PTT Telecom; Hectische tijden

PTT Telecom beleeft al enkele jaren hectische tijden. De liberalisering van de Europese telecommarkt heeft een reeks concurrenten naar PTT's thuismarkt gevoerd - concurrenten die allemaal bereid zijn het steeds lastiger consumenten met lagere tarieven en betere dienstverlening naar de zin te maken.

En de slag om de thuismarkt is niet de enige die PTT Telecom moet voeren. Het telecombedrijf dient ook in het buitenland een positie te verwerven, anders dreigt het wegens onvoldoende schaaalgrootte de oorlog alsnog te verliezen.

De sterke groei van de telecommarkt (tien procent per jaar op wereldniveau) heeft PTT Telecom de laatste jaren geen windeieren gelegd. Sinds de verzelfstandiging van KPN in 1994 is de omzet van PTT Telecom gestegen van 9 miljard gulden naar 14,3 miljard gulden omzet. Het grootste deel van de omzet in 1996 wordt geboekt in nationale telefonie (46 procent), gevolgd door internationale telefonie (15 procent) en mobiele telecommunicatie (13 procent). Vooral bij internationale telefonie ondervindt PTT Telecom de druk van concurrenten: het marktaandeel daalt, tegelijk met de tarieven.

Per 1 juli verliest PTT Telecom het alleenrecht op het aanbieden van spraaktelefonie over vaste lijnen; mobiel telefoneren is al langer vrijgegeven voor concurrentie. Om de afkalving van de thuismarkt te compenseren zoekt PTT Telecom al jaren actief naar mogelijkheden om in het buitenland positie te verwerven.

Zo nam het bedrijf in 1992 mede het initiatief voor Unisource, waarin het samenwerkt met het Zweedse Telia en Swiss Telecom. Tegenvaller was dat de Spaanse partner, Télefonica, onlangs uit Unisource stapte. Unisource en het Amerikaanse AT&T kondigden vorig jaar aan hun samenwerking uit te breiden. Via Unisource Carrier Services willen de partners hun internationale telefonie bundelen. PTT Telecom verwierf in de afgelopen jaren belangen in onder meer Oekraïne, Tsjechië, Indonesië en Ierland, waarop vorig jaar nog verlies werd geleden.