In Mexico wordt weer gemarteld

In de Mexicaanse deelstaat Oaxaca lijken de oude tijden van de bananenrepubliek te herleven. Verdwijningen, geheime gevangenissen en marteling door leger en politie. “Degenen die de schokken gaven stonden onder bevel van mannen met FBI-petten op.”

OAXACA, 7 JUNI. De cel is niet groter dan vier bij zes meter. Negenentwintig mannen zitten op de betonnen vloer. Sommigen naaien leren voetballen in elkaar. Anderen kijken zwijgend naar de vliegen.

“Ze kwamen om vier uur 's ochtends met ongeveer zestig soldaten en agenten”, vertelt de indiaan Pedro Santiago (36) in gebroken Spaans. Hij is boer. Net als zijn celgenoten is hij afkomstig uit het dorp San Agustín Loxicha in het indiaanse zuiden van de deelstaat Oaxaca. “Ze trapten de deur in en begonnen onmiddellijk te slaan”, vertelt Santiago.

Samen met een twintigtal anderen werd hij op een vrachtwagen geladen en naar een afgelegen plek gebracht. “Ze kleedden me naakt uit en bonden mijn handen en voeten vast”, vertelt hij.

“Ze legden me op de grond en bedekten mijn gezicht met een natte handdoek. Toen begonnen ze vuil water in mijn mond en neus te gieten, terwijl ze me elektrische schokken toedienden op mijn testikels en andere plaatsen van mijn lichaam.”

Pedro Santiago tilt zijn t-shirt op. Brandwonden bij zijn tepels, op zijn buik, en onder zijn oksels. “Er waren ook twee mannen bij met petten waarop in gele letters FBI stond”, herinnert hij zich. “Ze waren blond en spraken slecht Spaans. Ze deelden orders uit aan de agenten die me martelden.”

Nu komen ook de anderen los. Dorpsonderwijzer Amadeo Valéncia (34) vertelt hoe agenten zijn huis in elkaar trapten. Daarna werd hij opgesloten in een clandestiene gevangenis, een cel van drie bij vier meter, samen met eenentwintig anderen.

De gevangenen kregen geen voedsel, geen water, en mochten niet naar de wc. Ze werden gedwongen blanco papieren te ondertekenen. Later bleken de documenten plosteling bekentenissen te bevatten. “Bij elkaar hebben we wel een heel regiment vermoord”, zegt onderwijzer Valéncia.

In het kantoor van het 'centrum voor de mensenrechten' in Oaxaca graaft Angélica Ayala in haar dossiers. Sinds het ontstaan van het terroristische Revolutionaire Volksleger EPR afgelopen zomer is het een 'gekkenhuis', zegt de jonge advocate. Geen dag gaat voorbij of er komen nieuwe meldingen van verdwijningen en onrechtmatige arrestaties.

Inmiddels zitten meer dan zestig Indianen uit San Agustín Loxicha vast op beschuldiging van terrorisme. “Een curieuze zaak”, zegt Ayala.

Pagina 4: 'Meer dan een kind van God kan verdragen'

In geen van de gevallen was de politie in het bezit van een arrestatiebevel. Soms dagenlang waren de mannen door hun familie als vermist opgegeven. “Dan doken ze opeens op in de gevangenis van Oaxaca met ondertekende verklaringen over hun deelname aan de terroristische EPR.” Ayala beschrijft hoe ze bij elke gevangene de sporen van marteling aantreft. Ergens onder een hoge stapel trekt ze een document tevoorschijn, de verklaring van drie Indiaanse vrouwen die op 1 december 1996 getuige waren van een arrestatie in het gehucht Llano Maguey. Ook bij deze actie zouden Amerikanen aanwezig zijn geweest: 'vier mannen met een buitenlands uiterlijk' die 'slecht Spaans' spraken en 'zwarte petten met de letters FBI erop' droegen.

'Belachelijk', 'onzinnig', 'silly'. De Amerikaanse ambassade in Mexico reageert gepikeerd op het verhaal. Groot, blond, en met een FBI-pet op? “Het is of ze de Malboro-man beschrijven”, zegt een woordvoerder. “Een fantasie over hoe een FBI'er eruit moet zien.” Toch kan de ambassade niet ontkennen dat de FBI het afgelopen jaar in Oaxaca aanwezig was. Maar dat was in het kader van een trainingsprogramma voor de politie, zegt de woordvoerder. Volgens hem werken de FBI en de Mexicaanse politie al jaren samen. Hoeveel FBI-agenten er in Mexico zijn kan hij niet zeggen. Wel heeft afgelopen zomer, toen de EPR voor het eerst van zich liet horen, de Amerikaanse ambassadeur de Mexicanen aangeboden te helpen in de bestrijding van de terroristische beweging. “Het aanbod is afgeslagen”, zegt de ambassade. “En wat ons betreft is Mexico ook best in staat zelf zijn terrorisme te bestrijden.”

Aldus zijn nu alleen al in Oaxaca meer dan honderd mensen opgepakt op beschuldiging van lidmaatschap van de EPR. Opmerkelijk is dat het overgrote deel afkomstig is uit het Indiaanse San Agustín Loxicha, een verzameling gehuchten met in totaal dertienduizend inwoners. Er is geen bestrating en geen elektriciteit. De huizen zijn van planken en golfplaat gemaakt, terwijl er voor de hele streek maar één arts is.

Sinds het begin van de politieacties, vorig jaar september, houden de meeste inwoners zich schuil in de bergen. “De mensen zijn bang”, vertelt caféhouder Máximo Pacheco (30) die een week geleden is opgepakt. Zijn gezicht is nog blauw en dik van de klappen die hij tijdens zijn 'ondervraging' kreeg. “De mensen verstoppen zich steeds verder wegens de legerhelikopters die dag en nacht overvliegen.” De andere gevangenen overladen hem met vragen over het lot van hun vrouwen en kinderen. Hoeveel patrouilles? Wordt er geschoten en schieten ze ook vanuit de helikopters?

Officieel is het in Mexico voor een buitenstaander onmogelijk zomaar een gevangenis te bezoeken. Een glimlach en een bewonderend praatje met de onderdirecteur kunnen echter wonderen doen. Hoogstpersoonlijk bracht de onderdirecteur van de Ixcotel gevangenis in Oaxaca de journaliste naar de verweerde 'EPR-cel'. Geen bewakers, geen controle. Zomaar de mogelijkheid een paar uur vrij te praten. Na aanvankelijke verbazing namen de gevangenen de gelegenheid te baat. De meesten overhandigen een geschreven getuigenverklaring van hun arrestatie 'om mee naar buiten te nemen'.

Opnieuw verhalen over ondervragingen en marteling. “Twee dagen zonder eten en drinken. Opnieuw gaven ze me schokken en zeiden: waar heb je de wapens verborgen?”, vertelt Iríneo Ortega (35). “Daarna zeiden ze dat ze mijn vrouw en mijn dochters hadden verkracht. Toen ik dat hoorde werd ik droevig. Dat was meer dan een kind van God kan verdragen. Ze vroegen namen. Wat kon ik zeggen? Ik heb de EPR nooit gezien. En na wat ik heb meegemaakt wil ik ze ook nooit ontmoeten. Wij betalen voor wat zij doen.”

Maar waarom de arrestaties? Waarom de politieacties in San Agustín? De Indianen halen hun schouders op. Dan vertelt de wethouder van waterzaken dat op 28 augustus, de dag van de eerste golf EPR-aanslagen, een radiozendmast vlakbij het dorp vernietigd werd. “Ze denken dat de EPR bij ons een basis heeft.”

Volgens de overkoepelende mensenrechtencommissie van Mexico is er echter meer aan de hand. Nadat in een van de eerste politieacties, in september vorig jaar, de hele top van de gemeente San Augustín werd gearresteerd, is door de deelstaat Oaxaca een tijdelijke burgemeester benoemd. “Deze is nauw verbonden aan een beruchte casique (een plaatselijke potentaat annex grootgrondbezitter, MvR) die jaren geleden uit de streek werd verdreven”, schrijft de commissie in haar laatste rapport. Uit de getuigenissen voor de mensenrechtencommissie blijkt dat de politie bij haar acties altijd vergezeld is van vier gemaskerde mannen. Dorpelingen hebben in hen medewerkers van casique Jaime Valencia herkend. Inmiddels is Jaime Valencia in San Agustín Loxicha terug als de coördinator van de gemeente.

“Het lijkt op een gecoördineerde poging om het oude gezag van de grootgrondbezitters terug te brengen”, zegt Felipe Sanchez. Hij werkt bij het regionaal centrum voor Indiaanse ontwikkelingszaken in Oaxaca. In oktober vorig jaar werd hij gekidnapt door onbekende mannen. Hij werd geblinddoekt meegenomen naar een appartement, waar hij drie dagen lang ondervraagd en gemarteld werd. “Ik had het idee dat het militairen waren. Ik ben zelf militair geweest. Ze hadden dezelfde manier van optreden, dezelfde straffen deelden ze uit. Ook waren ze op de hoogte van elk telefoontje dat ik de laatste maanden had gepleegd.”