Het is maar wat je gelukkig noemt

Jean Echenoz: Un an. Editions de Minuit, 111 blz. ƒ 27,95

Het enige in het Nederlands vertaalde boek van Jean Echenoz is Meer (Lac), Van Oorschot, ƒ 45,- (geb.), ƒ 27,50 (pb).

'Toen Victoire op een ochtend in februari wakker werd zonder zich iets van de vorige avond te kunnen herinneren, vond zij Félix, dood, naast haar in hun bed. Zij pakte haar koffer, ging naar de bank en nam een taxi naar het Gare Montparnasse.' Deze opening geeft meteen de intrige weer van Un an, de achtste roman van de Franse schrijver Jean Echenoz (1947).

Over Victoire, de vrouwelijke hoofdpersoon, komen we nauwelijks iets meer te weten. We horen vrijwel niets over haar leven van vóór deze ochtend, niets over haar vrienden, haar werk, haar ouders of over de man met wie zij het bed deelde, Félix. Ook blijft het een raadsel waarom zij zo hals over kop vlucht. Beging zij een crime passionnel en vlucht zij uit angst voor de politie? Is ze door de schok haar geheugen kwijtgeraakt? Victoire houdt er toch al niet van iets van zichzelf prijs te geven. 'Zo is zij gewoon', aldus de verteller. 'Ze stelt een vraag en terwijl de ander antwoordt, rust ze een beetje uit en bedenkt een nieuwe. Ze denkt dat niemand dat in de gaten heeft.'

Haar talent voor eenzaamheid en haar gebrek aan mededeelzaamheid komen Victoire tijdens haar vlucht uitstekend van pas. Op het Gare Montparnasse neemt zij op goed geluk een trein en belandt in Saint-Jean-de Luz, in het zuidwesten van Frankrijk, waar zij een villa huurt. Na enkele maanden verdwijnt haar nachtelijke minnaar met haar spaargeld en moet zij de villa verruilen voor hotels van steeds minder allure. Wonend in de anonimiteit van een Formule 1 Hotel, bestudeert zij de gasten. 'Er zijn drie profielen. Overspelige paartjes die vroeg of laat door hun creditcardbetalingen bij hun echtgenoten door de mand zullen vallen, eenzame en armoedige reizigers zoals Victoire, en hele families zonder geld die zich in één kamer op elkaar stapelen.'

Van haar laatste geld koopt Victoire een fiets, een slaapzak en twee Michelinkaarten (nummers 78 en 79) en overnacht verder onder de blote hemel. Wat eerst nog een soort avontuurlijke vakantie was, wordt nu al snel een marginaal bestaan als SDF (Sans Domicile Fixe, dakloze), compleet met winkeldiefstal en achtervolgingen. Victoire ervaart 'hoe gemeentelijke verordeningen zwervers aanmoedigen zich te laten ophangen of dat ergens anders zelf te doen.' Ze raakt volledig van de wereld vervreemd totdat haar leven, na een jaar, weer een verrassende wending neemt.

Voor het eerst raakt Echenoz in zijn werk een maatschappelijk en politiek gevoelig fenomeen. Zoals Jean-Philippe Toussaint in zijn laatste roman La télévision het afstompende en verslavende effect van televisiekijken aan de kaak stelde, richt Echenoz nu de schijnwerpers op het in Frankrijk en zeker in Parijs gestaag groeiende aantal daklozen. Hoewel Echenoz zich in de jaren zestig actief met politiek bezighield, is het etiket van geëngageerd schrijver zeker niet op hem van toepassing. Echenoz werd bij eerdere boeken zelfs nogal eens gekritiseerd wegens de onwaarschijnlijkheid en de lichtzinnigheid van zijn personages.

Doorgaans worden zowel Echenoz als Toussaint tot de nouveaux nouveaux romanciers gerekend, de nieuwe generatie schrijvers van uitgeverij Minuit, waar bijvoorbeeld ook Patrick Deville, Marie Ndiaye en Marie Redonnet hun werk publiceren. Zij worden, naar analogie van stromingen in de beeldende kunst en in de muziek, ook wel minimalistes genoemd, vanwege hun sobere, precieze schrijfstijl en de eenvoudige intrige van hun romans. Het ontbreken van grote inhoudelijke lijnen staat frontaal tegenover een overdaad aan details. De hoofdpersonen beschikken slechts over vage karaktertrekken en dwalen wat doelloos door de wereld. Iedere vorm van maatschappelijke betrokkenheid is ver te zoeken. Toch komt, voor wie Echenoz nauwkeurig heeft gevolgd, het wat wereldser thema in zijn recente roman niet helemaal als een verrassing. De schrijver uitte regelmatig zijn bewondering voor de tien jaar geleden gestorven Franse thriller-auteur Jean-Patrick Manchette, die in zijn werk een politieke visie en een literaire vorm trachtte te combineren. Manchette blies in de jaren zeventig de zieltogende Franse roman noir nieuw leven in. Hij moedigde Echenoz aan te gaan schrijven en het was dan ook Echenoz die voor de recente herdruk van diens roman Fatale het nawoord schreef.

Ook aan het vroegere werk van Echenoz is het belang van zijn grote voorbeeld af te lezen. In Cherokee (1983) experimenteerde Echenoz met de thriller, in L'équipée malaise (1986) met de avonturenroman en in Lac (1989) met de spionageroman. Dit laatste boek werd in 1990 met de Europese Literatuurprijs bekroond. Twee jaar geleden verscheen Les grandes blondes, een intrigerende roman over de verdwijning van een vrouw.

In Un an komen alle eerder beproefde technieken samen in een prachtige mix. Het boek heeft de spannende en mysterieuze kant van een thriller, de vaart van een avonturenroman en de vloeiende, originele, maar afstandelijke stijl die kenmerkend is voor de minimalist Echenoz. Met die afstand creëert de auteur ruimte voor een vrolijke ironie, die zijn personages een zekere lichtheid verleent. De zwerver met wie Victoire vriendschap sluit, heeft geen dak boven zijn hoofd, maar wel een mooie jas, en daarom heet hij Gore-Tex. De vrouw van wie Victoire de villa huurt, verhuurt daarmee ongetwijfeld het huis van haar net overleden moeder, maar 'gelukkig heeft ze nog de auto van haar vorige echtgenoot'. De twee aan lager wal geraakte arbeiders, die samen een verborgen spelonk bewonen, zijn gelukkig homoseksueel 'zodat ze zich niet aan Victoire hoeven te vergrijpen.' Het is maar wat je gelukkig noemt, daar gaat het eigenlijk om in Un an.

Echenoz heeft zijn wereld uit elkaar laten spatten. Om onverklaarbare redenen leeft ieder individu in zijn eigen microkosmos, in het luchtledige, zonder zich nog ergens over te verbazen en zonder zich nog om iemand te bekommeren. Nu zal niemand Echenoz' personages meer van ongeloofwaardige lichtzinnigheid kunnen beschuldigen.