Liever een harde gulden dan een zachte euro

Rick van der Ploeg heeft gisteren op deze pagina betoogd dat de Economische en Monetaire Unie (EMU) tegen elke prijs op 1 januari 1999 van start moet gaan. Uitstel zou voor Nederland catastrofale gevolgen hebben. Daarom mag soepel met de criteria worden omgegaan: zelfs een land met een tekort van 3,5 procent wordt door Van der Ploeg welkom geheten.

Voor de vele Nederlanders die zich zorgen maken over de kwaliteit van de euro heeft de PvdA-er geen goed woord over. De VVD, die voor een strikte handhaving van de EMU-criteria pleit, “heeft geen bal van economie begrepen”. Het is “een gotspe” dat de VVD andere Europese lid-staten van 'sjoemelen' beticht. En omdat deze partij aarzelingen heeft over mogelijk lidmaatschap van Italië, heeft zij last van “spaghettifobie”.

Met uitlatingen van dit allooi heeft Van der Ploeg inmiddels een reputatie verworven waar hij misschien trots op is. Desondanks slaagt hij er niet in op inhoudelijke gronden te overtuigen. Eigenlijk vindt Van der Ploeg het tekort-criterium van 3 procent maar grote onzin. Naar zijn mening kan een groot financieringstekort zelfs gunstig zijn voor een munt: “Hogere tekorten stuwen de rente omhoog. De grotere vraag naar euro's maakt de euro dan sterker, niet zwakker”.

Dit is een economische redenering die de Nobelprijs verdient. Maar als ik het goed heb, betaalt de burger voor die sterke munt dan wel een hoge rente. En nu hebben we een ijzersterke gulden met een zeer lage rente. De Nederlandse huizenbezitter kan een twintigjarige hypotheek tegen een vaste rente van 6,9 procent afsluiten. Nergens in het door Van der Ploeg zo bejubelde Zuid-Europa kan een bank een dergelijke lening bieden. In Nederland hebben wij die lage rente door decennia van monetaire degelijkheid afgedwongen.

Hoe kunnen we er zeker van zijn dat in ook in de EMU rente en inflatie zo laag zullen zijn? Het Verdrag van Maastricht biedt daartoe een aantal waarborgen. De eerste is de onafhankelijkheid van de Europese Centrale Bank. Maar die onafhankelijkheid wordt onophoudelijk door Frankrijk betwist, gesteund door de zuidelijke lidstaten.

Het wordt voor de Europese Centrale Bank dus een hele klus haar positie te bevechten. Daarnaast zijn er de EMU-criteria met betrekking tot financieringstekort en staatsschuld. Die zijn nodig om het vertrouwen te scheppen waarvan elke munt uiteindelijk afhankelijk is.

Iedereen kan zien dat het met de naleving van die criteria niet goed gaat. De Franse overheid heeft pensioenfondsen ingelijfd om aan de criteria te voldoen. Maar zelfs ondanks deze noodgreep dreigt Frankrijk ruim boven de 3,5 procent uit te komen. En premier Jospin heeft aangekondigd geen franc extra voor de EMU te willen bezuinigen. Duitsland heeft - naast een te hoog tekort - ook nog eens last van een stijgende staatsschuld, waarvoor het Verdrag van Maastricht zelfs geen interpretatieruimte biedt. Ook daar dreigde de minister van Financiën een noodgreep te doen, en wel in de goudvoorraden van de Bundesbank.

In heel Europa heeft dit de geloofwaardigheid van Duitsland ernstig aangetast, behalve natuurlijk bij de heer Van der Ploeg. Ondertussen lacht Italië in zijn vuistje. Duitsland en Frankrijk zijn chantabel geworden en daar zal Italië gretig gebruik van maken.

Van der Ploeg vindt dit alles geen probleem. Maar de financiële markten denken er minder positief over. De recente stijging van de waarde van de dollar en het Engelse pond tekenen het afnemende vertrouwen in de hardheid van de euro.

De ING Bank vreest voor een zwakke euro omdat mogelijk Italië vanaf het begin mee zal doen. De RABO Bank voorziet op de korte termijn een stijging van de rente in Nederland. Toen Zweden verleden week besloot niet aan de EMU mee te doen, ging de waarde van de Zweedse kroon omhoog! Het grenzeloze vertrouwen van Van der Ploeg in de hardheid van de euro wordt door de markten duidelijk niet gedeeld.

Voor landen als Italië, Spanje en Portugal is een zwakke euro nog altijd veel beter dan de zwakke munten die zij nu hebben. Maar voor Nederland staat een buitengewoon solide monetaire reputatie op het spel. Daarom is het zo belangrijk dat wij onze huid zo duur mogelijk verkopen. Als wij al bij het toelatingsexamen tot de EMU een oogje dichtdoen, kunnen wij de budgettaire discispline na 1999 natuurlijk schudden, stabiliteitspact of geen stabiliteitspact.

De EMU is een te groot avontuur om van meet af aan te spotten met de meest elementaire afspraken. Politici die daartoe wel uitnodigen - zoals van der Ploeg - gaan lichtzinnig met Nederlandse belangen om.

Als een strikte naleving van de EMU-criteria niet mogelijk is, kiest de VVD voor uitstel. Wij erkennen dat aan uitstel risico's en kosten kleven. Maar die kunnen ook worden overdreven, zoals Van der Ploeg doet. Natuurlijk zal uitstel het politiek momentum van Europa verzwakken. Maar daar valt na de schamele top van Amsterdam toch al niet veel van te verwachten. En de bewering dat Europa politiek en economisch zo ongeveer uit elkaar zal vallen, is zwaar overtrokken.

Als Van der Ploeg ten slotte beweert dat de euro onmisbaar is voor de bestrijding van de milieuvervuiling in Europa, kan hij moeilijk serieus genomen worden. Ik dacht dat zelfs de PvdA inmiddels het naïeve 'alle-heil-van-Europa'-geloof had verlaten.

Gelukkig is er in de PvdA een ander persoon die wat nuchterder over het EMU-dossier denkt en dat is premier Kok. Kok heeft in de Tweede Kamer zwart op wit gezegd dat indien hij moest kiezen tussen overtreding van de EMU-criteria of uitstel, hij zou kiezen voor uitstel van de EMU.

Ook heeft Kok tot twee keer toe in de Tweede Kamer gezegd dat er wat hem betreft geen sprake van kan zijn dat landen die niet strikt aan de 3 procentsnorm voldoen tot de EMU worden toegelaten. “Drie procent is drie procent”, zo zei Kok de heer Waigel na. Van der Ploeg zal welvan mening zijn dat dat Kok “geen bal verstand” heeft van economie, want anders zou de premier de VVD immers niet bijvallen.

Misschien dat professor Van der Ploeg via economische bijscholing de premier nog op andere gedachten kan brengen. De VVD gaat er echter vanuit dat premier Kok meent wat hij heeft gezegd en dat hij aan zijn standpunt zal vasthouden.

Een strikte naleving van de EMU-criteria is de beste garantie voor een keiharde munt. En met minder mag Nederland geen genoegen nemen.