Enrique Bernat van de Spaanse lollyfabriek Chupa Chups; Het enige wat we zeker weten van de euro is de naam

In de serie Europese topondernemers deze keer Enrique Bernat van Chupa Chups. Deze lollyfabrikant heeft zijn twijfels over de effecten van Europese eenwording, maar één ding is volgens hem zeker: zijn familiebedrijf dat hij eigenhandig tot een wereldomspannende multinational heeft gemaakt, is op alles voorbereid. Behalve dan op de euro, want hij zou niet weten wat hij daar mee aanmoet

Meer interne concurrentie, handelsoorlogen tussen economische machtsblokken, onzekerheid en kapitaalvlucht en vooral veel vraagtekens. President Enrique Bernat, van de Spaanse lollyfabriek Chupa Chups, ziet de nabije toekomst van het ondernemen in Europa met de nodige scepsis tegemoet. “Ik ben bang dat er straks een gevecht uitbreekt tussen de wereldwijde economische machtsblokken als de Europese Unie, de Verenigde Staten met de NAFTA-landen, en het Verre Oosten”, zegt hij peinzend. “Enerzijds verwachten we in Europa vrije toegang op alle markten, anderzijds sluiten we ons op in een machtsblok dat voor anderen moeilijk toegankelijk is. Dat vraagt om moeilijkheden.”

In de directiekamer van Chupa Chups aan de Barcelonese stadsader Diagonal heerst het antiek van klassieke bureaus , perzen op de grond en Hollandse en Britse schilderwerken aan de wand. De bakjes met de lolly's in hun felgekleurde verpakking detoneren enigszins op het stemmig notenhout van de vergadertafel. Van hieruit bestuurt president-directeur Enrique Bernat (73), gekleed in een designpak in de stijl van de Catalaanse mode-ontwerper Antonio Miró, 's werelds grootste lolly-imperium.

Chupa Chups geldt als een van de zakelijke succesverhalen uit Catalonië, de regio rond Barcelona die bekend staat als een van de belangrijkste economische motoren van de Spaanse economie. Onder leiding van Enrique Bernat groeide een lokale snoepjesfabrikant uit tot een multinational van gewicht - niet alleen in Europa, maar ook in moeilijk toegankelijke markten als Japan en Korea.

Het afgelopen jaar werden tien miljard lolly's verkocht in 161 landen. De omzet van de Chupa Chups holding bedroeg 60 miljard peseta's, een ruime 800 miljoen gulden. Voor dit jaar zal de lolly-omzet volgens een conservatieve schatting met een kwart stijgen. Chupa Chups bezit lollyfabrieken in Spanje, Frankrijk, Rusland, China, Colombia en Mexico. Volgend jaar zullen ook de eerste lolly's in India van de band rollen.

Basis van het succes vormt de lolly. Hoewel er al rudimentaire voorgangers bestonden ontwikkelde Bernat eind jaren vijftig het definitieve idee van een suikersnoepje op een stokje. Dit na intensief marktonderzoek, waaruit bleek dat de wat grotere caramelbollen tot nogal wat consumptieproblemen aanleiding gaven. Afgezien van de incidenten waarbij snoepbrokken in het verkeerde keelgat schoten, bleken de zoetbollen vooral te leiden tot kleverige kinderhanden, vieze kleren en woedende ouders.

Vanaf de jaren zestig groeiden de jonge generaties op met Chupa Chups. Een uitgebreid systeem van handelsreizigers bracht de lolly's aan de man. De Seatjes 600 met het bedrijfslogo - een ontwerp van Salvador Dalí - reden door heel het land. Chupa Chups werd gaandeweg een van de symbolen van de vooruitgang in Spanje en de merknaam vergroeide met het product: geen Spanjaard herkent een lolly anders dan als een chupachup.

Ook als exportproduct bleken de lolly's van Bernat aan te slaan. In de jaren zestig werd reeds een aparte fabriek in Frankrijk opgezet, terwijl in New York een verkoopkantoor werd ingericht. Na de succesvolle lancering in 1977 werden scheepsladingen lolly's naar Japan vervoerd.

Het succes van de lolly's van Chupa Chups bleek onstuitbaar. In de jaren tachtig werd een wereldwijd netwerk van distributiecentra ingericht in samenwerking met lokale snoepjesfabrikanten (zoals in Nederland met Van Melle). In 1989 werd de Russisische markt veroverd vanuit Sint Petersburg. Sinds 1994 produceert Chupa Chups in Shanghai voor de Chinese markt, gevolgd door een fabriek met een megacapaciteit van 10 miljoen lolly's per dag in Mexico voor de NAFTA-markt. Voor volgend jaar staat een fabriek in India op het programma.

De spreiding van de productie maakt onderdeel uit van een strategie die rechtstreeks te maken heeft met de voortschrijdende eenwording van de Europese markt, zo maakt Bernat duidelijk. “Europa in het algemeen heeft een veel grotere productie dan het zelf kan consumeren”, zegt hij. “Verdere Europese integratie zal de zaken alleen maar efficiënter maken. Dat betekent plaats voor minder bedrijven en de noodzaak tot de uitbreiding van de export.”

En juist bij de export tussen de verschillende economische blokken voorziet Bernat in de toekomst onvermijdelijk problemen. Want machtsblokken hebben de aangeboren neiging hun eigen markt af te schermen voor de import uit andere machtsblokken. En anders zijn er altijd nog wel goedkopere lage-lonenlanden waartegen de consument beschermd moet worden met het argument van het gevaar voor de werkgelegenheid.

Een spreiding van de productie moet de lolly-afzet ook in tijden van een handelsoorlog garanderen. “Zodra ze de poorten van een bepaald machtsblok sluiten hebben wij er in ieder geval al een fabriek staan. We moeten internationaal opereren om te overleven”, aldus Bernat.

Maar ook onder minder radicale omstandigheden komt het spreiden van de productiecapaciteit over de continenten van pas. De lokale productievestigingen maken Chupa Chups minder gevoelig voor importheffingen en andere barrières. Nu al prijst de president zich gelukkig met zijn Russische lollyfabriek. “Als we die nu niet hadden, zouden de zaken met Rusland een stuk moeilijker lopen door toedoen van nieuwe heffingen”, zegt Bernat.

De toekomstige verschuiving van de productie naar het buitenland heeft volgens Bernat dan ook niets te maken met een vlucht voor de hoge lonen in Europa. De lolly's van Chupa Chups worden grotendeels machinaal vervaardigd, het handwerk dat er aan te pas komt is gering.

De internationale spreiding heeft onvermijdelijk tot gevolg dat een toenemend deel van de productiecapaciteit zich buiten Europa zal bevinden. “Op dit moment vindt nog de helft van de productie in Spanje plaats en de helft in het buitenland”, zegt Bernat. “Maar de productiecapaciteit van de fabrieken die we in het buitenland hebben opgezet is inmiddels vijf keer zo groot als die in Spanje.”

Nu rollen er uit de fabrieken in Spanje nog zes dagen per week volcontinu de lolly's van de lopende band (één dag is nodig om de zaak te reinigen). Maar Bernat voorziet dat binnen afzienbare tijd de binnenlandse productie kan worden teruggebracht tot twee ploegendiensten per dag.

Afgezien van de verdere internationalisering probeert Chupa Chups de toekomst veilig te stellen door het ontplooien van een aantal nieuwe initiatieven. “We zitten midden in een mondiale campagne om de lolly ook voor de volwassenen tot een geaccepteerd product te maken”, zegt Bernat, terwijl hij liefkozend de steeltjes streelt van de lolly's in het bakje op de vergadertafel. De lolly moet af van zijn kinderimago.

In de jaren zeventig was het de acteur Telly Salavas die werd ingehuurd om in de televisieserie Kojak regelmatig een lolly van Chupa Chups in zijn mond te steken. Tegenwoordig vormt de sportwereld een van de speerpunten van Chupa Chups. “Sporters staan nu eenmaal meer open voor iets nieuws”, meent de president. Grote promotor was de afgelopen jaren Johan Cruijff, voormalige trainer van FC Barcelona en nog altijd woonachtig in de Catalaanse hoofdstad. Cruijff gaf na zijn hartproblemen het kettingroken op maar bleek toch iets in zijn mond te willen hebben. Het werden de lolly's van Chupa Chups. Voetballers,zwemmers, motorrijders en autocoureurs volgden het voorbeeld.

De promotiecampagne kent geen grenzen. Twee jaar geleden werden Chupa Chups meegenomen in het Russische ruimtestation Mir als alternatief voor de rookverslaving van de astronauten. De mode- en muziekwereld wordt de laatste tijd eveneens intensief bewerkt. Gianni Versace, Madonna en Michael Jackson lieten zich sabbelend op een lolly fotograferen. In Italiaanse discotheken verkreeg de gembervariant van Chupa Chups de afgelopen jaren een cultstatus als appetizer voor een glas whiskey. De introductie van nieuwe zuigsnoepjes (zoals suikervrije minipepermuntjes) moet de volwassenenmarkt verder openbreken.

De laatste jaren ontwikkelde Chupa Chups zich eveneens als distributeur van fast-food producten en complete inrichtingen van avondwinkels en benzine-stations. Samen met McLane, de Amerikaanse distributeur van Chupa Chups en de Spaanse oliemultinational Repsol werd hiertoe in Spanje een bedrijf opgezet. Eerder werd via dochteronderneming Confipack het ontwerpen van de eigen lolly-automaten ter hand genomen.

Daarnaast bestaan er nog bedrijfsvreemde activiteiten in de vorm van de verzekeringsmaatschappij Iberia de Seguros waar Bernat sinds de jaren zestig de meerderheid van de aandelen bezit. In 1994 kocht Chupa Chups voor 3,6 miljard peseta (bijna 50 miljoen gulden) het Casa Batlló, het meest bekende gebouw van de Catalaanse architect Gaudí aan de Barcelonese Paseo de Gracia.

Bij alle uitbreiding en diversificatie blijft de lolly het product waar het binnen Chupa Chups om draait, zo maakt Bernat duidelijk. De familie Bernat zal wat hem betreft in de toekomst niet alleen een meerderheidsaandeel van Chupa Chups in handen houden: ook de dagelijkse leiding blijft vooralsnog in handen van Bernat en zijn kinderen. Oudste zoon Xavier Bernat is vice-president van de holding en voorzitter van alle internationale groepsbedrijven. Zoon Ramón is president van de distributiesector, zoon Marc leidt de nieuwe minipepermuntjes en dochter Marta is presidente van de verzekeringstak.

De eenwording van de Europese markt betekent volgens Bernat onvermijdelijk een oplaaien van de concurrentiestrijd met de bijbehorende schaalvergroting. “Het wegvallen van de grenzen betekent dat we een verdere concentratie in het bedrijfsleven kunnen verwachten. Kleinere bedrijven kunnen de slag niet aan en worden opgekocht of verdwijnen.” Hoewel het gezien zijn omvang moeilijk nog tot de kleine en middelgrote ondernemingen gerekend kan worden - doelstelling is een omzet van de holding van 100 miljard peseta's (1,3 miljard gulden) in 1999 - zal ook Chupa Chups zich niet aan deze ontwikkeling kunnen onttrekken, zo verwacht Bernat.

Binnen de onderneming worden dan ook voorbereidingen getroffen om straks stevig in de schoenen te staan en de onafhankelijkheid te garanderen. Dat betekent mogelijke overnemingen die de financiële slagkracht van Chupa Chups te boven gaan. De Catalaanse familie-onderneming wist het tot dusver te rooien door zuinig aan te doen met de winstuitkeringen. “We hebben de laatste tien jaar twee keer dividend uitgekeerd en in beide gevallen ging het de vijf procent niet te boven”, vertelt Bernat met enige trots.

Nu de mogelijkheden van de zelffinanciering wat betreft het risicovermogen hun grens bereikt hebben wordt gewerkt aan alternatieven. “We zijn nu bezig met de voorbereiding van een beursgang. Binnen vier tot zes jaar moet Chupa Chups er klaar voor zijn”, zegt Bernat. Beursgang met behoud van onafhankelijkheid, zo maakt de president duidelijk. Want wat hem betreft zal de familie Bernat de meerderheid van de aandelen van de holding in handen houden.

Met het nieuwe geld kan Chupa Chups op overnamepad. “We zijn de absolute nummer een in lolly's, maar om een wereldleider te blijven zullen we verder moeten groeien”, meent Bernat. De snoepsector en de logistiek zijn volgens hem de sectoren waarin verdere expansie plaats zal vinden. Kandidaten zijn niet dik gezaaid. Het Amerikaanse Tootsie Rolls wellicht. “Het is een goed renderend bedrijf, maar ze hebben niet voldoende kapitaal”, filosofeert Bernat.

Wat betreft de euro zijn de zaken nog het minst duidelijk. Bernat brengt weinig enthousiasme op voor Europa's nieuwe munt. De monetaire unie dreigt volgens hem de zaken in een moeilijk te controleren stroomversnelling te brengen. “Het komt te plotseling. We hebben geen enkele ervaring met iets dergelijks”, meent hij. “Ik weet niet of we de steen der wijzen bezitten om dit tot een goed einde te brengen.”

Het risico van het werken in verschillende valuta valt volgens hem wel mee in verhouding tot de onzekerheden van Europa's monetaire toekomst. Onzekerheid die volgens Bernat onvermijdelijk onrust met zich meebrengt. Dat betekent volgens hem een kapitaalvlucht uit Europa, zowel van bedrijfs- als van particuliere vermogens. “Niemand weet wat er gaat gebeuren. Dus breng je je geld naar een plek waar de garanties sterker zijn”, zo verwacht hij voor de komende jaren.

Allereerst moet die munt er nog maar komen, want dat is volgens Bernat nog lang niet zeker. Zeker nu. “Het is als een ruziënde familie waar je graag bij wilt horen. Dan moet er toch eerst overeenstemming zijn rond de omgangsvormen. Er is geen familieprotocol. Zolang dat er niet is, blijft het moeilijk”, meent Bernat.

Enige weken geleden rolde het ene na het andere positieve bericht over de Spaanse economie van de persen. De inflatie bevindt zich op een historisch dieptepunt, het begrotingstekort ligt voor dit jaar op drie procent en zal verder dalen en ook de rentevoet is stevig verlaagd. Volgens de rekenmeesters in Brussel maakt Spanje zelfs een goede kans om straks mee te mogen doen met de euro: aan vrijwel alle voorwaarden wordt voldaan.

Ten burele van Chupa Chups is er geen fles champagne voor geopend. “Misschien dat de mensen hier nu meer gestimuleerd worden om iets te ondernemen, maar fundamenteel is er nog altijd weinig veranderd in de Spaanse economie”, meent Bernat. Als ondernemer meent hij dat bijvoorbeeld het afschaffen van de vermogensbelasting een veel grotere impact op de Spaanse economie zou hebben dan het vooruitzicht straks met de euro mee te mogen doen. Veel vooral kleinere bedrijfjes zouden gebaat zijn met een onbelaste vermogensstroom, zo vermoedt hij. Nu verdwijnt veel van het geld spoorloos naar het buitenland.

“Het is een zaak waar vooral de politici mee bezig zijn”, meent Bernat over de euro, terwijl hij zijn handen in vragende wanhoop ten hemel heft. De lollyfabrikant praat er regelmatig over, maar tot dusver heeft niemand hem precies kunnen uitleggen wat de gevolgen van Europa's centrale munt zullen zijn. Laat staan dat er nu al iets zinnigs te zeggen valt over een goede manier om te anticiperen op de invoering. Bernat: “Het enige wat we zeker weten van de euro is de naam.”