Hormonen na de menopauze verlagen de sterfte

Oestrogeensubstitutie na de menopauze vermindert, behalve de botontkalking, het risico om te overlijden aanzienlijk. Uit de Nurses' Health Study, een al sinds 1976 lopend onderzoek naar de gezondheid van ruim 120.000 Amerikaanse verpleegsters, blijkt dat onder vrouwen die na de menopauze oestrogeen innamen de sterfte 37% lager was dan onder degenen die nooit hormonen hadden gebruikt.

De hormoongebruiksters overleden veel minder vaak aan hartziekten. Het gunstige effect op de sterfte daalde echter na tien of meer jaren hormoongebruik, doordat na jarenlang hormoongebruik de kans op borstkanker toeneemt. Maar de sterfte ligt altijd nog 20% lager dan onder vrouwen die in het geheel geen hormoonsubstitutie gebruiken. Het dilemma is dat het gunstige effect alleen aantoonbaar was bij vrouwen die ten tijde van het onderzoek nog steeds hormonen gebruikten. Na stoppen ebt de werking snel weg (New England Journal of Medicine, 19 juni).

Het onderzoek biedt ook belangrijke gegevens over de combinatietherapie van oestrogeen hormoon met progesteron, tegenwoordig veel gebruikt om het stimulerend effect te compenseren dat oestrogeen op het baarmoederslijmvlies heeft (met een verhoogde kans op baarmoederkanker). Er is wel geopperd dat door het toegevoegde progesteron de beschermende werking van oestrogeen op het hart weer teniet zou worden gedaan. Daar waren echter bij de Nurses' Health Study geen aanwijzingen voor.

In een commentaar wijzen dr. Louise Brinton en dr. Catharine Schairer van het Amerikaanse National Cancer Institute er op dat vrouwen ook op andere manieren hun risico op hartziekte en osteoporose kunnen verminderen. Te denken valt aan flinke lichamelijke activiteit, waarvan recent bovendien is aangetoond dat die ook een gunstig effect heeft op de sterfte aan borstkanker.

Oestrogeensubstitie heeft trouwens nog andere voordelen. In de juni-aflevering van het tijdschrift Neurology schrijven medewerkers van het Amerikaanse National Institute on Aging dat oestrogeen de kans op een dementie door de ziekte van Alzheimer meer dan halveert.