Hersteloperatie om ongeldigheid wetten en regels

DEN HAAG, 7 JUNI. Het kabinet heeft een “nationale hersteloperatie” ingezet om de gevolgen van het Europese Securitel-arrest voor Nederland te beperken. Met het openbaar ministerie wordt maandag overlegd over strafzaken die hangende deze operatie zullen worden aangehouden. De Europese Commissie heeft inmiddels medewerking toegezegd.

Dit hebben de ministers Wijers (Economische Zaken) en Sorgdrager (Justitie) gisteravond meegedeeld nadat onthullingen over de juridische ongeldigheid van bijna 400 Nederlandse voorschriften voor opschudding in Den Haag hadden gezorgd. De bewindslieden hopen zo “het risico van grote maatschappelijke onrust te kanaliseren”, aldus Wijers. Het kabinet heeft gisteren over de kwestie voor de tweede keer binnen een week een brief naar de Tweede Kamer gestuurd. De Socialistische Partij wil volgende week een spoeddebat houden.

Het Securitel-arrest is een uitspraak van het Europese Hof van Justitie waarin wordt bepaald dat technische voorschriften die voorafgaand aan de opstelling niet aan Brussel zijn gemeld, niet toepasbaar zijn. Het gaat om regels voor bijvoorbeeld de veiligheid van speelgoed of de kwaliteit van meetapparatuur. Melding is verplicht om te voorkomen dat een EU-land technische voorschriften gebruikt om concurrerende goederen uit een andere lidstaat te weren.

Het arrest van Europa's hoogste rechter dateert van 30 april vorig jaar en was al direct daarna in vakkringen bekend.

Wijers zei gisteren dat hij pas in januari door zijn ambtenaren van de kwestie op de hoogte werd gesteld. Op 17 januari is het kabinet begonnen de Nederlandse regelgeving te inventariseren die niet overeenkomstig de Europese afspraken tot stand is gekomen. Uiteindelijk was pas “vorige week vrijdag of de vrijdag daarvoor” de volle omvang van het probleem duidelijk: aan 17 wetten, 86 algemene maatregelen van bestuur, 138 ministeriële beschikkingen en 21 besluiten van Publiek Rechtelijke Bedrijfsorganisaties “lijkt een gebrek te kleven”.

De oorzaken van het falen bij het melden zijn volgens Wijers uiteenlopend. Zij variëren van eigen interpretatie van de richtlijnen op departementen en de neiging om naar zichzelf toe te redeneren tot nieuwe inzichten na uitspraken van het Hof.

De hersteloperatie houdt in dat technische voorschriften die in strijd met Europese regels blijken te zijn opgesteld en daarom kennelijk ongeldig zijn, via spoedprocedures opnieuw worden opgesteld. Daarbij zullen zij - zoals al in 1983 Europees is afgesproken - aan de Europese Commissie worden gemeld, opdat andere EU-lidstaten bezwaar kunnen aantekenen. “Wij zijn uiteraard bereid Nederland te helpen”, zei een woordvoerder van de Europese Commissie gisteren.

Pagina 3: Strafrechtelijke vervolging gaat door

De ministers Wijers en Sorgdrager verwachten voor het einde van het jaar “95 procent” van de overige niet aangemelde gevallen te hebben opgelost. Wijers sloot niet uit dat voorschriften gewijzigd moeten worden omdat andere lidstaten bezwaar aantekenen.

Het kabinet heeft aanvankelijk geprobeerd het probleem in breder Europees verband op te lossen. Juristen op het ministerie van buitenlandse zaken hadden al een protocol voorbereid dat later deze maand aan het Verdrag van Amsterdam zou kunnen worden gehecht. In dat protocol zou de werking van het Securitel-arrest worden beperkt. Bij de andere lidstaten bestond daarvoor echter “onvoldoende draagvlak”, zei Wijers. Zij zijn volgens hem “wat minder ver gevorderd” met hun analyse van het probleem dan Nederland.

Maar ook in Nederland zijn de gevolgen van het Securitel-arrest volgens beide bewindslieden nog steeds onduidelijk. Zij vragen zich met name af of een beroep op de ongeldigheid van niet aangemelde voorschriften door iedereen kan worden gedaan, of alleen door burgers en bedrijven die een 'redelijk belang' hebben. “Het laatste punt speelt met name in de gevallen die in de publiciteit zijn gekomen, bijvoorbeeld de alcoholcontrole met behulp van een blaastest. Ik ga er vooralsnog van uit dat het Hof alleen de belangen van de fabrikanten van ademhalingsanalyse-apparaten heeft willen beschermen en niet die van de dronken rijder”, aldus de brief.

Sorgdrager voegde daar gisteren aan toe dat Nederland “niet in een periode van rechteloosheid wordt gedompeld”. De strafrechtelijke vervolging gaat gewoon door. Alleen de vervolging voor bepaalde zaken wordt even op een laag pitje gezet totdat duidelijk is welke consequenties de recente uitspraak van het Europese Hof heeft.

Zowel in de brief van het kabinet als op de ingelaste persconferentie gisteravond schemerde door dat 'Den Haag' zich danig overvallen voelt door het onderwerp. In de brief staat bijvoorbeeld over de inventarisatie van mogelijk ongeldige regels die het kabinet in januari had gelast: “Het is niet mogelijk om, gelet op de hoeveelheid regelgeving en de complexitiet daarvan, een oordeel te vellen over de volledigheid en de juistheid van het aangeleverde materiaal.” Wijers en Sorgdrager zeiden ook dat zij het parlement en het publiek pas hadden willen informeren wanneer zij een volledig overzicht van de problemen hadden.