Celstraf voor ontucht met slapende vrouw

ARNHEM, 12 JUNI. De rechtbank in Arnhem heeft gisteren een 31-jarige man uit Ede veroordeeld wegens het plegen van ontucht met een slapend meisje. De man kreeg twaalf maanden cel opgelegd, waarvan drie voorwaardelijk, en een geldboete van 3280 gulden. Tegen de man was behalve de geldboete anderhalf jaar gevangenisstraf geëist.

De verdachte sloop in de nacht van 15 op 16 juni na een feestje de slaapkamer van een zestienjarig meisje binnen. Hij pleegde ontucht met het kind terwijl zij sliep. Het meisje bemerkte pas 's ochtends dat ze seksueel was misbruikt.

Volgens officier van justitie mr. J. Brughuis had de man artikel 243 van het Wetboek van Strafrecht overtreden. Daarin is het misbruik maken van iemand die in staat van bewusteloosheid of lichamelijk onmacht verkeert strafbaar gesteld. De rechtbank achtte de misbruik echter niet bewezen, want er was geen sprake van geweld, bedreiging of dwang. Wel werd de tenlastelegging op basis van artikel 247 geaccepteerd. Daarin staat dat het plegen van ontucht met iemand die in staat van onmacht verkeert is verboden. In maart werd een man uit Hindeloopen, die een vrouw in haar slaap zou hebben verkracht, door de rechtbank en het hof in Leeuwarden vrijgesproken omdat dwang niet bewezen kon worden. De officier had toen alleen verkrachting ten laste gelegd. Over deze vrijspraak van de slaapverkrachter ontstond veel commotie omdat slapende vrouwen hierdoor vogelvrij leken te zijn. Brughuis zei te hebben geleerd van het vonnis in Leeuwarden en legde de nadruk op de slaaptoestand waardoor de staat van onmacht van het meisje bewezen werd. (ANP)