Geen vierde publieke zender

AMSTERDAM, 12 JUNI. Een vierde, digitale, publieke televisiezender die via de satelliet in het buitenland te ontvangen is lijkt definitief van de baan. Ondanks de vurige wens van staatssecretaris Nuis (Media) en de Tweede Kamer om tot een dergelijk station (het Beste Van Nederland) te komen zijn onderhandelingen hierover tussen de NOS en de Wereldomroep op niets uitgelopen.

De NOS gaat nu proberen vanaf begin volgende maand de zenders Nederland 1, 2 en 3 in digitale vorm via de satelliet te verspreiden, zodat de publieke netten in het buitenland met een schotelantenne te ontvangen zullen zijn. Onderhandelingen daarover met aanbieder Canal Plus bevinden zich in een beslissend stadium.

Volgens de woordvoerder van de NOS zijn de onderhandelingen met de Wereldomroep gesprongen op de wens van de Wereldomroep om zelf een permanente televisiezender te beginnen en zo zijn voortbestaan veilig te stellen. De NOS wilde het vierde televisiestation juist gezamenlijk besturen. Het voorstel van de landelijke omroepen ging uit van een netbestuur met twee leden vanuit de Wereldomroep en twee leden vanuit de NOS, die gezamenlijk een netcoördinator zouden moeten benoemen. In de op het buitenland gerichte uitzendingen zou de Wereldomroep drie keer per dag een uur eigen programmering kunnen brengen, afgewisseld met programma's van de landelijke omroepen. De in Nederland via de kabel te ontvangen variant van de zender zou die drie uur vullen met programma's van regionale televisiestations.

Ook de gezamenlijke regionale omroepen (Stichting ROOS) voelden niets voor het NOS-voorstel. “Het zou gaan om dertien verschillende regionale edities van een landelijke zender op ons eigen kanaal. Wij willen vooral regionaal programmeren”, aldus de woordvoerster van ROOS. De Wereldomroep wil niet inhoudelijk reageren op de voorstellen van de NOS. De omroep gaat ervan uit dat het station niet definitief van de baan is.