Sphinx: verlies van 45 mln noopt tot meer reorganisatie

MAASTRICHT, 5 JUNI. Sanitairproducent NV Koninklijke Sphinx Gustavsberg heeft afgelopen boekjaar een verlies geleden van 45,1 miljoen gulden bij een netto-omzet van 794,6 miljoen. In het verlies is een voorziening voor reorganisatie verdisconteerd van 30 miljoen gulden, zodat het verlies uit gewone bedrijfsuitoefening 15,1 miljoen bedraagt.

In '95-'96 boekte Sphinx nog een bescheiden winst uit bedrijfsvoering van 9,1 miljoen bij een omzet die 6,6 procent lager lag, maar moest toen ook al een voorziening treffen van 42,2 miljoen. Het bedrijf, dat verspreid over Europa 3.800 mensen werk biedt, kondigde eerder een ingrijpende reorganisatie aan, die in de sanitairfabrieken in het Duitse Wallhausen en het Belgische La Louvière honderden banen kost. De fabrieken daar produceren voornamelijk voor de Duitse markt, maar door de malaise in de Duitse bouw ondervindt Sphinx steeds meer hinder van goedkopere concurrenten uit de voormalige Oostblok-landen.

Na een uitvoerige interne heroriëntatie is besloten het assortiment drastisch te beperken en twintig procent van de productie voortaan uit te besteden in goedkopere landen als Tsjechië, Polen, Portugal en Thailand. “Wij blijven vasthouden aan het totale badkamer-concept, waarbij alle onderdelen van de badkamer op elkaar worden afgestemd, maar we verlaten het idee dat we ook alles zelf moeten produceren”, heeft president-directeur J.B. van Vliet meermalen gezegd. In april verkocht Sphinx Gustavsberg haar meerderheidsbelang in het Duitse bedrijf Schock, dat badkamermeubelen maakt, en twee weken geleden werd de tegeldivisie Sphinx Tegels BV overgedaan aan een consortium van ABN Amro en Gilde Buy-Out Fund. De Zweedse kranenfabriek Värgärda en de producent van pijpleidingsystemen Rörsystem, staan nog in de etalage. De tegeldivisie paste niet meer in het bedrijfsconcept, maar de opbrengst van dat winstgevende onderdeel - tussen de 50 en 75 miljoen - komt uitstekend van pas bij het herstel van het eigen vermogen, dat door verliezen bij het sanitair onder de 20 procent was gedaald.

“Wij hebben de opbrengst nodig om de heroriëntatie te financieren”, gaf Van Vliet later toe. Volgens hem kan Sphinx Gustavsberg alleen voortbestaan als het een betere positie verwerft in het hogere marktsegment, waar met luxe badkamers grote marges te behalen zijn. Volgens Van Vliet gaat het goed in de Benelux, Scandinavië en Frankrijk, maar op de luxere Duitse markt kan Sphinx te weinig imago inbrengen om in slechtere tijden overeind te blijven.

De heroriëntatie noopte tot veranderingen in de top. President-directeur Van Vliet kreeg interimmanager H. Meerlo naast zich, die eerder bij het Belgische Interbrew zijn sporen heeft verdiend. Gisteren werd bij de presentatie van de jaarcijfers bekend dat Van Vliet als enige van de drie leden van de raad van bestuur aanblijft.