Oklahoma-proces doet debat over doodstraf in VS oplaaien

WASHINGTON, 13 JUNI. De jury in de Amerikaanse stad Denver die Timothy McVeigh vorige week schuldig bevond aan de bloedige bomaanslag in Oklahoma City, in 1995, overlegt sinds gisteren of hij daarvoor de doodstraf verdient. “Hij heeft een misdaad begaan waar de doodstraf voor is uitgevonden”, hield een van de aanklagers de juryleden gisteren in een slotbetoog voor.

“Hij is geen duivel, al was zijn daad zeker wèl duivels”, wierp McVeighs hoofd-advocaat tegen - waarmee hij en passant de schuld van zijn cliënt erkende. “We kunnen geen goed geweten hebben als we Tim McVeigh doden”, betoogde een andere advocaat van McVeigh.

Honderden keren per jaar wordt in de Verenigde Staten de doodstraf opgelegd. En tientallen keren per jaar wordt een executie uitgevoerd - meestal per injectie of op de elektrische stoel. Doorgaans gaat het om routinematige gebeurtenissen, die maar weinig aandacht krijgen in de media. Maar nu het een zaak van leven of dood is voor de dader van de ernstigste terroristische aanslag in de Amerikaanse geschiedenis, is het nationale debat over de doodstraf weer opgelaaid.

Amerikanen zijn in grote meerderheid voorstander van de doodstraf, zo blijkt keer op keer uit enquêtes en verkiezingen, ook al staan ze daarmee alleen in de Westerse wereld. Ze geloven niet dat er een afschrikwekkende werking vanuit gaat en evenmin vinden ze dat wraak een reden mag zijn om iemand te executeren. Maar voor ernstige misdadigers acht driekwart van de Amerikanen de doodstraf toch de beste oplossing.

In de Amerikaanse politiek is de doodstraf niet omstreden. In het Congres bestaat er grote steun voor, en ook president Clinton heeft zich er altijd voor uitgesproken. Tijdens de verkiezingscampagne van 1992 wees hij als gouverneur van Arkansas een verzoek van de hand om de executie van een zwakzinnige man te staken. Na de aanslag in Oklahoma City kondigde hij meteen aan dat de Amerikaanse overheid voor de dader, of daders, de doodstraf zou eisen.

Critici wijzen erop dat de doodstraf niet alleen wreed en onmenselijk is, maar ook duur (vooral door de beroepsprocedures, die gemiddeld negen jaar duren), niet effectief (tweederde van de politiecommissarissen gelooft niet dat potentiële moordenaars erdoor worden afgeschrikt) en riskant. Fouten kunnen in een rechtszaak altijd worden gemaakt, maar als iemand ter dood is gebracht niet meer worden rechtgezet.

Het belang van dat laatste argument groeit, nu steeds meer deelstaten de mogelijkheden voor beroepsprocedures inperken. De advocatenorganisatie American Bar Association riep begin dit jaar op tot een moratorium van alle executies, omdat “de administratie van de doodstraf een willekeurig netwerk van oneerlijke praktijken zonder samenhang is”.

Zwarte Amerikanen worden onevenredig vaak ter dood veroordeeld. Een rapport van de Rekenkamer geeft aan dat zwarten die een blanke vermoorden vaker ter dood veroordeeld worden dan blanken die een zwarte vermoorden. In Alabama was 69 procent van de sinds 1976 ter dood gebrachte misdadigers zwart. Vorige week werd, in een uitzondering op de trend, een blanke man op de elektrische stoel gezet die in 1981 een zwarte jongen had vermoord.

Jaarlijks worden in de VS driehonderd mensen ter dood veroordeeld en zo'n vijftig geëxecuteerd. Het aantal veroordeelden in de dodencel groeit daardoor explosief - meer dan 3.000 gevangenen wachten nu op uitspraken in beroep of voltrekking van hun straf. De meeste sterfgevallen op death-row komen niet door de dodelijke injectie of de elektrische stoel, aldus Newsweek, maar door “natuurlijke oorzaken”.

Bij de selectie van juryleden voor de zaak-McVeigh werd de kandidaten van tevoren gevraagd of ze de doodstraf principieel afkeurden. Zo ja, dan kwamen ze niet voor de jury in aanmerking. De jury kan McVeigh ter dood veroordelen, levenslang opleggen of de keuze van een gevangenisstraf aan de rechter overlaten. Voor de doodstraf is unanimiteit vereist.

In nieuwsuitzendingen en praatprogramma's op de televisie zijn voortdurend nabestaanden en slachtoffers van de aanslag in Oklahoma City aan het woord over de vraag of McVeigh nu wel of niet de doodstraf moet krijgen en waarom. Een nieuw argument voor de doodstraf komt daarbij regelmatig aan de orde: de behoefte van nabestaanden aan gemoedsrust.