Pseudoniemen

In de themabijlage 'Poëzie' van 12 juni suggereert Gerrit Komrij, dat de auteur van een onlangs verschenen debuut een vermomming van Marieke Jonkman is. De toon en de kwaliteit van de door hem geciteerde regel hadden hem voor deze uitglijder kunnen behoeden. Kwalijker is dat Komrij zich bedient van de term 'ontmaskerd mystificateur'.

Twee bezwaren heb ik daartegen. In de eerste plaats is Marieke Jonkman geen mystificatie; zij geeft stem aan de vrouwelijke zijde van mijn ziel, zoals Anton Ent de mannelijke kant vertegenwoordigt. In de tweede plaats is er van ontmaskering geen sprake geweest: in twee interviews (NRC Handelsblad, 26-11-1993 en Trouw, 25-11-1993) heb ik getracht duidelijk te maken hoe ingewikkeld mijn dichterschap in elkaar zit.

Hoe verder wij ons van deze publicaties verwijderen, hoe meer mensen mijn pseudoniemen associëren met mystificatie en bedrog. Sinds wanneer heet iemand met een pseudoniem een bedrieger? De gedichten van Marieke Jonkman zijn even authentiek als die van Anton Ent en hebben met vervalsingen niets uit te staan.