Delegatieproces

In het artikel 'Defensie: top luchtmacht niet schuldig aan ramp' (NRC Handelsblad, 11 juni) staat een uitspraak van minister Voorhoeve, namelijk: “De top van de luchtmacht is... niet aansprakelijk omdat het om gedelegeerde verantwoordelijkheid gaat”.

In het delegatieproces dat noodgedwongen in elke organisatie plaatsvindt kunnen uitsluitend (1) taken en (2) bevoegdheden worden gedelegeerd. Verantwoordelijkheid kan nooit worden gedelegeerd. De aanvaarding van een taak (op grond van omschreven richtlijnen en verlenen van daarbij behorende bevoegdheden) door de uitvoerder schept voor hem de verantwoordelijkheid deze naar beste kunnen uit te voeren. Dit fundamentele uitgangspunt werd in 1961 al neergelegd in het standaardwerk van dr. H.J. van de Schroeff 'Leiding en organisatie van het bedrijf'. Daar wordt dit, vandaag de dag nog steeds actuele, grondbeginsel op onnavolgbare wijze toegelicht.

In deze visie is dus 'de top van de luchtmacht' zonder meer primair verantwoordelijk en een (gedeeltelijke) décharge zou alleen maar kunnen voortkomen uit het feit dat de overgedragen taken en bevoegdheden op deze mogelijke situatie waren afgestemd, en waarbij op de uitvoering aanmerkingen zijn te maken.

Een uitspraak door een 'verantwoordelijke minister' zoals hier aan de orde is, geeft een, althans voor mij, opmerkelijk beeld van het denken over verantwoordelijkheid binnen politiek en overheid.