leonardo Rodríguez Alcaine.