Amsterdamse top begint al zondagavond

AMSTERDAM, 13 JUNI. De ministers van Financiën van de Europese Unie zullen al zondagavond voor de Europese Top in Amsterdam samenkomen. Tijdens een diner moeten zij daar de laatste hand leggen aan een compromis over het 'stabiliteitspact'.

Dit heeft het ministerie van Financiën vanmorgen laten weten. De bijeenkomst is nodig omdat Frankrijk afgelopen maandag te elfder ure een voorbehoud maakte bij het stabiliteitspact. Dat pact moet begrotingsdiscipline afdwingen van lidstaten als zij eenmaal meedoen met de Economische en Monetaire Unie in 1999. Frankrijk wil dat er meer aandacht komt in het pact voor niet alleen financieel-economische kwesties, maar ook voor werkgelegenheid. Op dit moment wordt gewerkt aan een 'bijlage' bij het pact waarin aan die wens moet worden tegemoetgekomen. Op maandagochtend was al een bijeenkomst van de bewindslieden van Financiën gepland. Europees Commissaris voor monetaire zaken Thibauld de Silguy toonde zich vanmorgen optimistisch over een compromis. De strubbelingen over het stabiliteitspact komen temidden van pessimistische projecties over de staatshuishouding van Frankrijk en Duitsland.

Beide landen zullen 1997 afsluiten met een tekort op de begroting van 3,2 procent van het bruto binnenlands product. Dat is boven de norm van 3 procent die in het Verdrag van Maastricht is gesteld voor toetreding tot de Economische en Monetaire Unie. Ook Italië komt op een tekort van 3,2 procent. Dit blijkt uit voortijdig gepubliceerde economische projecties van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). Die projecties, opgenomen in de halfjaarlijkse Economic Outlook, hadden pas woensdag, na de Top van Amsterdam, in de openbaarheid mogen komen.

De OESO-projecties zijn minder gunstig dan die van de Europese Commissie, die vorige maand raamde dat Frankrijk en Duitsland de drie-procentsnorm wel halen. Het Internationale Monetaire Fonds zat vorige maand met zijn ramingen meer op de lijn van de OESO. Uitgezonderd Griekenland, Italië, Frankrijk en Duitsland hebben volgens de OESO alle andere EU-lidstaten dit jaar een tekort van 3 procent of minder. Spanje en Portugal, halen een tekort van respectievelijk 3 en 2,9 procent.

President Duisenberg van De Nederlandsche Bank, die vanaf 1 juli voorzitter is van het Europese Monetaire Instituut - de voorloper van de Europese Centrale Bank - heeft in een vraaggesprek met de Franse krant Les Echos benadrukt dat de Maastricht-norm van 3 procent vatbaar is voor interpretatie. Daarmee hield hij de deur open voor toetreding van landen met een tekort van 3,2 procent. Ook de Duitse centrale bank, de Bundesbank, huldigt dit standpunt al langer. Bestuurslid Welteke van de Bundesbank zei vanmorgen dat 3 procent geen 'knock-out' criterium is.