Rijnders(6)

De reactie van Wijbrans op het interview met Gerardjan Rijnders vraagt om een tegenreactie. Dat de schrijver niet gediend is van beschrijvingen uit de dark room, kan ik me best voorstellen, maar ik vind het goedkoop en nogal laf om meteen de grote meerderheid van NRC-lezers in het geweer te roepen.

Chapeau voor Rijnders, die de durf heeft om anderen uit de eerste hand een kijkje te gunnen in activiteiten en gedachten met welke hij geen kip kwaad doet, maar die hem wel kwetsbaar maken voor vooroordelen die nodig uit de wereld moeten. Wat mij betreft komen er vaker zulke berichten uit de eerste hand uit de nog donkere hoeken van onze samenleving. Het is alleen onbekendheid en onbenul wat vooroordeel in stand houdt: aan het eerste kan NRC wat doen, aan het tweede zal men toch zelf moeten werken. Zoals W.F. Hermans zei: “Niets is vies, onsmakelijk, beangstigend of weerzinwekkend op zichzelf. Als iemand ergens van walgt is dat zijn eigen schuld, is dat te wijten aan zijn verdrongen verlangen naar smerige lusten, aan de stank van zijn onzindelijk innerlijk”. Ook in NRC.