Zwitserse minister gispt houding VS

BERN, 10 JUNI. De Zwitserse minister van Buitenlandse Zaken, Flavio Cotti, heeft gisteren in het parlement de manier waarop de Zwitserse bankemployé Christoph Meili in de VS wordt behandeld “grotesk” genoemd. Meili ontdekte dit voorjaar bij een van de belangrijkste Zwiterse banken, de Union Bank of Switzerland, documenten die klaar stonden om in de papiervernietiger te verdwijnen en die mogelijk betrekking hadden op de Tweede Wereldoorlog en het nazigoud.

Hij overhandigde het materiaal aan een joodse organisatie en werd daarop door de Zwitserse justitie beschuldigd van schending van het bankgeheim.

In april vluchtte Meili met zijn gezin naar de VS, naar eigen zeggen wegens bedreigingen. Hij werd als een held ontvangen en is onder meer gehoord door een commissie van het Congres. Volgens Cotti is ten onrechte de indruk gewekt dat Meili zijn leven niet zeker was en dat “Zwitserland een land is waar de rechten van de mens en basisvrijheden niet worden gerespecteerd”. Volgens Cotti kan Zwitserland op dit gebied de vergelijking met ieder ander land doorstaan.

Hans Baer, van de Zwitserse bank Julius Baer, heeft de joodse gemeenschap gisteren gevraagd om geduld. “Ik denk dat het goed is als de druk van de ketel wordt gehaald”, hield Baer zijn joodse gehoor in Boston voor, omdat de Zwitsers in een referendum anders mogelijk tegen 'compensatie' van oorlogsslachtoffers stemmen. Volgens Baer zal de lijst met namen van mensen die tijdens de nazitijd een rekening hadden geopend, binnenkort openbaar worden gemaakt. (AP)