Aken enthousiast over Gaaikema-musical

Voorstelling: Catharine, musical van Seth Gaaikema en Klaas van Dijk, door het Theater Aachen. Regie: Elmar Ottenthal. Gezien: 14/6 in het Theater, Aken. Aldaar t/m 14/9. Inl. 0049-241-1802929.

Toen de Amsterdamse Stadsschouwburg in 1894 de deuren weer opende, nadat een brand het vorige gebouw in de as had gelegd, zag het toegestroomde publiek hoe de gevierde actrice Theo Mann-Bouwmeester en haar broer Louis Bouwmeester de sterren van de hemel speelden in een luxueus gemonteerde productie van het blijspel Madame Sans-Gêne van Victorien Sardou, dat een jaar eerder in Parijs in première was gegaan met de grote Sarah Bernhardt in de titelrol. De voorstelling werd in een euforische stemming ontvangen. “Het scheen of met dit stuk ook een nieuwere geest in de artiesten en in het repertoire zou varen,” schreef het Nieuws van den Dag dan ook.

Een zelfde soort optimistische opwinding lijkt zich nu, ruim honderd jaar later, meester te hebben gemaakt van Aken. Daar, in het negentiende-eeuwse, neo-classisistische operatheater, ging zaterdagavond de musical Catharine in première - als eerste van een reeks eigen producties waarmee Generalintendant en regisseur Elmar Ottenthal de komende jaren extra inkomsten wil verwerven voor zijn door subsidieperikelen beknotte opera-programmering. Voortaan zal hij elke zomer een nieuwe musical ensceneren, die vervolgens honderd keer wordt gespeeld. Als de zaal elke avond is uitverkocht, levert dat per zomer drie miljoen mark op - en nog méér indien de voorstellingsrechten daarna aan andere producenten zouden worden verkocht.

Catharine, een vrije bewerking van Madame Sans-Gêne, is geschreven door Seth Gaaikema en Klaas van Dijk, die via een wederzijdse kennis met Ottenthal in contact kwamen nadat hun door Joop van den Ende bestelde musical-versie van De drie musketiers op de plank was blijven liggen. De hoofdrolspeelster, Maya Hakvoort, komt eveneens uit Nederland, maar zij is in het Duitstalige gebied veel bekender dan hier - vooral sinds haar hoofdrol in de musical Elisabeth in Wenen. En ook dirigent Harry Koning is een Nederlander die tot dusver voornamelijk over de grens actief is geweest.

Sardou baseerde zijn komedie op de ware geschiedenis van de Parijse wasvrouw Catharine Maréchal die door haar huwelijk met een ambitieuze korporaal aan het keizerlijke hof belandde, maar als enige in die kringen nooit haar proletarische afkomst verloochende en sans gêne haar mondje bleef roeren. Zelfs in het gezelschap van Napoleon sprak ze vrijuit. In de musical-bewerking heeft Gaaikema haar tot een vrijheidsheldin gemaakt, die al in haar wasserij partij kiest voor de revolutionairen; de Dreck die daar volgens het openingslied wordt verwijderd, verwijst ook naar het ancien régime. Maar ook na de omwenteling blijft zij de vrouw die de mannen met hun macho-machtsdenken ter verantwoording roept: “Stur geht ihr Männer euren Weg...”

In dramaturgisch opzicht blijkt Gaaikema heel wat te hebben opgestoken van de grote musicals die hij in het Nederlands heeft vertaald. Hij schreef pakkende scènes (de entree van de korporaal in de wasserij, de breiende vrouwen op het plein die niet alleen hun steken tellen, maar ook de koppen onder de guillotine) en compacte liedteksten, die in het Duits werden omgezet door Thomas Woitkewitsch, de vaste vertaler van Herman van Veen. Wat zich echter wreekt, is dat het oude stuk wel veel komische dialogen bevat, maar nauwelijks een meeslepende plot. Catharine stijgt in aanzien, ja, en ze zet Napoleon op zijn nummer, inderdaad, maar uiteindelijk heeft ze hem er niet van weerhouden in 1812 tòch naar Moskou te gaan.

De muziek van Klaas van Dijk doet onherroepelijk denken aan het symfonische rock-idioom van Claude-Michel Schönberg, mede door de electronische klank van het orkest, bestaande uit een popgroep en leden van het Aker symfonie-orkest. Van Dijk maakte Ihr Männer tot een felle hymne en schreef een aanstekelijk Freiheit, Gleichheit, Brüderlichkeit (te vergelijken met de revolutiemars uit Les Misérables). Maar verder is het vaak alsof men hem hoort zoeken naar een melodie die maar niet tevoorschijn wil komen, zoals in veel andere hedendaagse mega-musicals: twee sterke nummers en de rest hangt er een beetje bij.

Met haar rake, staalharde zangstem en haar mir nichts dir nichts-uitstraling is Maya Hakvoort een ideale Catharine, die ik graag nog eens zou zien in een andere enscenering. Want die van Elmar Ottenthal is onbedaarlijk ouderwets. Alles wat veel effectiever gesuggereerd had kunnen worden, heeft hij ingevuld met realistisch beschilderde voor- en achterdoeken, een volgestouwd draaitoneel en een vet-koddige speelstijl, waarmee een sfeer van stoffigheid wordt opgeroepen. En dat is wel het laatste dat de makers voor ogen kan hebben gestaan met hun actueel bedoelde satire op het mannelijk machtsdenken.