Kritiek OM op Sorgdrager in balpenzaak

DEN HAAG, 17 JUNI. De officieren van justitie verantwoordelijk voor de criminele inlichtingendiensten bij de politie vinden dat minister Sorgdrager (Justitie) onaanvaardbaar streng is opgetreden tegen hun collega officier van justitie C. van der Voort.

In een vergadering afgelopen donderdag in Den Haag hebben ze het op non-actief stellen van hun Haagse collega door Sorgdrager als onacceptabel en procedureel onjuist veroordeeld. Van der Voort kreeg van Sorgdrager twee weken geleden te horen dat hij zich niet meer op het parket mag vertonen in afwachting van een onderzoek naar zijn rol bij het vernietigen van politiedossiers in de zogeheten balpenmoord-zaak.

Met name de CID-officieren van justitie van Haarlem (Snijders), Amsterdam (Teeven), Dordrecht (Berserik) en Breda (Varekamp) hebben het tijdens een vergadering in Den Haag opgenomen voor Van der Voort. Ze achten het onacceptabel dat hun op non-actief gestelde collega publiekelijk door de minister is afgebrand, terwijl een onderzoek van de rijksrecherche nog duidelijkheid moet brengen over de vraag of Van der Voort werkelijk verwijten zijn te maken.

De officier van justitie is op non-actief gesteld omdat hij zich niet nadrukkelijk distantieerde van een voornemen van de politie om CID-dossiers in de balpenmoord-zaak te vernietigen. De politie wilde om informanten te beschermen dossiers vernietigen, hoewel het gerechtshof had bepaald dat deze stukken ter inzage van de rechtbank moesten worden gegeven. Dit besluit was een gevolg van een procedure die de familie van de vrijgesproken verdachte had aangespannen om inzage in het materiaal te kunnen krijgen. Sorgdrager noemde dit in een brief aan de Tweede Kamer een “zeer ernstig incident en een persoonlijke fout van de betrokkenen”.

De collega's van Van der Voort vinden dat hij ten onrechte wordt aangepakt voor een zaak waarvoor hij formeel geen verantwoordelijkheid draagt. De korpsbeheerder draagt het beheer over de CID-registers. Ze vinden de disciplinaire actie van Sorgdrager zwaar overdreven. De minister miskent volgens de magistraten de aard van het werk van de CID-officieren, die naar eigen zeggen voortdurend beslissingen moeten nemen die later mogelijk als onjuist kunnen worden beoordeeld.

“Het is een politieke maatregel die Sorgdrager neemt, omdat haar tot nu toe wordt verweten te laks op te treden tegen falende officieren van justitie”, aldus een van de op de vergadering aanwezige officieren van justitie. “Sorgdrager meet met twee maten. De Groningse officier van justitie Van Capelle gebeurt niets, terwijl hij in de zaak Lancee (de wachtmeester die ten onrechte voor incest werd vervolgd, red.) pas echt heeft geblunderd”, aldus een andere aanwezige.

De critici van Sorgdrager hebben de vergadering van CID-officieren van justitie niet bereid gevonden hun minister schriftelijk van het ongenoegen op de hoogte te stellen. De voorzitter van de vergadering, de officier van justitie F. de Groot uit Rotterdam, heeft naar verluidt een dergelijk protest afgeraden om tactische redenen. Hij is bang dat protesteren bij de minister uiteindelijk in het nadeel van Van der Voort zal uitpakken.

De rijksrecherche houdt deze week de laatste verhoren in het onderzoek naar het handelen van Van der Voort en twee politieagenten van de regio Hollands Midden. De verwachting is dat Sorgdrager volgende week conclusies zal trekken. Voor die periode wordt Van der Voort, die belast was met de voorbereiding van de dagvaarding van de Surinaamse ex-legerleider Bouterse, door een collega vervangen.