Een milde blik op het campusleven

Love and Other Catastrophes. Regie: Emma-Kate Cochran. Met: Frances O'Connor, Alice Garner, Matt Day, Matthew Dyktynski. In: Cinecenter, Rialto, Amsterdam; Lantaren/Venster, Rotterdam; Haags Filmhuis; 't Hoogt, Utrecht; Cinemarïenburg, Nijmegen.

De eerste dag van het nieuwe jaar op de universiteit van Melbourne is hectisch voor de vijf studenten die de hoofdrol spelen in Love and Other Catastrophes. Ari speelt de hoer voor een rijke dame, Alice moet op tijd zijn voor haar job in de coffeeshop, Michael poetst zijn tanden en moet opzij springen voor een huisgenoot die in de wasbak wil braken, Mia moet een bibliotheekboete betalen en Danni komt vertellen dat ze bij Savita sliep om Mia jaloers te maken.

Love and Other Catastrophes is de eerste speelfilm van de pas 23-jarige Australische regisseuse Emma-Kate Cochran en ze koos slim een onderwerp waar ze veel van wist en dat ze voor weinig geld tot een film kon promoveren: het leven op de campus van de universiteit. Cochran heeft zich snel een milde blik eigen gemaakt: de maniertjes van het milieu irriteren haar niet, ze amuseren haar en daarom overdrijft ze ze een beetje. Alice schrijft een scriptie over 'Doris Day als feministische krijger', Ari strooit met citaten van allerhande filosofen en Mia wil liever over Tarantino en Spike Lee leren dan over Alfred Hitchcock.

Belangrijker dan de studie is natuurlijk de liefde. Alice wil Ari en Mia heeft Danni, maar Ari wil Alice vast niet en Mia wil Danni maar een beetje. Op het feestje dat Alice en Mia 's avonds geven, moet alles goed komen.

Love and Other Catastrophes doet net zo hip als de Nederlandse films Zusje en Hufters en Hofdames, maar het mist de ingenieuze structuur die deze films bijzonder maakte. Love and Other Catastrophes is recht voor z'n raap een soepele, lichte komedie die soms al te trots is op het kleine budget waarmee de film gemaakt is: kijk ons eens voor weinig geld plezier hebben, lijkt soms de belangrijkste boodschap, en al is het wat koket, aardig is het wel.

Cochran spiegelt zich aan Amerikaanse onafhankelijke filmmakers als Hal Hartley en Kevin Smith, maar ook aan de screwball comedy's van Hollywood. De leukste scène van de film is die waarin de vijf hoofdrolspelers hun favoriete films moeten opnoemen. Pulp Fiction wordt vanzelfsprekend genoemd, maar ook The Purple Rose of Cairo, Meet me in Saint Louis en nog een paar onverwachte klassiekers. In die scène krijgt de filmmaakster het voor elkaar de filmvoorkeur met de liefdesvoorkeur te laten samen vallen en zo'n vrolijke blik op wat film vermag is een gepast einde voor deze eersteling.