Kagel richt zich nu op de melancholie

Concerten: Radio Kamerorkest o.l.v. Tan Dun. Werken van Niimi, Dun, Cage en Kagel. Gehoord: 13/6 Beurs van Berlage Amsterdam. M. Kagel: Playback Play, Nah und Fern. Gehoord: 15/6 Planetarium A'dam.

Nah und Fern - 'dichtbij en veraf' - luidt de titel van een bandcompositie van Mauricio Kagel. Het is een 'Radiostück für Glocken und Trompeten mit Hintergrund' op basis van onder meer een achttal Melodieën en Carillons, zondagavond afgespeeld in het Artis-Planetarium. Het riep op vaderdag een angstherinnering op: bij een bezoek aan de Utrechtse Domkerk - waar Kagel het materiaal voor zijn 'klankfotografie' vergaarde - zag ik een vader hoog op de trans met zijn fototoestel in de weer. “Houd je stevig vast” riep hij naar zijn zoon, die hij op de rand had geplaatst: een bloedstollende demonstratie van 'dichtbij en veraf'.

Bloedstollend is ook Kagels Finale, een hoogtepunt op het concert door het Radio Kamerorkest vrijdagavond in de Beurs van Berlage. Wie Aus Deutschland onderging, weet dat Kagel iets heeft met de dood. In Finale, een reeks variaties op het definitieve einde, suggereert de dirigent een hartaanval. En al eerder, in Atem ligt de soloblazer aan het eind van de compositie uitgeteld op de grond. De rol is basklarinetist Harry Sparnaay op het lijf geschreven, hij won er de Gaudeamus Vertolkersprijs mee.

Vrijdag kreeg de kwikzilverachtige componist-dirigent Tan Dun de gelegenheid om neer te zijgen, maar Kagel stak daar een stokje voor en nam liever zelf de dirigeerstaf ter hand. Sterker, de gehele act, waarbij de musici nieuwsgierig opstaan om zich al spelend over het slachtoffer te buigen, verviel. Kagel concentreert zich steeds meer op min of meer abstracte grote werken waarin het burleske element heeft plaatsgemaakt voor een sceptisch-melancholieke gevoeligheid.

Tan Duns muziek is mij dit keer niet meegevallen. In 1987 brak hij door met het ongehoord opwindende On Taoism. Het hoge niveau werd min of meer bevestigd in de rituele opera's Nine Songs en het vorig jaar in het festival gepresenteerd muziektheater Marco Polo, al slopen daar ook wat gemakzuchtiger passages in. Zijn nieuwe compositie Intercourse of Fire and Water: Yi 1, de eerste compositie uit een cyclus Yi (verandering-cyclus) biedt de weerslag van zijn recente Amerikaanse periode. Het gaat om een recycling van vroeger materiaal zoals fragmenten uit Eight Colors, In Distance, Silk Road en genoemd Marco Polo, als symbool voor de muzikale reis die hij sinds 1986 maakte na van China te zijn verhuisd naar New York City. In de motorische puls is het alsof stadsgeluiden een open raam binnenwaaien al is het realiteitsgehalte uiteraard veel minder groot dan bij de opnamen van het verkeer rond de Dom die Kagel vastlegde. Wanneer die puls verdwijnt en een cello-solo zich doet gelden ( een superieure bijdrage van cellist Anssi Karttuner waarbij ook de onvoorwaardelijke inzet van het Radio Kamerorkest zeker moet worden genoemd) verdwijnt de magie en vallen opeens ook minder geslaagde timbre-combinaties op. Ben ik nu uitgekeken op Duns effecten of is hij hier wat aan het freewheelen? Ik denk toch het laatste, want door het begin voelde ik me wel degelijk 'overmeesterd'.

Bij Kagel stuit je steeds op onverhoedse details, zoals in de tonen van de piano, geplaatst tegen een zowel weelderige als subtiele orkestlaag in een aankondiging van het Dies irae. Het zijn maar enkele noten, heel precies. Dat herinnert aan Cesare Pavese: “De enige manier om aan de afgrond te ontsnappen is ze exact te bestuderen en op te meten.”