Werk en EMU (2)

In zijn artikel 'Europa bloedt in achterkamertjes dood' (NRC Handelsblad, 11 juni) stelt A. Brenninkmeijer dat de kapitaalmarkt te veel aandacht krijgt tegen een te geringe aandacht voor sociale problemen als armoede en uitsluiting. Het Europese bestuur zou minder technocratisch moeten zijn. Het democratisch tekort zou flink moeten worden aangepakt.

Voorstanders van Europese integratie wijzen op de toename in welvaart wanneer ieder datgene produceert waar hij goed in is. Een open Europa zal een welvarender Europa zijn. De stabilisatie van de wisselkoersen, zoals nodig in de aanloop naar een monetarie unie, heeft echter een aantal kwalijke bijverschijnselen veroorzaakt.

De nationale overheden zitten opgescheept met een blokkering in het gebruik van een aantal beleidsinstrumenten. Een voorbeeld is de Nederlandse kapitaalmarkt met een irreëel hoge verhouding tussen koers en winst of met sterk opgevoerde prijzen op de woningmarkt. Deze luchtbel-verschijnselen vragen om een hogere rente, die echter niet kan worden doorgevoerd. De wisselkoers met de Duitse mark mag immers niet worden aangetast. Een tweede voorbeeld van onvermogen is de arbeidsmarkt, die vraagt om lagere brutoprijzen voor de arbeid. Onlangs wees E. Bomhoff in deze krant op een toeslagensysteem in Amerika. Ook het ontlasten van de arbeid tegen hogere lasten op toegevoegde waarde (produktiebelasting) is een alternatief. Toch gebeurt er al twee decennia amper iets in Europees verband, alle plichtmatige uitlatingen van politici ten spijt. De fixatie op de EMU drukt zulke gedachten kennelijk achter de horizon van de beleidsmakers. Met zijn sociale problemen zit Europa er lelijk naast.

Het is de vraag hoe lang de Europese trein nog kan rijden voordat de sociaal uitgeslotenen hem doen stoppen. Het rumoer rond Vilvoorde kan wel eens de voorbode zijn van veel grotere onrust. De onderklasse zal zeker niet de details van de Europese besluitvorming kennen of begrijpen. Maar dat er in het Europese beleid rond arbeidsmarkt en sociale uitsluiting een grote blinde vlek bestaat, ervaart ze dagelijks. Waarom afgewacht tot de vlam in de pan slaat?