Prognose Planbureau: Islam tweede godsdienst in Nederland

RIJSWIJK, 19 JUNI. De islam kan in 2020 de tweede godsdienstige richting van Nederland zijn. Zeven procent van de bevolking hangt dan de islam aan. Daarmee staat deze religie dan onder de rooms-katholieken (10 procent) en boven de hervormden (4 procent) en de gereformeerden (3 procent).

Dit blijkt uit het vandaag gepubliceerde rapport 'Secularisatie en alternatieve zingeving' van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Volgens de onderzoekers J.W. Becker, J. de Hart en J. Mens staat vast dat de secularisatie (ontkerkelijking) van Nederland voortschrijdt, zij het in een lager tempo dan in de afgelopen decennia. De onderzoekers nemen aan dat in 2020 bijna driekwart (73 procent) van de bevolking buitenkerkelijk zal zijn.

De groeiende betekenis van de islam komt voort uit de dalende belangstelling voor andere godsdiensten: 20 procent van de bevolking is nu nog rooms-katholiek, 9 procent hervormd en 6 procent gereformeerd. Daarnaast groeit het aantal islamieten, dat nu nog op twee procent staat. De onderzoekers stippen de gevolgen van een groeiende islam-aanhang voor de Nederlandse samenleving slechts kort aan. Wel schrijven zij dat “eventuele schrikbeelden van een aan Nederland vijandige islamitisch-fundamentalistische kern in deze samenleving op zijn minst voorbarig zijn”. Ze verwijzen naar de assimilatie van onder meer Indische Nederlanders en Ambonezen in Nederland.

In hun rapport stellen de onderzoekers dat onder Nederlandse islamieten twee stromingen bestaan: een fundamentalistische, letterlijke interpretatie van de eigen godsdienst en een vrije interpretatie. Moslims met een hogere opleiding, een baan en een langere verblijfsduur in Nederland hangen vaker de vrijere stroming aan. De onderzoekers wijzen er wel op dat organisatie van islamieten kan leiden tot een “reeks van zuilen met een minimale omvang”.

Uit het onderzoek van het SCP blijkt dat kerkverlaters bijna nooit terugkeren naar de katholieke, hervormde of gereformeerde kerk. In de weinige gevallen dat zich zoiets voordoet, is dat meestal onder ouderen met een lagere opleiding het geval.

Ook is nagegaan of de afname van het christelijk denken en van het kerkelijk leven heeft geleid tot meer aandacht voor bijvoorbeeld alternatieve religies als New Age. Volgens de onderzoekers is dat niet het geval. Weliswaar oriënteert de Nederlandse bevolking zich op een breed scala van alternatieve bewegingen en 'paraculturele' onderwerpen (zoals homeopathie en yoga en in mindere mate astrologie, ufo's, handlijnkunde, reïncarnatie en geneeskrachtige stenen), maar vrijwel niemand lijkt zich daaraan langdurig te willen binden. Hoogopgeleiden en jongeren zijn het meest geïnteresseerd in paraculturele ideeën. Sympathie voor deze ideeën-wereld zou vooral in links-politieke kringen zijn te vinden.

Pagina 3: Secularisatie leidt niet tot 'radicale omwenteling'

Toch ziet circa zestig procent van de Nederlanders weinig of niets in alternatieve levensbeschouwelijke bewegingen. Zestien procent van de bevolking is wel betrokken bij alternatief geestelijk leven. Meer dan een kwart van de bevolking toont er enige interesse voor. Uit de interesse voor het alternatieve denken kan volgens de onderzoekers worden afgeleid dat “het vaarwel aan de kerken tot een speurtocht naar een vervangende levensbeschouwing” leidt, maar van een “radicale culturele omwenteling” zou geen sprake zijn.

In het Westen zouden meer dan drieduizend nieuwe religieuze bewegingen voorkomen, maar per beweging gaat het slechts om kleine aantallen actieve deelnemers. Het gaat om een “dun bevolkte archipel van zeer vele eilandjes die in voortdurend stammenoorlogen zijn verwikkeld”, aldus de SCP-onderzoekers.

Gaat het om 'specifiek New Age-gedachtengoed' in Nederland, dan zouden er circa tweehonderd centra zijn - vooral in regio's met een hoog percentage buitenkerkelijken. De diverse alternatieve zingevingsbewegingen worden in het rapport naar hun signatuur onderscheiden. Tot de christelijke alternatieven worden bijvoorbeeld de Pinksterbeweging, Youth for Christ, de Jehova's Getuigen en de Mormonen gerekend. Daarnaast zijn er alternatieve bewegingen van 'oosterse snit' (Hare Krishna, Bhagwan, TM en theosofie). Tot andere andere alternatieve groepen worden onder meer de Vrijmetselarij, de Scientology, De Kleine Aarde, de antroposofie en het Humanistisch Verbond gerekend.

De ledenaantallen van deze bewegingen zijn volgens het SCP-rapport in het algemeen “laag tot zeer laag”. Alleen de Pinksterbeweging en de Jehova's Getuigen hebben nog vrij veel volgelingen. Van de zeventien alternatieve bewegingen in het rapport, is er bij acht sprake van een groei, bij zes van stabiliteit en bij drie waarschijnlijk van een verminderde aanhang. Er kan dus, staat in het rapport, niet geconcludeerd worden dat naarmate de gevestigde religie aanhang verliest, die van alternatieve bewegingen toeneemt.

Hetzelfde geldt voor alternatieve tijdschriften. Elf alternatieve bladen hebben een gezamenlijke oplage van ongeveer 150.000 exemplaren per maand, maar één tijdschrift over wonen (VT Wonen) heeft al een grotere oplage. Ook is er weinig belangstelling voor radio- en tv-programma's over alternatieve zingeving.