Concerns in superliga zijn Nederlandse klei ontgroeid

De grootste bedrijven worden nog groter: de mega-onderneming is al onder ons. En er komen er meer. Wie wordt daar de baas? En, belangrijker voor de samenleving, wie controleert zulke economische en financiële macht?

LAREN, 5 JUNI. Dorp, stad, regio, land, Europa, de wereld. De bakker op de hoek heeft geen keus: hij wordt nooit een global player die zijn personeel lucratieve aandelenopties kan geven. Hij blijft de ondernemer op de hoek, de banenmotor van menig Westerse economie.

Of niet? Toen topman drs. C. Brakel in 1980 bij uitgever Wolters Samsom begon was de beurwaarde van het bedrijf 40 miljoen gulden. Tientallen kleine en grote overnames (à raison van 8 miljard gulden) en zeventien jaar interne groei later is Wolters Kluwer op de effectenbeurs nu 18 miljard gulden waard.

De uitzinnige vermenigvuldiging van deze kapitale bedragen onderstreept de financiële overmacht. Tegenover de 450-voudiging van de beurswaarde staat een vervijfvoudigde groei van het aantal werknemers tot 15.000.

Wolters Kluwer is een van die Nederlandse concerns die meedraaien in de superliga, de reuzendoders, een van de acht Nederlandse bedrijven die een buitenlandse overname ter waarde van 1 miljard of meer hebben gedaan. Zij zijn te groot geworden voor Nederland, maar hebben zich ook nog niet losgemaakt van hun wieg in de klei. Het merendeel van de toplieden en hun toezichthoudende commissarissen zijn Nederlanders.

Nog één grote fusie, vertelde Brakel gistermiddag op een congres van de adviesfirma Adstrat - zelf vulde hij alvast (“voor mijn vrienden van de pers”) de Amerikaanse concurrent Thomson in - en zes jaar doorgroeien. Dan ligt de marktwaarde ligt boven 100 miljard (dollar). Dan is Wolters Kluwer in de termen van Adstrat-partner drs. G. Rost van Tonningen een mega-onderneming. Wereldwijd actief, met een internationaal samengestelde directie en raad van commissarissen. KPN, Ahold, Hagemeyer, Nutricia, Randstad en VNU kunnen in die race actief meedoen, verwacht Brakel. Maar toch. “De mega-onderneming moet niet een nieuwe dwangmatigheid worden.”

In de coulissen staan andere bedrijven al klaar, nieuwkomers uit de automatisering, zoals Getronics dat nog “maar” een kwart van zijn 2,2 miljard gulden omzet buiten Nederland behaalt. “Wij hebben nog een flinke weg te gaan willen wij de Europese kaart bestrijken”, erkende topman drs. T. Risseeuw.

Zo internationaal als de ondernemers pretenderen te zijn, zo nationaal bleken intussen de opvattingen. Industriepolitiek bleek geen beladen woord. Nee, geen geld voor Fokker, maar wel overheidsbeleid voor de informatie- en telecommunicatiesector. Als Roccade (ex-Rijks Computer Centrum, dat nu wordt geprivatiseerd) Nederlands blijft, blijven research en development ook in Nederland. Dat geeft de bedrijfstak een extra impuls, meent Risseeuw, die met Getronics een van de drie kandidaten voor Roccade is. Houden de aankomende Nederlandse mega's de internationale race niet vol en “worden zij opgevreten, dan zou dat niet goed zijn voor de Nederlandse economie”, vindt Brakel. Dat Wolters Samsom zo groot is geworden is niet in de laatste plaats te danken aan dr. P. Vinken, voormalig roerganger van uitgever Elsevier, die deze week precies tien jaar geleden een onvriendelijk bod deed op Kluwer, zo memoreerde Brakel. Een paar weken daarvoor had Vinken voorspeld dat de uitgevers een onnavolgbaar internationaal fusie- en overnameproces zouden ingaan waaruit slechts tien wereldspelers tevoorschijn zouden komen. De vijandige poging tot overname van Kluwer bracht Wolters Samsom in het veld als witte ridder, die na een verhit gevecht dat sindsdien niet meer in Nederland is geëvenaard, een marginale meerderheid van Kluwer-beleggers achter zich kreeg. Brakel geeft toe: Vinken had gelijk.

Het gelijk van Vinken is het dagelijks brood van fusie- en overnamebemiddelaars, bankiers en adviesbureaus als Adstrat, die grote bedrijven consulteren over strategisch beleid en verandering. En Vinkens gelijk is de zorg van zijn navolgers. “Je moet fun hebben als ondernemer”, hield Brakel de aanwezigen voor. “'t Niet te serieus nemen, anders slaap je niet in het vliegtuig.”

Al worden de grote concerns almaar groter en groter, over de gevolgen voor hun leiders, voor het bestuur van de onderneming en voor de samenleving bleken Brakel en Rost van Tonningen uiteenlopende opvattingen te hebben. De Adstrat-partner trok de logische consequentie: de schaalvergroting en de urge to merge concentreren zoveel informatie bij de managers dat controle door commissarissen een fictie wordt. Sterker nog: de directie, de commissarissen en de managers die hogerop willen komen zijn de feitelijke, intellectuele eigenaren van de onderneming. De commissarissen worden adviseurs, meer kunnen zij er niet van maken.

Controle komt van pressiegroepen, de media, de financiële wereld. Het spel wordt harder gespeeld. “De unfaire aanvallen op topondernemers zullen toenemen”, voorspelde Rost van Tonningen. De aandeelhouders worden weer anonieme kapitaalverschaffers.

Dat kon Brakel, een van de ondernemers in de zogeheten commissie-Peters die deze maand met definitieve voorstellen komt voor beter ondernemingsbestuur- en toezicht, niet zonder tegenspreken laten passeren. De commissie zet in op grotere verantwoordingsplicht door managers en commissarissen, en effectievere invloed van met name professionele beleggers, zoals pensioenfondsen.

Brakel: “De aandeelhouders geen eigenaar meer? Rost van Tonningen heeft gelijk; als die mystiek ophoudt, komt de professionele belegger weer naar de aandeelhoudersvergadering, al is het misschien in een afvaardiging van een pressiegroep, maar dat is goed en efficiënt.”

Voor extern toezicht wil Brakel blijven vertrouwen op zijn commissarissen, die er, in elk geval bij Wolters Kluwer, meer verstand van zaken hebben dan de pers. “Het Nederlands model is lang niet zo gek.”