Brunel profiteert mee van stormachtige effectenbeurs

AMSTERDAM, 12 JUNI. Het lijkt niet op te kunnen voor nieuwkomers op de effectenbeurs. Na de overweldigende vraag naar aandelen van Nutreco en Vedior blijkt ook het gisteren geïntroduceerde aandeel Alpinvest drie keer te zijn overtekend. Het werd uitgegeven voor 29 gulden, bovenin de vooraf aangegeven bandbreedte van 25 tot 30 gulden, en sloot op 29,70 gulden.

In totaal zijn 17,2 miljoen van de 34 miljoen aandelen herplaatst. Bij grote belangstelling kunnen nog 1,6 miljoen aandelen extra worden geplaatst via een zogenoemde green shoe optie.

Grootaandeelhouder en oprichter van Brunel International J. Brand zal zich in de handen wrijven bij de jongste beurssuccessen. Dit detacheringbureau voor hoogopgeleide technici krijgt 25 juni een notering op de beurs. Het maakte gisteren een introductieprijs tussen 36 en 41 gulden per aandeel bekend. Het begeleidende bankensyndicaat, onder leiding van ABN Amro, heeft een optie om bij veel belangstelling nog eens 15 procent bovenop het totaal van de 7,7 miljoen aangeboden aandelen te plaatsen. De beursgang zal Brand vermoedelijk ruim 200 miljoen gulden opleveren.

Brunel is in twintig jaar uitgegroeid tot een multinationale holding met 75 vestigingen in ondermeer de Benelux, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, de Verenigde Staten en het Verre Oosten. In 1989 bracht Brand zijn moederbedrijf Multec en Euromatch (uitzendtakken) en andere dochterondernemingen onder in de holding Brunel. Inmiddels is de onderneming ook actief in het werven van projectpersoneel voor de automatiseringssector, gas- en oliebedrijven, telecommunicatie en de energie- en procesindustrie.

Het afgelopen jaar steeg de omzet van 156,2 miljoen gulden naar 254,3 miljoen. De nettowinst kwam uit op 18,9 miljoen gulden tegenover 13,2 miljoen in 1995. Brunel heeft zich ten doel gesteld om de omzet tot 2002 te verviervoudigen tot een totaal van ruim 1 miljard gulden.

Brand noemt z'n bedrijf, waarvan hij ruim 60 procent van de aandelen in eigen handen houdt, een groeidiamant. “Helemaal niet overdreven”, reageert beursanalist J. Ebbing van effectenbank Bangert Pontier. “Ik vind het erg knap wat zij de afgelopen jaren hebben gepresteerd. Vooral zoals dochter Brunel-IT het doet op de markt van specialisten voor de automatiseringssector, maakt indruk. Daar zit buitengewoon goed management achter.”

Brunel zit voorlopig nog in de lift. Zo goed zelfs dat het bedrijf moeite heeft om aan alle personeelsaanvragen van haar klanten te voldoen. Een luxeprobleem wellicht, maar het blijft een probleem. Erger is het dat Brunel kwetsbaar is wanneer het de economische wind tegen krijgt. Van overcapaciteit is voorlopig nog geen sprake, maar zodra bedrijven en overheden minder gaan investeren in grote technische projecten, neemt de vraag naar hoogopgeleidde flexibele arbeidskrachten snel af. In tegenstelling tot uitzendbureaus staan bij Brunel de werknemers op de loonlijst. Bij weinig werk moeten de vaak hoge salarissen van de technici gewoon worden doorbetaald terwijl uitzendbureaus hun arbeidskrachten naar huis kunnen sturen zonder verplichting van doorbetaling.

Een andere kwetsbare factor van Brunel is de dure verhouding van het aantal detacheringsmedewerkers tot het aantal uitgezonden technici. Een arbeidsbemiddelaar van een uitzendbureau heeft gemiddeld twintig uitzendkrachten onder zijn hoede. Brunel heeft al voor zeven gedetacheerde werknemers een medewerker in dienst.

Met de beursgang zet Brunel een stap om het marco-economisch risico af te dekken. Nu nog wordt ruim tachtig procent van Brunels omzet op de Nederlandse markt behaald. Gaat het slecht met Nederland, dan lijdt Brunel daar fors onder. De onderneming wil zich daartegen verweren door geografische spreiding van de werkzaamheden. Dus heeft de onderneming vorige week vier detacheringsbedrijven overgenomen in de VS, Canada, Australië en de Verenigde Arabische Emiraten met een gezamenlijke omzet van 40 miljoen gulden. Met de 80 miljoen die vrijkomt met een aandelenemissie wil Brunel nog meer acquisities doen.