'Ik vraag me af wie hem heeft aangemoedigd brand te stichten'; Turkse vader vervloekt zoon

Vrijdagavond is de 25-jarige Necmettin Kösedag gearresteerd. Hij heeft bekend de brand te hebben gesticht bij zijn familie in de Haagse Frans Halsstraat, waarbij zes mensen om het leven kwamen.

DEN HAAG, 10 JUNI. “Een uur voor zijn arrestatie was mijn zoon nog bij Zeki thuis. Ze zagen elkaar regelmatig, van spanningen of ruzie tussen hen is mij helemaal niets bekend. Ik ben verbijsterd over wat hij heeft gedaan, mijn hoofd slaat er van op hol.”

Hamid Kösedag (60) wringt zijn stevige handen en kijkt ons vragend aan. Zijn 25-jarige zoon Necmettin is afgelopen vrijdagavond bij diens woning gearresteerd en heeft bekend in de vroege nacht van 26 maart de brand bij de familie Kösedag in de Frans Halsstraat te hebben gesticht. Daarbij kwamen moeder Mahi en vijf van haar tien kinderen om het leven. Ze zijn begraven in hun geboortestreek in Oost-Turkije. Volgens zijn advocaat heeft de man de aanslag alléén gepleegd.

“Ik ben bij de begrafenis geweest, Necmettin ook en nog een zoon van me”, vertelt Hamid Kösedag in de kleine huiskamer van zijn bovenwoning in de wijk Transvaal. Hamid en de vader van Zeki Kösedag, het hoofd van het getroffen gezin, zijn broers. “Ik vervloek mijn zoon, ik vervloek hem duizend maal”, zegt de gelovige Hamid, een vraag onderbrekend. “De kinderen van Zeki waren ook mijn kinderen. Waarom heeft Necmettin mijn kinderen vermoord?” Als de aanslag niet was gebeurd, zou Hamid voor de tweede keer in zijn leven naar de voor moslims heilige stad Mekka zijn gereisd.

Een duidelijke verklaring voor de aanslag heeft de vader niet, maar enkele aanwijzingen zijn er wel. “Twee jaar geleden is Necmettin bij de dokter geweest. Die had hem verteld dat hij ziek in zijn hoofd was, dat hij binnen enkele jaren zijn verstand zou verliezen”, herinnert hij zich.

Niet bekend

Vorig jaar is Hamid Kösedag uit bezorgdheid nog eens bij Necmettin op bezoek gegaan: “Zijn vrouw lag op de vloer te huilen. Alles in huis was kapot, overal lag rommel. Vader, zei ze tegen me, kijk nou toch eens hoe het er uit ziet. Necmettin bleek al drie dagen niet thuis te zijn geweest, mijn schoondochter wist niet waar hij zat”, zegt Hamid Kösedag.

Toen zijn zoon later terugkeerde, weigerde hij tekst en uitleg te geven. Maar de echtgenote hield aan en, vertelt Hamid, plotseling pakte zijn zoon één van de twee peuters en dreigde die uit het raam te gooien. De zaak werd ternauwernood gesust. Een paar dagen later ging Necmettin met een bijl in zijn woning tekeer en vernielde muren en deuren. “Ik weet niet wat er met hem is gebeurd, het is iedereen bekend hoe ik op hem ingepraat heb om fatsoenlijk te leven, maar het hielp niets, hij hoorde me niet meer.” Nu is de woning van Necmettin Kösedag wegens huurschuld ontruimd, zijn vrouw en kinderen verblijven op een onbekende plek.

Over de nauwe contacten tussen zijn neef Zeki Kösedag en Necmettin zegt hij niet meer te weten dan dat die bestonden. “Zeki is een serieuze man, die doet absoluut geen domme dingen. Als mijn zoon zegt dat Zeki onaardig tegen hem is geweest, dan liegt hij. Ik geloof er niets van.” Maar dat zijn zoon de brandstichting alleen op zijn geweten heeft, kan vader Hamid al evenmin geloven: “Ik vraag me af wie hem heeft aangemoedigd de brand te stichten, wie hem wellicht de opdracht hiertoe heeft gegeven.”

Op de vraag of hij een vermoeden heeft, schudt Hamid Kösedag het hoofd. Zijn zoon wil hij nooit meer zien: “Hij heeft het leven voor mij en mijn gezin onmogelijk gemaakt. We kunnen ons nergens meer vertonen, ook niet bij onze familie. Dat is onze straf.”