Nieuw onderzoek in zaak-Brinkman

DEN HAAG, 10 JUNI. Minister Dijkstal (Binnenlandse Zaken) heeft procureur-generaal Docters van Leeuwen en de Zuid-Hollandse commissaris van de koningin, Leemhuis, gevraagd de affaire rond de Rotterdamse politiechef Brinkman te onderzoeken. De minister wil aan het einde van de week duidelijkheid over de “onherstelbare breuk die er klaarblijkelijk is in Rotterdam”.

Dijkstal zei dit gisteren in een debat met de Tweede Kamer over de politie. Korpsbeheerder Peper steunde tot vorige week zijn korpschef Brinkman, die eind april in aanvaring kwam met de ondernemingsraad en drie vakbonden. Vorige week trok burgemeester Peper zijn steun in, gesteund door het regionaal college van burgemeesters. Over de toekomst van korpschef Brinkman moet minister Dijkstal een eindoordeel vellen.

Dijkstal wacht daartoe het resultaat van het onderzoek af. De minister beriep zich op de Politiewet, waarin de burgemeesters meer zeggenschap over de politie hebben gekregen. Volgens Dijkstal is het “zeer moeilijk” een eigen oordeel te vormen. Eerder kon Dijkstal geen maatregelen nemen tegen de toenmalige korpschef in Haarlem, Straver, die in opspraak was gekomen door de IRT-affaire, omdat burgemeester Pop van Haarlem daartoe geen aanleiding zag.

Korpschef J.W. Brinkman, die gisteren twee uur lang op het ministerie zijn kant van het verhaal heeft verteld, meent dat het conflict met het regionaal college van burgemeesters van de Rijnmondgemeenten over zijn functioneren, in een “fors gesprek” met de korpsbeheerder Peper kan worden opgelost. “De tijd moet nog even zijn werk doen om over te kunnen gaan tot de orde van de dag.”

Pagina 3: 'Conflict is door Peper uitvergroot'

Brinkman stelde gisteren in de actualiteitenrubriek Netwerk dat Peper voortdurend stemming tegen hem gekweekt heeft; vanaf het naar buiten brengen van het negatieve advies van de OR bij zijn aanstelling, tot aan de vergadering van het regionaal college. Peper had toegezegd zijn plannen met hem te bespreken maar had dat niet gedaan. “Hij heeft een overvaltactiek toegepast. En dat moet je bij mij niet doen.” Peper wilde vanmorgen niet reageren in afwachting van de resultaten van het onderzoek van Doctors van Leeuwen en Leemhuis.

Het regionaal college zegde vorige week donderdag het vertrouwen op in Brinkman naar aanleiding van diens optreden op maandag. Hij maakte toen in krachtige termen bezwaar tegen het voorstel van Peper de korpsleiding uit te breiden met een commissaris die het overleg met de Ondernemingsraad en de politiebonden zou gaan voeren. Dit was een van de conclusies uit het eerste onderzoek naar het functioneren van de korpschef. Brinkman zei dat hij geen marionet wilde zijn en wees alle kritiek op zijn stijl van leidinggeven af.

Brinkman stelde vrijdag in een verklaring “op geen enkele wijze bereid te zijn om op te stappen”. Hij verweet Peper “irrationeel handelen” omdat deze het conflict “buitenproportioneel had uitvergroot”. Voor de radio sprak Brinkman vanochtend van een “bizarre ontwikkeling”. Hij wees erop dat hij Pepers voorstellen vorige week dinsdag volledig had aanvaard.

Burgemeester J. Waayer van Ridderkerk zette vanochtend desgevraagd vraagtekens bij het nut van een gesprek tussen Brinkman en Peper. “Je moet de deur nooit op slot doen. Maar voor een gesprek moet bij beide deelnemers wel een zekere chemie bestaan en ik betwijfel of die er is na Brinkmans verwijt over Pepers irrationeel gedrag.” Volgens Waayer staan de Rijnmondburgemeesters nog volledig achter hun opvatting dat Brinkman met zijn optreden het vertrouwen ernstig heeft ondermijnd en dientengevolge zou moeten opstappen.

Voorzitter De Neef van de Rotterdanmse afdeling van de Nederlandse Politiebond (NPB) zei vanochtend dat minister Dijkstal “niet veel tijd nodig zal hebben om een besluit te nemen over het ontslag van Brinkman”. De Neef: “Het conflict tussen Brinkman en Peper wordt openlijk uitgevochten. Er is nu dusdanige schade aan het korps Rotterdam-Rijnmond toegebracht dat een onderzoek zoals Dijkstal laat instellen, minder relevant is geworden.”