Japanse grondwet hindert militaire samenwerking met VS

Nieuwe Japanse defensierichtlijnen maken militaire samenwerking met de VS 'in de omgeving van Japan' mogelijk. Maar de pacifistische grondwet van Japan blijkt nog altijd een hinderpaal.

TOKIO, 14 JUNI. Voor de twijfelaars onder ons heeft de Japanse premier Ryutaro Hashimoto het deze week officieel vastgelegd: “Het Midden-Oosten ligt niet in de omgeving van Japan.”

Deze verklaring van Hashimoto is een van de noodzakelijke antwoorden op alle vragen die de herziening van de Japans-Amerikaanse defensiesamenwerking met zich meebrengt. In de zogeheten 'Richtlijnen voor Japans-Amerikaanse Defensie Samenwerking' uit 1978 was slechts sprake van “samenwerking bij omstandigheden in het Verre Oosten die invloed hebben op de veiligheid van Japan”, maar deze formulering is nu vervangen door 'omgeving van Japan'. Wellicht de Golfoorlog indachtig vroeg een politicus daarom deze week in het parlement of het Midden-Oosten soms ook in 'de omgeving van Japan' ligt.

De richtlijnen zijn de praktische uitwerking van het veiligheidsverdrag tussen Japan en de Verenigde Staten, waarmee Japan tegen forse betaling na de oorlog zijn veiligheid aan de VS heeft uitbesteed. Het einde van de Koude Oorlog indachtig besloten president Clinton en premier Hashimoto een jaar geleden de richtlijnen te herzien. Een invasie van Japan is erg onwaarschijnlijk geworden, terwijl de regio wel enkele lokale potentiële brandhaarden kent, vooral het Koreaanse schiereiland en Taiwan.

Afgelopen weekeinde maakten de landen zodoende een interim-rapport bekend waarin Japan een grotere rol is toebedeeld bij een conflict 'in de omgeving van Japan', zoals de officiële omschrijving luidt. Nadrukkelijk is het de bedoeling dat het Japanse leger activiteiten gaat ondernemen búiten eigen grond- of zeegebied, zij het dat deze acties van niet-gewelddadige aard zullen zijn.

Er bestaan echter twijfels over de doeleinden van deze uitbreiding van de samenwerking. Over de veel genoemde spanningen op het Koreaanse schiereiland zei een Chinese politicus dit weekeinde tegen bezoekende Japanse politici dat er geen gevaar is voor oorlog omdat de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-il “de touwtjes stevig in handen heeft”. De Chinezen menen dat de Japans-Amerikaanse militaire samenwerking uit de Koude Oorlog dateert en nu dus uit de tijd is. Aangezien de samenwerking juist wordt versterkt, beschouwen ze het verbond als 'anti-Chinees'.

Met meer dan een miljard inwoners en groeiende economische macht is China de kolos van Azië. Maar het is een kolos met spanningen aan zijn grenzen. Het heeft conflicten over eilandjes met diverse landen en leeft in een staat van permanente agitatie tegen de 'rebelse provincie' Taiwan, dat als grote uitdaging ligt te wachten nu Hongkong over twee weken in de moederschoot terugkeert. China beschouwt de kwestie-Taiwan als intern probleem en de Amerikanen zeggen dat te respecteren. Ze zien alleen graag dat China geen geweld tegen Taiwan gebruikt en in tijden van spanning laat het Amerikaanse vliegdekschip Independence van de Zevende Vloot dan ook immer zijn gezicht zien rond Taiwan.

Deze Independence maakt de rol van Japan in de relatie tussen China en de VS zeer concreet, want het schip ligt vrijwel naast het Japanse regeringscentrum: de thuisbasis is Yokosuka in de monding van de baai van Tokio. Een groot deel van de Amerikaanse Zevende Vloot ligt in diverse bases in Japan en daarnaast ligt bijvoorbeeld een divisie mariniers voor uitzending gereed op het Japanse eiland Okinawa, niet ver van het Koreaanse schiereiland maar ook niet ver van Taiwan.

In april meldde een Chinese krant al dat premier Hashimoto van Japan openlijk had verklaard dat onderzoek naar de mogelijkheid van een conflict rond Taiwan is inbegrepen in de herziening van de militaire samenwerking met de VS. Van Japanse en Amerikaanse zijde beklemtoonde men echter dat de plannen niet zijn gebaseerd op een vijandbeeld van China. Om dit aan de Chinezen duidelijk te maken, toog begin deze week een Japanse regeringsmissie naar Peking en bereikte overeenstemming met de Chinese regering dat de verdere herziening van de Japans-Amerikaanse samenwerking zal plaatsvinden in “nauwe samenwerking” met de Chinezen. De definitieve herziening van de richtlijnen is pas gepland voor komende herfst.

Een dag nadat deze overeenstemming was bereikt kon een regeringswoordvoerder in Peking het niet nalaten weer te verwijzen naar de oorlog: “Wij hopen dat Japan de lessen van de geschiedenis leert door voorzichtig de weg van vreedzame ontwikkeling te volgen.” Ook tegenstanders van een grotere militaire rol van Japan in Japan zelf verwijzen naar de oorlogsgeschiedenis. De krant Asahi schrijft deze week in een redactioneel commentaar dat discussie over de voorbereiding op 'noodgevallen' niet moet worden ontlopen, “want ook in het verleden is met een beroep op 'noodgevallen' de bevolking gemobiliseerd en de democratie onderdrukt, terwijl het resultaat was dat Japan zich buiten de internationale gemeenschap plaatste en zijn eigen graf groef”.

Dankzij deze erfenis speelt de discussie over veiligheid in Japan zich nog steeds geheel binnen het kader van het veiligheidsverdrag met de VS af èn van de pacifistische grondwet die de Amerikanen in 1947 Japan in de maag splitsten. Japan voert geen onafhankelijk veiligheidsbeleid en dit staat ook niet ter discussie. Dit 'Amerikaanse' kader maakt de discussie over defensie in Japan eerder een zaak van schriftgeleerden dan van mannetjesputters. Zo is deze week de kwestie geopperd of het ruimen van mijnen in internationale wateren - een van de acties die de Japanse marine zal ondernemen bij een conflict - een 'gewapende actie' is ten opzichte van het land dat de mijnen heeft gelegd. De vraag is belangrijk om te bepalen of de huidige interpretatie van de grondwet een dergelijke actie zou toestaan.

Kern van het probleem is het beruchte artikel IX van de grondwet dat luidt: “Strevend naar internationale vrede gebaseerd op recht en orde, verwerpt het Japanse volk oorlog als soeverein recht van de natie.” Daarom zal Japan “nimmer land-, zee- of luchtstrijdkrachten onderhouden”. Het waren de Amerikanen zelf die bij het begin van de Koude Oorlog deze grondwet al snel als grote blunder zagen en Japan ertoe bewogen militaire macht op te bouwen. Het resultaat is dat het Japanse leger de 'Zelf Defensie Macht' heet, die uitsluitend dient voor de bescherming van, inderdaad, Japan zelf. Het probleem met het ruimen van mijnen in internationale wateren is dat in de gangbare, officiële interpretatie van artikel IX dit slechts is toegestaan als de mijnen bedoeld zijn als bedreiging van Japan. Ook verbiedt de officiële interpretatie een systeem van collectieve defensie, waarbij Japan automatisch een bondgenoot te hulp komt die wordt aangevallen. Een Japans marineschip zal dus slechts toekijken als een Amerikaans schip op volle zee wordt aangevallen.

Voorstanders van wijziging van deze eigenaardige grondwet zijn er zo lang de grondwet bestaat, maar de moed om daadwerkelijk wijzigingen door te voeren heeft tot dusver ontbroken. Zoals blijkt uit het aangehaalde commentaar van de Asahi zijn er veel Japanners die zelf bittere ervaringen hebben overgehouden aan de oorlogen die het land heeft gevoerd en argwanend zijn tegenover voorstellen de grondwet te wijzigen. Het 'politiek correcte' pacifisme heeft veel aanhangers in het land.

Premier Hashimoto heeft deze week publiekelijk verklaard dat de nieuwe defensie-richtlijnen geheel in overeenstemming zullen zijn met de officiële interpretatie van artikel IX en dat ook hij geen wijziging van de grondwet nastreeft. Dit neemt niet weg dat er zich een steeds duidelijker stroming in de politiek aftekent die openlijk een grondwetswijziging wil bespreken. Politieke tekenaars trokken deze week al hun conclusie, zoals in de krant Yomiuri: Hashimoto zit warmpjes binnen met zijn nieuwe defensierichtlijnen, terwijl een eenzame socialistische fractievoorzitster buiten met de grondwet door de regen sjokt.

Richtlijnen voor defensie coöperatie

In de nieuw voorgestelde 'Richtlijnen voor Japans-Amerikaanse Defensie Samenwerking' zal Japan onder andere de volgende steun bieden aan de VS in het geval van oorlog in 'de omgeving van Japan' zonder dat Japan zelf direct doelwit is van de oorlogvoerenden.

Evacuatie van vluchtelingen uit oorlogsgebied.

Reddingsoperaties op zee ten behoeve van militair personeel.

Inspectie van buitenlandse schepen in het kader van economische sancties.

Opening van Japanse faciliteiten, zoals bijvoorbeeld civiele lucht- en zeehavens, voor Amerikaans militair gebruik.

Levering van voorraden aan Amerikaanse schepen en vliegtuigen, zoals bijvoorbeeld olie, maar uitgezonderd wapens en munitie.

Land-, lucht- en zeetransport binnen Japans territorium ten behoeve van het Amerikaanse leger van manschappen en voorraden, inclusief wapens en munitie.

Zeetransport naar Amerikaanse schepen in internationale wateren.

Uitbreiding van de uitwisseling van informatie, bijvoorbeeld van radarvliegtuigen tijdens militaire operaties.

Mijnenveegoperaties in internationale wateren.

Diverse ondersteunende taken op het gebied van onderhoud, herstel, medische hulp en communicatie.