Een gehaaste plakker, voortvarend aan het werk; Het bijzondere Vinius-album uit Rusland is gerestaureerd en wordt nu geëxposeerd in Amsterdam

Het 'Viniusalbum' is een van de weinige oude kunstalbums die nog intact zijn. Het Russische album, morsig met veel losse bladzijden, is de afgelopen tijd door Nederlandse en Russische restauratoren behoed voor verder verval. Nu is het vier dagen te zien in het Amsterdams Historisch Museum.

Het Viniusalbum zal van maandagmiddag 23 juni tot en met 27 juni worden geëxposeerd in het Amsterdams Historisch Museum. Er zijn foto's te zien van de inhoud en van het conserveringsproces. Elke dag wordt het album op een andere pagina opengelegd.

AMSTERDAM, 21 JUNI. In het Amsterdams Historisch Museum wordt volgende week een boek geëxposeerd dat niet zou hebben misstaan op een zeventiende-eeuws vanitasstilleven. Een morsige foliant in een leren band, met daarin enkele honderden bladzijden, sommige los, andere gevouwen en de meeste beplakt met een ratjetoe van tekeningen en prenten. Het ding zou samen met uitgeblazen kaarsen, een schedel en een zandloper voortreffelijk de vergankelijkheid kunnen symboliseren. Maar juist om dit merkwaardige papieren object uit de late zeventiende eeuw voor de verval te behoeden bevindt het zich in Nederland. Dit zogeheten Viniusalbum is eigendom van de Russische Academie van Wetenschappen in Sint Petersburg. Het is de afgelopen twee maanden door twee Russinnen, (een boekconservator en een papierrestaurator) in samenwerking met Nederlandse collega's bestudeerd en tegen verdere desintegratie behandeld.

Dat dit bijzondere album zich nu in Amsterdam bevindt is indirect een uitvloeisel van een samenwerkingsproject tussen het Amsterdams Historisch Museum en Russische cultuurhistorische onderzoekers. Dit project, gesubsidieerd door de Oosteuropa Commissie van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) richtte zich enerzijds op historisch en kunsthistorisch onderzoek. De Peter de Grote-tentoonstelling was daar een resultaat van. Anderzijds richtte het project zich op wederzijdse hulp en informatie-overdracht op het gebied van restauratietechnieken. In dat kader zijn in 1993 drie restauratrices van de Akademie van Wetenschappen een maand in Nederland geweest. Zij legden contacten met de Vereniging van Nederlandse papierrestauratoren en sindsdien is die relatie geïntensiveerd.

Bij het onderzoek voor de Peter de Grote-expositie stuitte men op dit Viniusalbum. In de literatuur stond het wel vermeld, maar het was nooit goed bestudeerd. Het bevat 170 tekeningen en prenten en is een van de zeer weinige oude kunstalbums die nog intact zijn. Doorgaans zijn dergelijke albums in de loop de jaren uit elkaar gehaald en vond de inhoud zijn weg naar prentenkabinetten. Het publiek is dan ook niet anders gewend dan dat papierkunst op tentoonstelling esthetisch wordt gepresenteerd, elke tekening in een op maat gesneden passe-partout van zuurvrij karton. Een groter contrast dan met dit album is niet denkbaar.

Andrej Vinius (1641-1717), naar wie dit album is genoemd, was de zoon van een tot Rus genaturaliseerde Amsterdamse koopman. Hij was bevriend met Peter de Grote en deelde diens belangstelling voor westerse kunst; hij bezat ook een grote bibliotheek. Na zijn dood kwam het album terecht in de bibliotheek van de Academie van Wetenschappen, die enkele jaren daarvoor door Peter de Grote was opgericht. Wie het album doorbladert wordt geconfronteerd met bladzijden die zijn volgeplakt met tekeningen en prenten. Een duidelijke ordening valt er niet in aan te wijzen. Er zitten Nederlandse en Italiaanse landschappen tussen, portretten, anatomische studies, bijbelse voorstellingen, Romeinse ruïnes, dierstudies, alles kriskras door elkaar geplaatst, sommige, omdat het beter paste, op hun kant. Er is geen sprake van een esthetische arrangering, of een thematische ordening. De prenten zijn voor een deel afkomstig uit boeken en atlassen. De meeste tekeningen zijn ongesigneerd en met de identificatie is men nog niet ver. Wel lijkt alles te dateren uit de tweede helft van de zeventiende eeuw. De kwaliteit is zeker niet van het hoogste niveau. Er zitten tientallen tekeningen in die van Jan Lievens of van diens zoon zijn. Eén tekening kon worden toegeschreven aan de onlangs herontdekte ontwerper van glasschilderingen Pieter Jansz. Verder heeft men een kopie herkend van een figuur die ook op een schilderij van Pieter Lastman voorkomt. Hooguit de serie bijbelse prenten vormt een eenheid. Bij sommige daarvan zijn de Latijnse onderschiften vertaald en er in het Russisch bijgeschreven. Het geheel is eerder het werk van een gehaaste plakker, van een amateur, dan van een behoedzaam verzamelaar. In ieder geval is er iemand voortvarend aan het werk geweest met lijm en schaar.

De komst van het album is niet zonder moeilijkheden verlopen. Toen de plannen klaar waren en het Prins Bernhardfonds subsidie had toegekend dienden zich talloze bureaucratische obstakels aan. In Rusland bestond een sterke oppositie tegen een reis van het album. Sommige onderzoekers waren beducht dat de Nederlanders met de wetenschappelijke eer zouden gaan strijken, anderen vonden het de Russische eer te na dat het werk zich in Nederland zou gaan afspelen, en daarbij speelde ook nog de verwarrende kwestie van al of niet terug te geven oorlogsbuit, waar dit album overigens niets mee van doen heeft. De zaak werd tot op het hoogste niveau uitgevochten, maar begin mei arriveerde het album dan eindelijk en sedertdien werken conservator oude boeken van de Russische Akademie van wetenschappen Elena Savelieva en restauratrice Anna Skliarskaja dagelijks aan het album.

Van een complete restauratie kan geen sprake zijn; daarvoor is de tijd te kort en ontbreekt het geld. Het album wordt ook niet uit elkaar genomen. Wel wordt de leren band door de Koninklijke Bibliotheek gerestaureerd. Slechts drie tekeningen en een prent zijn uit het album gehaald; hun toestand was zo slecht dat ze gerestaureerd moesten worden. Verder is het vooral een zaak van behoedzaam conserveren en het stoppen van verder verval, dat wil zeggen dat losse bladzijden worden vastgezet, scheuren gerepareerd, en omgevouwen bladen voorzichtig weer in de oorspronkelijke vorm worden gebracht. Het onderzoek zal in Rusland worden voortgezet.

Het unieke van het album is dat het laat zien hoe er destijds met prenten en tekeningen kon worden omgegaan. Niet als verheven, duur betaalde kunst, maar als plaatjes voor een plakalbum. Er is zelfs de suggestie gedaan dat dit album niet het werk is geweest van Andrej Vinius zelf, maar van diens zoontje.