Rekenkamer: sterkte politie niet te meten

Niet bekend

Volgens de Rekenkamer levert het 'beleidsinformatiesysteem' van de politie onvoldoende betrouwbare informatie op over de sterkte van de korpsen en de besteding van het budget. Het ministerie van Binnenlandse Zaken beschikt niet over een “adequaat instrument” om deze ontwikkelingen te volgen. Minister Dijkstal krijgt de aanbeveling de accountantscontroles uit te breiden en het informatiesysteem te verbeteren.

De Rekenkamer probeerde de politiesterkte over de jaren 1994 en 1995 te onderzoeken. Over 1996 konden de onderzoekers geen uitspraak doen omdat de politiekorpsen de gegevens niet op tijd hadden aangeleverd. Dat had voor 15 februari moeten gebeuren.

De korpsen moesten ervoor zorgen dat agenten wier functie in het nieuwe politiebestel zou ophouden te bestaan, zo snel mogelijk op een nieuwe plek werden gezet. De Rekenkamer concludeert dat dit “nauwelijks resultaat heeft gehad”. De korpsen gaven bovendien weinig prioriteit aan het terugdringen van boventallig personeel, dat in de periode 1993-1995 volgens berekeningen van de Rekenkamer ruim 250 miljoen gulden kostte.