Een cowboy in zwachtels

Herb Fagen (ed.): Duke. We're Glad We Knew You. Birch Lane, 246 blz. ƒ 56,-

Is John Wayne postuum ontdekt door intellectueel Amerika? Onlangs verscheen John Wayne's America, een 'culturele studie' naar de betekenis van deze in 1979 overleden archetypische western-acteur, door de Amerikaanse hoogleraar Garry Wills. In navolging van de Franse regisseur Jean-Luc Godard - die eens opmerkte dat hij Wayne's reactionaire politieke overtuigingen haatte maar tranen in zijn ogen kreeg als hij de man zag paardrijden of een vrouw zag optillen - analyseert Wills uitvoerig Wayne's belichaming van een tegelijk geruststellende en angstaanjagende mannelijkheid (Boeken, 4 april).

Wills, die Wayne's prestaties als acteur ondergewaardeerd acht, zet het clichébeeld van de eendimensionale cowboy overtuigend af tegen diens getroubleerde rollen als maniakale veeboer in Red River (1948), en wraakzuchtige 'loner' in The Searchers (1956). Hij was daarin voorgegaan door de popcriticus en schrijver Greil Marcus, die het beeld van Wayne in een essay (1979) 'absurd incompleet' had genoemd. In de twee genoemde films, waarin Wayne respectievelijk zijn aangenomen zoon en zijn nichtje wil vermoorden, zijn we 'ver verwijderd van de prozaïsche ongemakken' in Wayne's doorsnee-westerns. 'Hier zijn we in een land waar elementaire moord plaatsheeft', aldus Marcus, die erop wijst dat Wayne's vertolking van deze rollen zo sterk is, dat de monumentale western-landschappen erbij in het niet vallen.

Toch is het niet waarschijnlijk dat Wayne in intellectuele kring ooit werkelijk en vogue zal raken. Daarvoor is zijn identificatie met 'rechts Amerika' te sterk. Dat traditionele Wayne-kamp slaat, na de kritische exegese van Marcus en Wills, nu terug met Duke. We're Glad We Knew You, een merkwaardige ode aan John Wayne door zijn 'vrienden en collega's'. Hier vinden we het bekende, platte beeld van Wayne zoals dat vaste vormen aannam in de jaren zestig, met de lopende-bandproductie van westerns als Rio Bravo, Rio Lobo, en andere Rio's. Meer nog dan Wills' boek maakt het duidelijk hoezeer Wayne onder zijn aanhangers het object is geworden van culturele mummificatie.

Zijn lof wordt in deze hagiografie gezongen door een schare 'vrienden' onder wie de oud-acteur Ronald Reagan, die westernrollen ging spelen in de hoop mee te surfen op Wayne's succes. Reagans prominente plaats moet de afwezigheid maskeren van intieme vrienden van Wayne, zoals de inmiddels overleden John Ford, de acteur Harry Carey sr, of de miljonairs met wie Wayne vakantie vierde in Mexico. Uit de flatteuze onjuistheden in Reagans, eerder in Readers Digest gepubliceerde, opstel blijkt dat het met de 'vriendschap' wel meeviel. De brave Reagan was natuurlijk ook geen geschikte 'buddy' voor de chronische kettingroker en drinker Wayne. Volgens andere, dorstiger kennissen in dit boek wilde de man, in kennelijke staat, wel het borsthaar van zijn vrienden in brand steken, of een vrouw op de dansvloer ondersteboven houden tot ze paars zag - en dan beperkt dit boek zich tot de onschuldiger voorbeelden. Voor het overige hier geen kwaard woord over Wayne. Hij komt naar voren als een toffe jongen, voor mannen, en een echte gentleman, voor vrouwen. Als hij nuchter was.

Voor een beter begrip van Wayne als culturele held van conservatief Amerika is deze uitgave nuttig, alleen al door de krampachtige oppervlakkigheid die het uitademt - met name Reagan lijkt meer oog te hebben voor zijn eigen 'idee' van John Wayne dan voor iets anders. Wayne's reputatie als acteur is er minder mee gediend.