Alle zes

De poezen lopen door het huis, je hoort

hun voeten in de nacht op de trappen, ze moeten

ergens naar toe zou je denken

tiktik naar de zolder en terug.

Waar zouden ze zijn, wat een stilte -

tot in het trappenhuis hun nagels tik-

tik weer klinken, je ze brokken hoort

kauwen, knauwen, zand de bak uit gooien.

Toe maar. Alles beter dan dat vlugge

zachte vergaderen, dat gelikte, verre

gedoe waarbij ze ons niet nodig hebben.