Spermabetaler

Effectieve scheldwoorden prikken in de waarheid. Als je dik bent, is het erger om voor 'stomme dikzak' uitgescholden te worden dan voor 'stomme idioot', omdat je 'idioot' altijd kunt omkeren: wat je zegt ben je zelf. Maar een dikke die belachelijk wordt gemaakt, staat even met de rug tegen de muur.

Bij ruzie kan elke waarheid in een scheldwoord verkeren. Een Nederlander van Turkse afkomst krijgt dan bijvoorbeeld 'stomme Turk' naar z'n hoofd geslingerd en een roker wordt door z'n nietrokende partner voor 'stomme nicotinejunk' uitgemaakt. De ruzie zorgt voor een blikvernauwing, die alle andere waarheden van een persoon van tafel veegt.

In Het Parool las ik vorige week over een ruzie tussen een lesbische 'meemoeder' (degene die dus niet het kind had gebaard) en haar achtjarige zoontje Dirk, die haar, voorspelbaar genoeg, eens had toegevoegd: 'je bent niet eens mijn moeder!' Met andere woorden: wat heb ik eigenlijk met jou te maken. De vrouw werd op een hoop gegooid met alle vrouwen van de hele wereld, die met elkaar gemeen hebben dat ze Dirk niet voortbrachten. De waarheid van het niet-biologisch moederschap werd door hem effectief in een scheldcontexst gezet. De liefhebbende, zorgende meemoeder werd aangesproken op een rafelrandje, de afwezigheid van een genetische band, en transformeerde in een oogwenk tot een niet-moeder.

De waarheid, hoe flinterdun ook, maakt het scheldwoord des te pijnlijker. De enige adequate reactie voor een pleeg-, stief- of adoptieouder is op zo'n moment je schouders op te halen en te zeggen 'tja, je zult het toch met me moeten doen, d'r zit niets anders op'. Tenslotte zeggen dagelijks honderden ouders zoiets tegen hun kinderen, als ze door hen voor 'stomme mama' of 'stomme papa' worden uitgemaakt. Zo niet deze vrouw, die repliceerde met: 'maar ik heb anders wel vroeger je luiers verschoond en de helft van het sperma voor je betaald'. Een miserabeler verdediging is nauwelijks voorstelbaar. Vooral die 'helft van het sperma' stemt treurig - een beetje royaal iemand had voor het hele kwakkie gedokt.

Erger dan de onbeholpen poging dankbaarheid op te wekken (alsof er ooit een kind bestond dat dankbaar het verschonen van de luiers gedenkt) is het wapen dat ze haar zoontje in handen speelt voor toekomstig gebruik. Als Dirk vijftien is, verzint hij misschien wel het scheldwoord 'spermabetaler', wat nog harder aankomt dan 'niet-moeder', omdat het zijn hele ontstaansgeschiedenis in de sfeer van economische transacties trekt.

Elk wapen kan tegen anderen en zichzelf worden ingezet. De dikzak lijdt onder een incidenteel scheldwoord, maar ook onder vlagen van zelfhaat. Het uit donorzaad voortgekomen kind kan zijn ouders in een hoogoplopende ruzie verwonden, maar ook zichzelf kwellen. Het leed van de ouders heeft geen betekenis, want dankbaarheid of fijngevoeligheid van kind tegenover ouders was niet bij de deal inbegrepen. De zelfkwelling van het kind is daarentegen wel iets om gealarmeerd over te raken.

Ik begrijp niet hoe het mogelijk is dat half Nederland sniffend en snikkend naar een programma als Spoorloos zit te kijken, waar geadopteerden, vaak met hulp van hun adoptief-ouders, hun jarenlang onachterhaalbare biologische moeders in de armen vallen, terwijl de praktijk van de anonieme inseminatie intussen lustig doorgaat. De genetische waarheid is maar een deel van de opvoedingswaarheid, en sommige alternatief ontstane dan wel geadopteerde kinderen zijn daar mogelijk niet eens in geïnteresseerd. Maar het getuigt wel van verblinde zelfingenomenheid te denken dat jouw heftigste aller kinderwensen een afdoende antwoord vormt op de vraag 'wie heeft mij voortgebracht?'

Voor de theoretische keuze gesteld, zal nooit iemand voor zichzelf de voorkeur geven aan afstamming uit een reageerbuisje boven afstamming van een mens, al is die niet meer dan een naam op een document. De beslissing voor anoniem donorschap levert alleen voordeel op aan de bekokstovers (zij hebben geen sores aan hun kop). Het kind kan alleen machteloos schelden: stomme wensouders.