Rembrandt op muziek van Mengelberg

Zondagochtend wordt een van de weinige composities van dirigent Willem Mengelberg gespeeld: 'Improvisatieën over eene melodie', bij etsen van Rembrandt, waarbij negentien etsen worden geprojecteerd.

Radio Symfonie Orkest o.l.v. Lawrence Renes. Programma: Johan Wagenaar, Gustav Mahler, Willem Mengelberg. Concertgebouw, Amsterdam: 8/6 11u; rechtstreeks op AVRO-Radio 4.

AMSTERDAM, 5 JUNI. Op 15 juni 1906 schreef Willem Mengelberg vanuit Villa Bella Stella in Zandvoort een briefkaart stuurt naar Alphons Diepenbrock: “Lieve vriend Diep. Sinds woensdag zit ik hier te Zandvoort en probeer muziek te schrijven bij je 'toverlantaarn'-etsen. Wat ervan wordt weet ik nu nog niet - de mogelijk[heid] is er echter niet klein, dat jij er je neus voor optrekken zult!!”

Vervolgens informeerde Mengelberg bij Diepenbrock hoeveel blazers deze in zijn compositie Hymne aan Rembrandt heeft verwerkt, zo is te lezen in het vijfde deel van Alphons Diepenbrock: Brieven en documenten, samengesteld door Eduard Reeser. Met de 'toverlantaarn-etsen' bedoelde Mengelberg de negentien etsen van Rembrandt die tijdens zijn muziek geprojecteerd zouden worden in de Amsterdamse Stadsschouwburg bij de herdenking van Rembrandts 300ste geboortedag.

Willem Mengelberg (1871-1951) is vooral bekend als dirigent van het Concertgebouworkest dat hij leidde van 1895 tot 1945. Maar hij was tevens een begenadigd componist. Hij schreef wat orkestwerken, enkele cantates voor specifieke gelegenheden, liederen en koorstukken. De onuitgegeven compositie die Mengelberg in Zandvoort in slechts twee weken schreef, noemde hij Improvisatiën over eene melodie, bij etsen van Rembrandt, welke, met begeleiding dezer muziek, door een Sciopticon op een groot doek geprojecteerd worden, voor groot orkest. Het zou zijn laatste werk zijn, daarna had hij te druk met dirigeren.

Mengelbergs Rembrandt-etsen worden zondagochtend - rechtstreeks uitgezonden door de radio - uitgevoerd door het Radio Symfonie Orkest in het Amsterdamse Concertgebouw met diaprojecties van de etsen, waaronder enkele van Rembrandts bekendste: De triomf van Mordechai, De drie kruizen, De 'honderd guldensprent' en De opwekking van Lazarus.

Diepenbrock, een kritisch mens, was zeer te spreken over Mengelbergs laatste compositie toen het werk op 16 juli werd uitgevoerd samen met Diepenbrocks eigen Hymne aan Rembrandt en werken van Johan Wagenaar en Bernard Zweers, eveneens geïnspireerd door werk van Rembrandt. De pers was verdeeld. Het Algemeen Handelsblad meende dat het visuele genot door Mengelberg werd vergald. “Bij Rembrandts rijke voorstellingen die heel een wereld soms beduiden, hebben we geen muziek noodig, maar vooral geen gebral van koper, hoogstens dan een heel zacht accoord.”

De Nieuwe Rotterdamsche Courant vond de muziek van Mengelberg in haar soort juist heel mooi: “Zeer mag daarbij de taktvolle bescheidenheid van den componist worden geroemd en de groote muzikaliteit waarvan zijn werk getuigt, maar het genre is bedenkelijk: etsen, die zelf zoo met volkomenheid uitspreken, wat de artiest zich voorstelde te zeggen, etsen, die onuitputtelijk zijn van levensdiepte, langs anderen weg dan uit hen zelven te verklaren of er de stemming van nog te willen verhoogen!”

Frits Zwart, de conservator van het Muziekarchief van het Haagse Gemeentearchief die momenteel het eerste deel van zijn biografie over Mengelberg voltooit, zegt dat Mengelbergs muziek hem sterk doet denken aan Diepenbrock en aan Mahler, van wie Mengelberg een groot pleitbezorger was.

“Mahler klinkt door in de instrumentatie en in de forse orkestbezetting, en in de melodische wendingen hoor je een heleboel figuren die Diepenbrock ook had kunnen gebruiken. Ik noem ze maar even oneerbiedig opvulfiguren. De Rembrandt-etsen vormen een variatiereeks, die eindigt met een prachtige fuga, die heel klassiek is van karakter.

“Het is geen programmatische compositie, maar de muziek is hier en daar wel illustratief. Zozeer zelfs, dat toen wij voor de Mengelberg-tentoonstelling in het Haags Gemeentemuseum in 1995 het stuk lieten spelen, je aan de muziek kon horen dat twee dia's verkeerd om werden geprojecteerd. Mengelbergs muziek bij De opwekking van Lazarus heeft bijvoorbeeld een enorm illustratief crescendo, dat niet rijmde met de manier waarop de ets was te zien.”

Mengelberg heeft de compositie slechts één keer gehoord, in 1906. De belangstelling voor het werk is groeiende sinds de reconstructie ervan ter gelegenheid van de Mengelberg-tentoonstelling en de AVRO-documentaire Afscheid: Een verhaal over Willem Mengelberg van Pieter Varekamp. Volgend seizoen neemt ook het Orkest van Oosten het stuk op het repertoire. Chefdirigent Jaap van Zweden is van plan tijdens een tournee van zijn Enschedese orkest de Rembrandt-etsen met de bijbehorende projectie uit te voeren in de New-Yorkse Carnegie Hall, waar Mengelberg zelf ook The Philharmonic Society of New York dirigeerde. Daarmee zal Van Zweden de Amerikanen confronteren met twee figuren die elk op hun eigen terrein een hoogtepunt vormen in de Nederlandse cultuurgeschiedenis, Rembrandt en Mengelberg.

    • Emile Wennekes