De inwoners van Savannah zijn personages; Deze stad is een boek

“Heb je Het Boek gelezen?” 'Het Boek' is Midnight in the Garden of Good and Evil, over een moord in de Amerikaanse provincieplaats Savannah. De roman heeft het stadje in een levende legende veranderd. Een andere levende legende, Clint Eastwood, is er om Het Boek te verfilmen en iedere inwoner speelt een rol. “De werkelijke Joe Odom leeft niet meer, maar een automatische vleugel speelt een deuntje zoals Odom dat zelf ooit deed - misschien in werkelijkheid, maar in elk geval in hoofdstuk Negentien.”

John Berendt: Midnight in the Garden of Good and Evil; A Savannah Story. In het Nederlands vertaald door Peter de Rijk als Middernacht in de tuin van goed en kwaad. Uitg. Bruna ƒ 39,90

Het is middernacht en de deur van het statige Mercer House staat op een kier. Af en toe klinkt wat gelach naar buiten, of verschijnt er een gestalte achter een van de hoge ramen. Maar de dichte begroeiing - palmen, grote azalea-struiken en oude eiken - maakt het moeilijk om naar binnen te kijken. De nieuwsgierigheid van het handjevol voorbijgangers op de stoep wordt er alleen maar groter door.

De nachten zijn broeierig in Savannah, dit oude plaatsje aan de kust van de Amerikaanse staat Georgia. De zoete geur van bloesems vermengt zich met een zware lucht van stilstaand water en moerassen, van klamme lakens en verrotting. De majestueuze huizen met hun klassieke zuilen, barokke versiersels en veranda's van krullend zwart gietijzer staan in het heldere maanlicht stil te pronken. Hun façades beloven verhalen van trage en voorbije levens.

Over de moord in Mercer House, ruim zestien jaar geleden, is Savannah nog altijd niet uitgepraat. Briefkaarten van de moordenaar - staand in zijn interieur vol antiek, met zijn lievelingskat Sheldon in zijn armen - zijn overal te koop. Zijn naam, Jim Williams, is een begrip. Zijn reputatie als succesvol antiekhandelaar en gastheer van veelbesproken feesten is zeven jaar na zijn overlijden nog altijd legendarisch. En het graf van zijn slachtoffer, de 21-jarige Danny Hansford, is een toeristische bestemming geworden.

Zonder Het Boek zou de hele zaak waarschijnlijk allang zijn vergeten. In Savannah bedoelt men met 'Het Boek' niet de bijbel, zoals in de rest van Amerika, maar Midnight in the Garden of Good and Evil, de roman die de Newyorkse schrijver John Berendt schreef over de moord, het stadje en de bloeiende verzameling excentriekelingen die zich achter Savannahs slaperige imago schuilhouden. Al bijna drie jaar staat het boek, waarvan meer dan een miljoen exemplaren zijn verkocht, op de bestsellerlijst van The New York Times. Toeristen stromen met busladingen tegelijk toe om, met hun exemplaar in de hand, de huizen, straten en pleinen te bekijken die Berendt heeft gebruikt als decor.

In de wijde omtrek doen winkeliers goede zaken met handdoeken, t-shirts, bekers, koekblikken, videobanden en muziekcassettes die op het boek zijn gebaseerd. Een van de personages uit Midnight, de zwarte travestiet The Lady Chablis (“Mijn moeder heeft mijn naam van een fles wijn”), profiteerde van de rage door zèlf een boek uit te brengen: Hiding My Candy; The Autobiography of the Grand Empress of Savannah. En sinds enkele weken is Clint Eastwood in Savannah om Berendt's boek te verfilmen, met acteurs als Kevin Spacey, John Cusack en dochter Alison Eastwood. Sommige personages uit het boek, onder wie The Lady Chablis, spelen zichzelf.

Clint Eastwood

Als de grote deur van Mercer House eindelijk open zwaait, slenteren figuranten in avondtoilet de nacht in. Van de overkant van Monterey Square kondigt een doodringende barbecue-lucht aan dat het etenstijd is voor de filmploeg - die werkt van vijf uur 's middags tot vijf uur 's morgens, om voor een aantal nachtelijke scènes te kunnen profiteren van de duisternis. De fans op de stoep, voor het merendeel toeristen van middelbare leeftijd, hebben niet vergeefs gewacht. Ontspannen kletsend met John Cusack komt Clint Eastwood als een van de laatsten naar buiten, in een te klein groen t-shirt en een beige slobberbroek. Als hij het donkere plein oversteekt, wordt hij met een beschaafd applaus begroet, waarvoor hij bedankt met een licht gegeneerde glimlach. Agenten schieten toe om het brave, met vakantiecamera's gewapende opstootje op afstand te houden. Zolang hij aan het filmen is wil Eastwood zich het liefst afsluiten van de buitenwereld, verklaart zijn woordvoerder.

De filmset in en om Mercer House mag een besloten feestje zijn, de rest van de oude binnenstad is een open boek. Overal dringt zich de indruk op dat Savannah eigenlijk geen stad meer is, maar een boek, een levend vervolg op Midnight in the Garden of Good and Evil, of meer nog: een verklarende tekst bij het boek - met voetnoten en terzijdes van diverse deskundigen. Overal kom je het boek tegen in dit havenstadje met zijn 21 lommerrijke pleinen, zijn beelden en fonteinen. Niet alleen op de vele lokaties die in Midnight een rol spelen, in de talloze winkeletalages waar het boek ligt uitgestald, of in het kielzog van de groepen literaire toeristen die zich van Het Huis van de Moord naar het Huis uit Hoofdstuk Negentien begeven, en vandaar naar De Begraafplaats, De Nachtclub of Het Cafetaria. Het boek dankt zijn onontkoombaarheid vooral aan de inwoners van Savannah.

De eerste vraag aan bezoekers van buiten luidt hier niet: 'Waar kom je vandaan?' maar: 'Heb je Het Boek gelezen?' Wie die vraag op zijn beurt voorlegt aan een inwoner van Savannah kan steevast rekenen op een bevestigend antwoord, in veel gevallen gevolgd door persoonlijke herinneringen aan figuren die in het boek zijn vereeuwigd. Iedereen heeft wel iets over Midnight te vertellen. De cassière in een souvenir-winkeltje gaat gretig met een klant in discussie over de verhouding tussen fictie en werkelijkheid, en geeft en passant een uiteenzetting over personages die zijn samengesteld uit meerdere figuren. Een student vertelt peinzend dat hij pas na tweede lezing oog had voor de sombere ondertoon. Een barman herinnert zich Jim Williams als een man die in het echt sympathieker was dan in het boek. Een vrouw die op een naburige legerplaats werkt vindt het boek literair niet verrassend, maar wel heel amusant en economisch erg goed voor de stad. En een vrouw uit Florida vertelt dat de sfeervolle beschrijving van Savannah haar zó aansprak, dat ze prompt naar het stadje afreisde - ze is alleen nog even teruggeweest naar Florida om haar echtscheiding te regelen maar inmiddels is ze in Savannah hertrouwd.

Zedenschets

Midnight in the Garden of Good and Evil is geen roman over de grote vragen van het leven, maar het is wel een hilarische zedenschets. Het gerestaureerde centrum van Savannah is in de eerste plaats het domein van de provinciale aristocratie, die hier en daar in het zuiden van de Verenigde Staten nog deftig tracht te doen. De steunpilaren van de betere stand zijn de exclusieve Oglethorpe Club voor de heren, en de Married Woman's Card Club voor de dames.

Maar onder de oppervlakte van het stijve fatsoen is er ook een informeler uitgaansleven, met hoofdrollen voor een fiscaal advocaat, Joe Odom, die monumentale huizen kraakt om er wilde feesten en betaalde rondleidingen te geven; voor de travestiet Lady Chablis, die in nachtclubs haar brood verdient als showgirl; en voor een onvermoeibare bejaarde barpianiste, Emma Kelly, die ook wel bekend staat als The Lady of Six Thousand Songs.

En dan zijn er nog randfiguren als de wereldvreemde uitvinder van de vlooienband, die volgens een hardnekkig gerucht rondloopt met plannen om een flesje gif te lozen in het drinkwater van de stad. De gepensioneerde bode van een advocatenkantoor, die tegen betaling elke ochtend een onzichtbare hond uitlaat. Een oud vrouwtje, dat als toverdokter en voodoo-priesteres rondspookt op het kerkhof. En niet te vergeten de antiekhandelaar Jim Williams, de bewoner van het kapitale Mercer House.

Williams wordt door de upper ten van Savannah bewonderd om zijn zakelijke succes. Maar hij valt duidelijk uit de toon, al was het maar door zijn verzameling nazi-memorabilia - als een televisieploeg zijn huis ongevraagd gebruikt als achtergrond voor een scène in een historische film over Lincoln, raakt hij zo geïrriteerd dat hij de opnames saboteert door een vlag met een hakenkruis over zijn balkon te hangen. Zijn homoseksualiteit treedt pas aan het licht als hij een jongen vermoordt die zijn minnaar blijkt te zijn - een grofgebekte en opvliegende bink die met zijn mouwloze t-shirt met de tekst 'Fuck you' een tegenpool is van de verfijnde estheet Williams.

De vier slepende processen waarin de antiquair voor de moord terecht staat, vormen het geraamte van het boek: heeft hij geschoten uit zelfverdediging of is hij een koele moordenaar? De bonte stoet bijfiguren zorgt voor het vlees en bloed van het verhaal. En Savannah, met haar sieraden van negentiende-eeuwse architectuur, haar weelderige vegetatie en haar hang naar roddel, bijgeloof en een snufje zwarte magie, levert de ideale achtergrond. Door de koele distantie waarmee Berendt de gebeurtenissen beschrijft is de moraal in dit boek van goed en kwaad, ongrijpbaar als de avondmist in de straten van Savannah.

Villa Kakelbont

Volgens een gidsje van de stad is het Hamilton-Turner House een subliem voorbeeld van Deuxième Empire architectuur. Een klein château, in 1873 gebouwd door een voormalig burgemeester van de stad. Maar door de vervallen staat van het huis doet het vooral denken aan Villa Kakelbont van Pippi Langkous. De zuiltjes, balkons en versierde daklijsten zijn charmant, maar de verf is overal van afgebladderd. “Historische rondleidingen elk half uur”, meldt een handgeschreven papiertje dat op de voordeur is geplakt. Tussen de struiken in het voortuintje kwaakt een grote plastic kikker naar elke voorbijganger.

In de kelder zit de vrouw des huizes in kleermakerszit op de grond. Ze draagt een zwarte fietsbroek, een roze t-shirt en een boa van groene veren. Haar lange golvende haar is zo blond als maar kan. Met een microfoon in haar hand zingt ze een jazzy lied, de woorden leest ze van grote vellen papier die om haar heen liggen uitgespreid. “Pas geschreven”, zegt ze snel tussen twee coupletten door. “Vanavond treed ik er voor het eerst mee op. Het heet: Midnight Song, naar het boek”.

Nancy Hillis komt in Midnight in the Garden of Good and Evil voor als 'Mandy Nichols', zoals ze bij het voorstellen meteen vertelt. In Las Vegas is ze ooit gekroond tot Miss BBW (Big Beautiful Woman), een titel die ze nog steeds eer aan doet. Ze is in Savannah uitbater van een pianobar geweest, ze heeft haar makelaarsdiploma, maar bovenal is ze zangeres. In het boek treedt ze op als de flamboyante vriendin van Joe Odom, de onbetrouwbare advocaat die andermans huizen bewoont, verhuurt en openstelt als bezienswaardigheid. In de film wordt ze gespeeld door Alison Eastwood.

“Een hele eer”, zegt Hillis daarover - maar de spijt dat ze kennelijk niet goed genoeg was om zichzelf te spelen kan ze nauwelijks verbergen. Op de receptie in The Oglethorpe Club waar ze vanavond haar lied zal zingen, verwacht ze Alison Eastwood. En wie weet vindt die het lied wel zó goed, dat ze haar vader overtuigt om het in de film op te nemen. Want Het Boek heeft Hillis niet alleen roem verschaft (ze is samen met Berendt en The Lady Chablis bij Oprah Winfrey geweest), het is ook een bron van inkomsten geworden waar ze niet meer buiten kan. Ze houdt rondleidingen in haar huis, hetzelfde Hamilton-Turner House als in het boek. Ze verhuurt er kamers, ze verkoopt presse papiers en videobanden over het boek, en ze heeft voor toeristen een plattegrondje samengesteld metalle lokaties waar het verhaal zich afspeelt.

Farce

De 'historische rondleiding' door het Hamilton-Turner House blijkt in werkelijkheid een zeker zo grote farce als in het boek, waar het een staaltje is van de afzetterij van advocaat en bonvivant Joe Odom. Honderden dollars per week verdient hij door naïeve toeristen een kijkje te gunnnen in een huis vol rommel dat niet eens het zijne is. Nancy Hillis is wèl de wettige eigenaar van het huis. Maar van historische waarde is nog altijd alleen de buitenkant. Het interieur heeft maar weinig authentieks sinds het is opgedeeld in kleine en grote appartementen, met moderne badkamers en keukentjes. De kamers zijn volgestouwd met een allegaartje van antiek, bric-à-brac en ingelijste tijdschriftartikelen over het boek en zijn personages. In de salon staat een uitvergroot tijdschriftomslag met een foto van Nancy Hillis als Miss BBW, prominent op de schoorsteenmantel.

De rondleiding voert langs een vier meter hoog hemelbed, een stijlvolle tafel vol zilver en kristal en een kamertje met verroest eremetaal van diverse schoonheidswedstrijden. De Midnight Suite van dit 'historische museumhuis', het zolderappartement dat verhuurd wordt voor 125 dollar per nacht, heeft Hillis ingericht in Afrikaanse stijl, vertelt ze trots. Pantermotief heerst op de gordijnen, spreien en handdoeken, giraffen, olifanten en nijlpaarden bevolken het behang.

Niemand kan dit alles aanzien voor een authentiek negentiende-eeuwse inrichting. Maar hordes toeristen tellen graag vier dollar neer om een blik te mogen werpen in het huis waar Joe Odom toeristen een poot uitdraaide. De werkelijke Odom leeft niet meer, maar een automatische vleugel speelt een deuntje om de bezoekers te vermaken, net zoals Odom dat zelf ooit deed - misschien in werkelijkheid, maar in elk geval in hoofdstuk Negentien.

De enige deur waar de rondleiding aan voorbij gaat, geeft toegang tot Hillis' eigen appartement, een rommelig boudoir op de tweede etage waar ze samenwoont met een schel krassende papegaai en een nerveus hondje. Op de sofa ligt een kussen waarop liefdevol de woorden Fuck the Golden Years zijn geborduurd. Terwijl Hillis zich opmaakt voor haar optreden, vertelt ze op de vertrouwelijke toon van een bedreven roddelaarster over haar gemengde gevoelens over boek en schrijver.

“John Berendt zegt dat zijn boek non-fictie is, maar dat kan hij niet volhouden. Ik zou bijvoorbeeld een verhouding hebben gehad met Joe Odom, maar die had als homo helemaal geen belangstelling voor vrouwen. Berendt heeft een hetero van hem gemaakt, omdat hij bang was dat Midnight anders teveel een homoboek zou worden. Hij mikte op een groter publiek. Als hij er nu maar voor uitkwam dat hij de werkelijkheid naar zijn hand heeft gezet, dan was er niets aan de hand. Maar door vol te houden dat alles in het boek klopt, zet hij alle mensen die op zoek gaan naar de werkelijkheid achter het boek volledig op het verkeerde been.” Met een malicieus lachtje voegt ze eraan toe: “Het is mijn zaak niet, maar hij is gewoon zelf een gefrustreerde homo”. De schrijver die als buitenstaander de kleine gemeenschap van Savannah heeft beschreven, is door zijn succes nu zèlf een personage geworden in de roddels en verhalen die rondgaan in de stad.

Gefrituurde oesters

Op de borrel in The Oglethorpe Club ontbreekt Alison Eastwood die avond als Nancy Hillis voor een gezelschap van jonge zakenlieden haar Midnight Song zijn première laat beleven. Met zoete stem zingt ze over de vele charmes van Savannah - but soon you'll find that evil is all that is around. De bijval van de zakenlui, die zich te goed doen aan gefrituurde oesters en in flensjes gerolde asperges, is mager.

Om haar eigen vasthoudendheid te tonen zet Hillis meteen een klassieker van haar repertoire in: Life is tough, but Hannah's heart is tougher, they call her Hard Hearted Hannah, the vamp of Savannah.Dat lied krijgt wèl een daverend applaus. En bovendien blijkt nu dat toch een paar van Eastwoods acteurs zijn komen opdagen - zij het niet dochter Alison. Paul Hipp en Jude Law, die Joe Odom en Danny Hansford (de jongen die wordt doodgeschoten) spelen, begroeten Hillis als een dierbaar familielid. En samen met Emma Kelly, de bejaarde barpianiste die in de film zichzelf speelt, en de verslaggever van deze krant zetten ze zich aan een tafeltje waar veel glazen worden gedronken op Savannah, op Het Boek en vooral op Clint Eastwood - zijn rust, zijn vakmanschap en - hij is immers zelf acteur - zijn vermogen om acteurs aan te voelen.

Zou er iemand in Savannah te vinden zijn die Het Boek niet heeft gelezen, wiens leven er niet door beroerd is? In het Civic Center van de stad brengt het Savannah Symphony Orchestra, ter gelegenheid van Memorial Day (herdenkingsdag), een ode aan het leger. Generaal H. Norman Schwarzkopf treedt met het orkest op als verteller in Aron Coplands Lincoln Portrait. Een mooie uitvoering met de generaal als vastberaden solist. Hij spreekt alle woorden krachtig uit, maar zonder overdreven nadruk of effectbejag, als een vader die zijn kinderen een ernstig verhaal voorleest.

Na afloop is er een receptie, met de generaal en de burgemeester, allebei in smoking. De burgemeester, kogelrond en zwetend, kent het boek natuurlijk. Wat het voor de stad betekent? Hij smakt eens, als om de woorden voor te proeven, en zegt dan: “Drie dingen: money, money, money”.

En generaal Schwarzkopf, heeft hij het boek gelezen? Even knijpt de held van de Golfoorlog zijn ogen toe. Maar dan slaat hij de hoop op een gesprek over de humor van The Lady Chablis, de moraal van Jim Williams of het droeve lot van Danny Hansford de bodem in. “Nee”, klinkt het zonder aarzeling. En dan:“Nog niet”.

De nacht heeft weer bezit genomen van de stille straten van Savannah. Alleen rond Mercer House heerst nog bedrijvigheid: schijnwerpers staan op het huis gericht, generatoren snorren. Binnen wordt onmiskenbaar een feest gefilmd. Eén straat verder heerst weer diepe rust, en twee straten verder, op Lafayette Square, is alleen het zacht klaterende fonteintje te horen. Uit de grillige eikenbomen hangen grote plukken Spaans mos als pluizige vossenstaarten van de takken omlaag. Opeens klinkt uit de verte een ratelend geluid, dat snel dichterbij komt. Het is een meisje op rolschaatsen. In haar ene hand klemt ze een fles bellenblaas. In haar andere hand, hoog boven haar hoofd, houdt ze het blaasstokje dat door haar vaart een spoor van bellen door de nacht trekt. Ze steekt het plein over en glijdt ratelend weg, een duistere straat in aan de overkant. Was dit een bloem in Savannah's tuin van goed en kwaad, die door John Berendt over het hoofd is gezien? Of een eigen toevoeging van Clint Eastwood? Savannah geeft geen antwoord.