Rechter buigt zich over geschil merkregistratie

Het bedrijf Bio Claire en het Benelux Merkenbureau troffen elkaar gisteren voor het gerechtshof in Den Haag. Hun principiële geschil moet duidelijk maken of verwijzende merken nog zijn toegestaan. Het merkenbureau vindt dat ondernemers op zoek moeten naar originelere vondsten.

DEN HAAG, 17 JUNI. Beschouwt het publiek de naam Bio Claire slechts als een beschrijving van een product of ziet men er misschien toch een merk in? Dat was in essentie de vraag die het gerechtshof in Den Haag gistermiddag kreeg voorgelegd.

Eisende partij in een verzoekschriftprocedure voor het Haagse hof was het Britse bedrijf Bio Claire International. De onderneming had enige tijd geleden bij het Benelux Merkenbureau in Den Haag een aanvraag tot merkregistratie ingediend voor de naam Bio Claire, als merk voor een biologische stof voor het helder maken van water in vijvers. Het Merkenbureau weigerde echter het merk in te schrijven omdat het meende dat het zuiver beschrijvend is voor het soort product.

'Bio' is een algemeen gebruikte verwijzing naar 'biologisch' en 'Claire' betekent in het Frans niets anders dan 'helder', zo redeneert het Merkenbureau. En daarmee ontbrak het voor registratie vereiste onderscheidend vermogen.

Bio Claire is niet het eerste merk dat het register niet inkomt. Sinds 1 januari 1996, de datum waarop het Benelux Merkenbureau de bevoegdheid kreeg merken te weigeren, is ruw geschat een kleine drieduizend merken de toegang tot het register ontzegd. Dit komt neer op ongeveer 7 procent van alle aanvragen.

Begin van deze maand publiceerde het Benelux Merkenbureau een overzicht met de eerste geweigerde merken. In de lijst vinden we merken terug als 'Campingtour' voor reizen, 'Bank & Bedrijf' voor een bank, 'Bumper Repair Systems' voor bumperreparaties, 'Maatsteunzool' voor steunzolen en 'Bel Kaart' voor een telefoonkaart.

Stuk voor stuk merken die volgens het Merkenbureau dermate beschrijvend zijn dat het vereiste onderscheidend vermogen ontbreekt. De consument zal ze niet als merk herkennen en een merkenrechtelijk monopolie is daarom niet gewenst.

Wie het niet eens is met de beslissing van het Merkenbureau kan trachten het bureau alsnog op andere gedachten te brengen. Lukt dit niet, dan staat hem nog slechts één weg open: beroep bij het Gerechtshof in Den Haag. Bio Claire was gisteren de eerste 'merkhouder' die deze stap zette.

Volgens Bio Claire paste het Merkenbureau de regels verkeerd toe. Immers, alleen de merken die geen enkel onderscheidend vermogen bezitten mogen volgens de wet geweigerd worden. Is er ook maar een heel klein beetje onderscheidend vermogen, dan moet het merk worden ingeschreven, aldus Bio Claire.

Bio Claire beriep zich hierbij onder meer op het zogeheten Kinder-arrest van het Benelux Gerechtshof. Daarin werd bepaald dat het woord 'Kinder' een geldig merk kon zijn voor chocolade, ook al verwees het naar een deel van de consumenten (kinderen) van het product.

Ook Bio Claire bezit met de bestanddelen Bio en Claire verwijzende elementen. De combinatie is echter verrassend genoeg om merk te zijn, aldus Bio Claire.

Het Benelux Merkenbureau vroeg zich af of het Kinder-arrest nog wel een deugdelijk baken was. Volgens het bureau moest vooral worden gekeken naar de Europese Merkenrichtlijn uit 1988, die wat strengere normen lijkt aan te leggen voor het begrip onderscheidend vermogen. En kijken we in de landen om ons heen, die toch allemaal hun merkenwetten hebben ingericht op basis van dezelfde Richtlijn, dan zijn wij helemaal zo streng nog niet, betoogde het Merkenbureau.

Zo werd onlangs in Duitsland het merk 'While You Wait' voor zwangerschapskleding als merk geweigerd en kreeg in Engeland het merk 'Thank You' voor chocolade geen bescherming. Dat zal bij ons nooit gebeuren, aldus het bureau.

Het gerechtshof in Den Haag doet op maandag 7 juli uitspraak.