Wetgever helpt consument om assertiever smartegeld te claimen; Door schade en schande rijk worden

Consumentenbond 070-4454545

Stichting geschillencommissies voor consumentenzaken 070- 3105310

U wilt nog even snel boodschappen doen en glijdt in de supermarkt uit over de net geschrobde vloer. Is de winkel daarvoor aansprakelijk? Het vriesvak is volgeladen voor wat een zomers weekeinde wordt en uw energiebedrijf kampt plotseling met een stroomstoring, zodat de voorraad Magnums verwatert. Kunt u ergens de schade claimen? Uw kind komt, spelend op het schoolplein, terecht in de begroeiïng langs de kant en loopt brandwonden op door de aanrakingen met Berenklauw, een gevaarlijke plant. Wat doet u?

De ouders van het jongetje dat gegrepen werd door de Berenklauw stapten afgelopen week naar de gemeente, op wie zij een deel van de kosten van medische behandeling willen verhalen. Zij beschuldigen de gemeente van nalatigheid: die had er op moeten toezien dat zulke bedreigende planten niet groeien in de buurt van plaatsen waar kinderen spelen. Burgers en consumenten worden steeds assertiever om de geleden schade die zij vroeger bij dergelijke huis-tuin-en-keuken ongevallen zelf betaalden, nu op anderen te verhalen. Bij de oliemaatschappij, wiens boorwerk tot aardschokken en schade aan huizen en huisraad leidt. Bij de leverancier van water, gas of elektra. Bij de eigenaar van de winkel waar het ongeluk plaatsvond. Of bij de werkgever, als het om uiteenlopende ziektes gaat als asbestvergifting of een muisarm.

“Wie moet de schade dragen? Degene die de schade lijdt, of degenen die de schade heeft toegebracht”, zo schetst juridisch medewerker A. Zwinkels van de Consumentenbond. Hij constateert een groeiende bereidheid van consumenten om naar de rechter te stappen voor schades die zij vroeger zelf betaalden. Klagen biedt meer heil dankzij wijzigingen in de wet die de consument beter moeten beschermen en door uitspraken van rechters die zijn positie eveneens verbeteren. Slachtofferbescherming speelt een steeds grotere rol, zoals blijkt uit de wijziging van de verkeersregels, die de automobilist bij voorbaat aansprakelijk maken bij aanrijding van een fietser of voetganger.

Klagen krijgt bovendien een impuls door het overheidsbeleid om de hoogte van sociale uitkeringen te beperken. De rechtskundige dienst van de FNV haalde vorig jaar voor een bedrag van 107 miljoen gulden binnen aan schadevergoedingen van bedrijven voor letselschade op de werkplek en voor ontslagregelingen. Met name letselschade-uitkeringen stijgen, ook al omdat werknemers en werkgevers niet meer zoals vroeger een deel van de lasten op sociale voorzieningen kunnen 'afwentelen'.

“Vroeger betaalden mensen de schade zelf, en voor sommige schades was je verzekerd. Nu zie je een tendens dat wie in het maatschappelijk verkeer onrechtmatig handelt of tekort schiet, ook eventuele schade moet voldoen. Dat is vastgelegd in het Burgerlijk Wetboek en je ziet dat partijen zich daarnaar gaan gedragen”, aldus Zwinkels. Een paar weken geleden won de Consumentenbond een proefproces in deze categorie, toen de Hoge Raad een uitspraak deed over aansprakelijkheid van nutsbedrijven als de stroom-, water- of gasvoorziening een tijdje uitvalt.

De hoogste rechter kwam tot de conclusie dat de uitsluiting van aansprakelijkheid, die de nutsbedrijven in hun algemene leveringsvoorwaarden hadden opgenomen, in strijd was met de wet. Sinds 1992 staat in de wet dat de zaak moet worden omgedraaid: zo'n uitsluiting van aansprakelijkheid is op zichzelf al een onredelijke leveringsvoorwaarde, die pas acceptabel is als het nutsbedrijf aantoont dat het wel redelijk.

De gang naar de rechter is overigens niet de enige optie die een consument heeft. Voor verschillende bedrijfstakken bestaan ook officiële klachtencommissies, die bindende uitspraken doen in conclicten tussen klanten en leveranciers. De Stichting Geschillencommissies voor Consumentenzaken bundelt 23 klachtencommissies, van chemisch reinigen (de eerste, uit 1970) tot en met hypothecaire financieringen (1997). De voordelen van dit soort arbitrage zijn de lage kosten en de snelheid waarmee de klacht wordt behandeld. Een klacht over een stroomstoring in Bleiswijk leidde bij de Geschillencommissie Openbare Nutsbedrijven tot een schade-uitkering, zo herinnert Zwinkels zich.

Een concrete schadeklacht bij de rechter over bijvoorbeeld een stroomonderbreking kent hij niet, maar dat ligt anders bij de ongevallen in supermarkten. De Consumentenbond probeert daarover een uitspraak te krijgen in een bodemprocedure van een mevrouw die arbeidsongeschikt werd na een val in een winkel van Albert Heijn. Jaarlijks komen zo'n 3.000 valpartijen voor. “Weinig consumenten hebben zin in een procedure over eventuele schade, met de kans dat ze uiteindelijk verliezen”, zo zegt Zwinkels.

De grootwinkelbedrijven beroepen zich op een tien jaar oud vonnis dat op hen geen aansprakelijkheid rust als zij de vloer maar schoonhouden, de Consumentenbond wil die uitspraak toetsen aan de nieuwe maatschappelijke ontwikkelingen. “Wij zijn niet uit op betaling van schade, maar op afdoende preventie, zoals bedekking van de vloer zodat uitglijden onmogelijk is”, zo verweert Zwinkels zich bij voorbaat tegen de beschuldiging dat 'Amerikaanse toestanden' ook in Nederland actueel worden.

De astronomische schadevergoedingen die in Amerika worden uitgekeerd voor simpele ongelukjes zijn het schrikbeeld van elke werkgever en elke verzekeraar. Een klant van McDonalds ontving drie miljoen dollar voor brandwonden die ze opliep bij het knoeien met hete koffie. De jacht op riante claims wordt daar in de hand gewerkt door de (in Nederland verboden) no cure, no pay betalingen aan advocaten, de juryrechtspraak en het feit dat klagers naast de schade ook een soort boete kunnen eisen tot drie keer het schadebedrag (punitive damages).