Korpschef Brinkman: ik stap niet op

ROTTERDAM, 7 JUNI. De Rotterdamse korpschef van politie, J. W. Brinkman, “is op geen enkele wijze bereid zelf op te stappen”. Dit schrijft hij in een schriftelijke verklaring die hij gisteren heeft doen uitgaan.

Brinkman vindt dat de Rotterdamse burgemeester Peper “irrationeel” handelt en “te hard van stapel is gelopen” door in navolging van de bonden en ondernemingsraad het vertrouwen in Brinkman op te zeggen. De korpschef zegt dat hij zich “gesteund weet door een groot deel van zijn korps” en hij wil daarom het conflict dat door Peper “buitenproportioneel is uitvergroot” uitpraten. Brinkman zegt zich ook gesteund te weten door de Rotterdamse hoofdofficier van justitie L. de Wit.

Dat de korpschef zich maandag in een vergadering met het beherende regionaal college van burgemeesters kritisch heeft uitgelaten over het voorstel van Peper om nog een extra man toe te voegen aan de korpsleiding komt volgens Brinkman omdat hij door dit voornemen zou zijn overvallen. Een dag later bleek het volgens hem niet meer mogelijk met Peper een redelijk gesprek over de kwestie te voeren omdat de burgemeester “niet voor rede vatbaar was. Er restte slechts een keuze tussen slikken of stikken”.

Premier Kok wil snel duidelijkheid over de positie van Brinkman. Hij laat de besluiten verder over aan Dijkstal (Binnenlandse Zaken) en Sorgdrager (Justitie). Dijkstal zegt de conclusie van korpsbeheerder Peper zwaar te laten wegen.