Onderzoek naar zelfmoord van vrouw

ZWOLLE, 18 JUNI. De rijksrecherche stelt een onderzoek in naar de zelfmoord van een vrouw uit Arnhem, afgelopen vrijdag in het huis van bewaring in Zwolle. De vrouw hing zich op nadat ze te horen had gekregen dat de rechtbank in Den Haag haar eis had afgewezen om versneld aan tbs-verpleging te kunnen beginnen.

De vrouw was op 10 december vorig jaar door de rechtbank in Arnhem veroordeeld tot een gevangenisstraf van dertig maanden en tbs met verpleging wegens het wurgen van haar vierjarige gehandicapte zoontje. Dat gebeurde op 26 mei in de badkamer van haar woning in de wijk Klarendal. In een daad van wanhoop liet ze het kind stikken, legde het op zijn eigen bed en stak een aantal kaarsen aan. Vervolgens belde ze de politie. Ze verklaarde later dat ze wist wat ze deed, het niet wilde, maar toch niet kon stoppen.

Deskundigen van het Pieter Baan Centrum in Utrecht kwamen tot de conclusie dat de vrouw aan ernstige persoonlijkheidsstoornissen leed en sterk verminderd toerekeningsvatbaar was. De Arnhemse was al eerder psychiatrisch verpleegd en had ook al enkele pogingen tot zelfmoord ondernomen.

Mede op grond van een rapport van de districts-psychiater besloot de rechtbank in Den Haag afgelopen vrijdag, in een kort geding dat de vrouw tegen de staat had aangespannen, niet in te gaan op de eis van de vrouw direct te worden opgenomen in een tbs-inrichting. De rechtbank achtte zich bovendien niet bevoegd te oordelen over vervroegde plaatsingen in een tbs-kliniek.

De rechtbank in Arnhem had bepaald dat de vrouw zo snel mogelijk moest worden opgenomen om te worden behandeld. De rijksrecherche zal naar verwachting enkele weken nodig hebben om over de gang van zaken duidelijkheid te krijgen.