Wordt killer!

TRAIN OM EEN KILLER TE ZIJN, stond er op een bloedrood affiche bij de tramhalte. LEER EEN BEEST TE WORDEN. Een telefonische cursus, vijftig cent per minuut. Dat is niet veel. Al sinds mijn vijfde of zesde heb ik er van tijd tot tijd behoefte aan, in een beest te veranderen, in een kraai of een gier, een enkele keer in een vrije hond en de laatste tijd, op voorwaarde dat het niet langer dan een minuut zou duren, in een neushorenkever, omdat ik er kortgeleden een heb ontmoet.

Het is zo'n nummer dat begint met een nul. Bij gebrek aan beestachtige assertiviteit had ik dat nog niet gedurfd. Ik begin alleen te telefoneren als ik grote kans heb, degene aan de lijn te krijgen die ik wil spreken. Dus niet een onbekende die je van alles vertelt waarvan je geen vermoeden had dat je het nog eens van een wildvreemde door de telefoon zou horen. Het weerbericht is intiem genoeg.

Beest en killer kun je alleen worden als je er aanleg voor hebt, en door het bewuste nummer te draaien zou je dat bewijzen. Het bleef een drempel. Chas Addams heeft een reeks van twaalf plaatjes getekend, waarin hij vertelt over een kereltje van een jaar of tien, een genie, dat uit zijn scheikundedoos een drankje maakt. Als hij het drinkt verandert hij in een Mister Hyde. Op het eerste plaatje zit hij op de vloer van zijn speelkamertje, ogenschijnlijk braaf de elementen te mengen, dan komt er rook uit een kolf, hij neemt een slok, er komt rook uit zijn mond, hij zwelt op, wordt een beestachtig krachtpatsertje, het lijkt alsof hij zal ontploffen, dan hoort hij voetstappen op de trap, waarschijnlijk zijn moeder, hij drinkt het antidrankje en als ze de deur opendoet, zit hij weer lief op de grond. Niet wegens de metamorfose maar door de scheikundedoos denk ik altijd weer even aan Harry Mulisch als ik dit verhaal bekijk, en soms ook aan Jan Cremer. Addams was zijn tijd ver vooruit: het verhaaltje dateert van 28 december 1946.

Het zou dus kunnen zijn dat een ondernemer op de vrije markt je via dit nul-nummer een scheikundedoos met killerformule probeerde te verkopen. Het zit in de lucht. Deze week staan op de voorpagina van Adformatie, weekblad voor reclame, marketing en media, portretten van twee mensen die al zo'n drankje hebben gedronken. 'Het lijkt limonade maar er zit wel degelijk alcohol in', meldt het bijschrift. De ene gebruiker heeft er krokodillentanden van gekregen, de andere is veranderd in een centaur met pitbullpoten en een duivelskop. Het is in Australië uitgevonden. Binnenkort komt het op de Nederlandse markt. Daar schoot ik niet mee op.

Intussen, telkens als ik uit de tram stapte: LEER EEN BEEST TE WORDEN, 50 cent per minuut. Just do it. Na een dag of drie voelde ik me voldoende killer om te bellen. Aan de andere kant van de lijn hoorde ik een onschuldige meisjesstem die via een antwoordapparaat Hoi! zei, me met je aansprak en vertelde dat een beroemde Nederlandse sportheld de geheimen kende. Om een beest te worden moest ik de 1 indrukken, en voor de killer: kies 3.

Ik werd overvallen door gebrek aan tegenwoordigheid van geest. 'Je hebt te lang gewacht,' zei het meisje vriendelijk aanmoedigend. Ze drong erop aan dat ik tenminste beest zou worden. Ik haalde me de sportheld voor de geest, zag in hem geen beest, noch killer. Ik dacht: vijftig cent per minuut, dat kan nog flink oplopen, en besloot mens te blijven. Einde van dit stukje.

Maar of de duvel ermee speelde: in de kamer waar ik dit schrijf waren intussen drie beesten binnengedrongen, twee lastposten en één killer; twee muggen en een soort bij, een insect dat nog een beetje op een bij leek maar, op het eerste gezicht althans, met succes een killercursus had gevolg. Ik ben tegen het doodslaan van alles, behalve van muggen in noodweer (in de juridische betekenis, niet de weerkundige). Deze muggen zagen er niet bedreigend uit. Maar de grote bij? Ook geen geboren killer, niet hard genoeg want zij/hij wilde eruit, dwars door het glas heen. Wie ooit geprobeerd heeft, zo'n vliegend beest het raam uit te werken, weet hoe dom ze zijn. Je moet ze met een krant de goede kant opduwen, maar altijd willen ze weer naar de uitzichtloze. PROBEER EEN MENS TE WORDEN, fluister ik tegen de grote bij. TRAIN OM NA TE DENKEN. Het helpt niet. Het stomme beest bleef onbegrijpelijk, luidkeels tegen het raam brommen.

Eindelijk had ik hem zo ver: over het verticale richeltje van het kozijn getild. Zonder om te kijken verdween hij met een geweldige vaart richting de blauwe hemel. Ik zwaaide hem na, tot hij uit het zicht verdwenen was, misschien om iemand te gaan killen.