Europa's enige ereburger in zijn geboortestad vergeten

In Cognac is weinig dat herinnert aan Jean Monnet, de vader van 'Europa'. Bij de inwoners is geen vertrouwen in de eenwording.

COGNAC, 13 JUNI. Als de wijze waarop een staatsman in zijn geboorteplaats wordt herdacht een graadmeter is voor zijn succes, dan is er slecht nieuws over Jean Monnet, de grondlegger van de Europese eenwording die in 1979 overleed. Een pleintje en een school die zijn naam dragen, en een klein bronzen beeldje, veel meer is er niet dat aan hem herinnert in Cognac, waar hij op 9 november 1888 werd geboren.

Het donkergrijze provinciestadje dankt zijn bestaan aan de alcohol. Een buste van Monnet, die nooit een politieke post bekleedde maar als ambtenaar wel het brein was achter de nieuwe Europese ordening, is verhuisd naar zolder, vertelt een medewerkster van het plaatselijke museum. “Onze nieuwe directeur heeft meer belangstelling voor moderne kunst”, zegt ze.

Wijlen president François Mitterrand heeft twaalf kilometer verderop in zijn geboorteplaats Jarnac een museum, een buste en een graftombe. Dat Jean Monnet, de enige persoon in de wereld die is onderscheiden met de titel 'ereburger van Europa', in Cognac opgroeide in een witte villa op de rue de Pons nummer 50, moet je maar net weten. De computerafdeling van cognac-gigant Hennessy heeft zich in het huis gevestigd en in het pand ernaast liggen de voorraden van de onderneming, in het vroegere cognacbedrijf van Jean Monnets vader, J.G Monnet & Co. Twee lampen boven de entree waarin 'Monnet' is gegraveerd, verwijzen naar het verleden.

Enthousiast over de Europese eenwording zijn de bewoners van Cognac (circa 20.000) nauwelijks. In de regio de Charente zei 54 procent tijdens een referendum in 1992 'nee' tegen het Verdrag van Maastricht.

Bijna een halve eeuw nadat Monnet zijn idee lanceerde voor een Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS), de blauwdruk voor de latere Europese Gemeenschap, missen veel van zijn streekgenoten de sociale dimensie in Europa. De stagnerende markt voor cognac en als gevolg daarvan de overproductie, voeden de onvrede. Het anti-Europese en extreem-rechtse Front National kreeg in de eerste ronde van de laatste verkiezingen in de Cognac-regio 11,8 procent van de stemmen.

“We moeten Cognac beschermen tegen het wilde liberalisme”, zegt Marie Line Reynaud, de nieuw gekozen afgevaardigde van de Socialistische Partij (SP) voor Cognac en omstreken in de Assemblée Nationale. Ze versloeg twee weken geleden haar tegenstander van de rechtse RPR, omdat deze partij de belangen van de gewone mensen was vergeten, zegt ze. “Je kunt geen Europa maken met alleen cijfers. Een verenigd Europa is ook harmonisering van salarissen, sociale lasten en het scheppen van werkgelegenheid.”

Pagina 6: 'Liberalisme is doorgeschoten'

De vrijhandel in Europa heeft Cognac veel goed gedaan, zegt Gerard Jouannet, lid van de plaatselijke vereniging voor historisch onderzoek en studie (GREH). “Maar het liberalisme is te ver doorgeschoten”, vindt hij. De bewoners van Cognac zijn van oorsprong liberaal en pro-Europees, zegt Jouannet. Maar sinds de grote internationals Seagram, LVMH en Allied Domecq de oude familiebedrijven Martell, Courvoisier en Hennessy hebben opgekocht, vragen steeds meer bewoners van Cognac zich af of er niet méér wetten zijn dan alleen die van de markt.

De vroegere internationale handelaren voelden zich verantwoordelijk voor de regio, zegt Jouannet, de directeuren bekleedden posten in de plaatselijke politiek, hun echtgenotes organiseerden liefdadigheid. Maar om die sociale betrokkenheid hoef je bij de huidige internationale concerns niet meer te komen, zegt hij. “De besluiten over Cognac vallen nu in Londen of New York.” Managers zien hun afvaardiging naar Cognac als een 'stap' in hun internationale carrière en hebben nauwelijks belangstelling voor het leven in het stadje. Nu de internationale markt voor cognac is verzadigd en de industrie moet inkrimpen, wordt het paternalisme van weleer node gemist. “Ze ontslaan mensen wanneer het ze uitkomt”, zegt Jouannet verbitterd.

Op zondagavond is Cognac uitgestorven, ook restaurants zijn dicht. Veel jongeren zijn uitgeweken, wie wil studeren moet naar Poitiers. Doktersweduwe mevrouw Gourgand (78), die al veertig jaar in Cognac woont, vindt het stadje erg saai geworden. “Voor de jongeren is er hier niets te doen.” Vroeger, zegt ze, flaneerden de families van Cognac 's zondags door de straten. Ze wijst op het lege pleintje bij het standbeeld van Francois I: “Ziet u wel, er gebeurt hier niets.” Veel kleine winkels zijn weggetrokken uit het centrum, grote winkelcentra met parkeerplaatsen zijn er verderop voor in de plaats gekomen. Sinds twee maanden heeft Cognac ook een McDonald's. “Europa drukt ons weg”, zegt mevrouw Gourgand, “er is werkloosheid, de ene na de andere winkel moet sluiten door de concurrentie uit het buitenland.” Van Jean Monnet heeft mevrouw Gourgand nog nooit gehoord, zegt ze. De eigenaar van bar Oasis, Philippe, kent Jean Monnet wel, zegt hij. “Ja dat is een verzetsstrijder.” Nee, zegt een gepensioneerde medewerker van France Telecom, die aan de bar zit, “Monnet is degene die de landen heeft samengebracht in Europa.” “Oh”, zegt Philippe, “maar was hij niet ook een verzetsstrijder?” Philippe heeft het niet zo op Europa, bij het referendum over Maastricht stemde hij tegen, zegt hij. “Er zijn nu eenmaal landen die achterlopen op andere, dat kun je niet samenvoegen.” Die ene munt, is ook onmogelijk, zegt hij. “Onze franc zal erdoor verzwakken.”

Nog wel altijd dankbaar voor het idee van Monnet is Bernard Guionnet, voorzitter van de vakbond voor cognac-wijnboeren SFVC. Monnet verdient in Cognac meer erkenning, vindt hij. “Men beseft hier nauwelijks hoeveel de Europese eenwording voor Cognac heeft betekend.” Monnet, die zelf voor zijn vader een aantal jaren cognac verkocht in het buitenland, heeft volgens Guionnet “bij wat hij in Europa deed, altijd het belang van zijn geboortestreek in het achterhoofd gehouden”. Volgens Guionnet, die zelf ook een cognac-wijngaard heeft en een splinternieuwe Range Rover bestuurt, had Cognac zonder Europese eenwording nooit zoveel bloei gekend. “Cognac is zijn welvaart gewoon gaan vinden”, zegt hij. “Negentig procent van de productie van cognac is bestemd voor de export. Bij liberalisering van de handel zijn wij altijd winnaar.” Dat de cognac-handel tegenwoordig geheel in handen is van grote internationals, is volgens Guionnet wel een probleem. Omdat de concerns ook andere dranken verkopen, vechten ze niet voor de cognac, zegt hij. “Als de cognac niet loopt, verkopen ze gewoon meer whisky.” Bovendien, zegt Guionnet, staan ze minder open voor discussie omdat ze onder druk staan van aandeelhouders. Dat de boeren dit jaar maar weinig wijn konden verkopen, is geen reden voor de handelaren om bij het bepalen van de prijzen de hand over het hart te strijken. “Ze zeggen gewoon: dit is de prijs.”

Alain Rivière, cognac-wijnboer te Gondeville, heeft niets aan Europa, zegt hij. De wijn van zijn 20 hectare wijngaard verkoopt hij normaal gesproken aan Martell, maar dit jaar wilden ze bijna niets van hem hebben. Alle boeren blijven met voorraden zitten, de prijzen zijn laag. Rivière heeft tegen het Verdrag van Maastricht gestemd omdat hij vindt dat eerst de salarissen en de sociale lasten in Europa geharmoniseerd moeten worden voordat de markt vrij wordt. Om uit de crisis te komen gaat Rivière een deel van zijn cognac-wijngaard ombouwen tot gewone wijngaard. “Maar dan moet ik straks wel gaan concurreren met Spaanse en Portugese boeren die de helft minder betalen aan salarissen en sociale lasten.”

Het huidige Europa is volgens Jouannet van de historische vereniging niet het Europa dat Monnet voor ogen had. “De regeringen hebben bij de multinationals niets meer in te brengen. Kijk maar naar de Renault-fabriek in Vilvoorde (waar 3.000 ontslagen dreigen te vallen, red.).” Als dit Europa is, hoeft het voor Jouannet niet meer. “Ik heb voor het Verdrag van Maastricht gestemd. Maar ik begin mij af te vragen of dat verdrag niet alleen maar een list was om in Europa het ultraliberalisme in te voeren.” Monnet geloofde juist dat voor de reorganisatie van de economie en het vermijden van oorlog in Europa een sterk politiek gezag nodig was, zegt Jouannet. “Het is niet zijn schuld dat het zijn opvolgers niet is gelukt om dat gezag te vestigen.”