WILLEM NIJHOLT

Willem Nijholt: Nooit verloren. Endemol/Dino, ENCD 7107

Willem Nijholt heeft in lange tijd geen solo-plaat meer gemaakt, en de nieuwe cd Nooit verloren is dat maar gedeeltelijk. Van de vijftien liedjes zingt hij er acht; vijf worden vertolkt door Frans Ehlhart en twee zijn duetten. Dat is een merkwaardige combinatie, veroorzaakt door het feit dat Ehlhart niet alleen alle nummers op muziek zette, en ook als arrangeur en producer optrad. Uit het tekstboekje blijkt dat hij tevens onder druk werd gezet om zelf af en toe in zingen uit te barsten. Als luisteraar vind ik dat eerlijk gezegd een beperkt genoegen; hij heeft een gruizig timbre dat soms wel een passende sfeer oproept, maar hij perst veel woorden met zo veel kracht naar buiten dat het resultaat nogal eenvormig is.

Nijholt is veel veelzijdiger. Fluweelzacht zingt hij een zomers vers van Willem Wilmink, ruig en wellustig baant hij zich een weg door een brutaal nummer van Hans Dorrestijn, en soepel swingend haalt hij alle kleuren tevoorschijn uit een grappige tekst van Boudewijn Spitzen. Daarbij laat Frans Ehlhart horen waarop zijn faam als cabaret-begeleider en -componist is gebaseerd: hoewel hij dienstbaar blijft aan de tekst, vindt hij toch verrassend vaak een pregnanter oplossing dan het obligate cabaret-deuntje.

Het titellied, op po√ętische woorden van Anne Cazemier, wordt ontroerend teder gezongen door Willem Nijholt en ragfijn aan de piano begeleid door Ehlhart. In die rolverdeling hoor ik hen het liefst.