Heerlijk Brits genieten

The Ice House, Ned.3, 20.42-21.37u.

Liefhebbers van mooie Engelse televisieseries naar klassieke Engelse whodunnits moeten hun kijkgewoontes de komende weken bijstellen. Naast de late zondagavond waarop de KRO ons tracteert op Dalgliesh, Wexford en nu Frost, is de komende drie dinsdagen de BBC-bewerking van Minette Walters' eerste roman The Ice House bij de VARA te zien. Helaas is de drie uur durende film verknipt en ingekort tot drie maal vijftig minuten. Maar er blijft genoeg over om ons te verheugen. The Ice House begint meteen al goed. Drie dames zitten op het zonnige terras van hun landhuis op hun vrije middag wat te lezen. Plezierige dames, thee bij de hand, lommerrijk park, schitterend huis, kleurrijke rozen. Het leven kon niet beter, zou je denken. Maar langzaamaan ontrolt zich een hel, in de film verbeeld door zwart-witte flash backs. Streech Grange blijkt een gevangenis of liever gezegd: een vesting te zijn. “Het verschil tussen een gevangenis en een vesting is dat in het laatste geval de sloten van de binnenzijde af worden dichtgemaakt”, verklaart de gesloten, treurige vrouw die de huishouding bestiert tegenover een jonge politie-agent. Ze heeft, blijkt naderhand, een gevangenisstraf uitgezeten wegens moord.

Het is haar echtgenoot, de tuinman, die aan het begin van de film de terras-idylle verstoort. Hij komt aangerend en meldt dat hij in het oude ijshuis achterin het park een lijk heeft gevonden. Het lijk is aangevreten door de hond die zich vergenoegd kwispelend de bek nog maar eens aflikt. De plaatselijke inspecteur van politie, Walsh, is al even blij met het lichaam: al tien jaar lang verdenkt hij de bezitster van het huis, Phoebe Maybury, van moord op haar echtgenoot. Phoebe echter (geacteerd met precies de juiste mix van kwetsbaarheid, wanhoop en taaie vastberadenheid) houdt vol dat deze bruut, die haar mishandelde en haar geld verbraste, op een dag simpelweg is vertrokken. En tot frustratie van Walsh heeft hij diens lichaam inderdaad nooit weten te vinden.

Eindelijk gerechtigheid, denkt de inspecteur dus, en wraak bovendien, want als male chauvinist is hij al die jaren nooit opgehouden zich intens vernederd te voelen door zijn nederlaag tegenover deze goed opgeleide, aantrekkelijke en zelfbewuste vrouw en haar dito vriendinnen.

De vijandigheid van de inwoners van het dorp waar Streech Grange gelegen is, speelt in het verhaal een belangrijke rol. De in de pub rondhangende dorpelingen verdenken Phoebe niet alleen van de moord op haar man, maar menen dat haar ouders eveneens door haar toedoen zijn omgekomen. Men is er met Walsh van overtuigd dat de drie geheimzinnige vrouwen een lesbisch trio vormen, of zelfs heksen zijn. Wat in Walsh' ogen ook verklaart waarom het lijk geen genitaliën heeft.

En ze hebben goede gronden voor hun ideeën. Want waarom heeft Phoebe zo'n luguber paar moordenaars in dienst? En waarom mogen haar kinderen per se niet worden ondervraagd, kinderen over wie moeders twee vriendinnen bovendien de voogdij blijken uit te oefenen? En waarom anders dan om een heftige liefdesrelatie zou een succesvolle investigative journalist als Anne Cattrell, een feministische lefty bovendien, Londen verlaten en zich opsluiten in een oord als dit?

Met zijn klassieke ingrediënten als een landhuis, pub en plattegronden behoort The Ice House, Minette Walters' eerste detectiveroman, tot het genre van de traditionele whodunnit. Het boek, dat in 1992 verscheen, was direct een bestseller, en datzelfde gebeurde met de vier vuistdikke romans die hierna volgden. Mooie, spannende verhalen allemaal, met interessante levensechte hoofdpersonen. In het najaar wacht ons de televisiebewerking van Walters' fascinerend-enge verhaal The Sculptress. Ook dat belooft veel kijkplezier.