Proces ex-topman Guardia Civil

MADRID, 3 JUNI. Na langdurige vertraging is gisteren in Madrid het proces begonnen tegen Luis Roldán, de voormalige directeur-generaal van het politiekorps Guardia Civil die geldt als het kopstuk in de corruptie-affaires onder de voormalige socialistische regering van premier Felipe González. Roldán staat terecht op verdenking van verduistering van publieke gelden, oplichting, omkoping, vervalsing en belastingfraude.

De voormalige topman van de Guardia Civil zorgde met zijn spectaculaire vlucht uit Spanje in 1994 voor groot gezichtsverlies voor de toenmalige regering González. Tien maanden bleef Roldán onvindbaar in het buitenland en werd hij het onderwerp van grappen, boeken en stripverhalen. Uiteindelijk werd hij teruggevonden in Laos.

De verdachte werd gisteren geplaagd door een aanhoudend geheugenverlies. Zo kon hij geen sluitende verklaring geven hoe het met zijn ambtenareninkomen mogelijk was in drie jaar tijd 12 huizen te kopen en op Zwitserse banken een vermogen van 1,7 miljard peseta's (23 miljoen gulden) bijeen te garen. Roldán zou het geld hebben verkregen door de ontvangst van steekpenningen bij de bouw van politiekazernes.

De verdachte zei dat hij in Zwitserland de bankrekeningen had geopend in opdracht van de vroegere staatssecretaris voor Staatsveiligheid, Rafael Vera, ter financiering van de strijd tegen de Baskische terreur-beweging ETA. Later zouden de bankrekeningen volgens zijn zeggen zijn bedoeld om de kas van de socialistische partij te spekken. Volgens de aanklagers werd het geld evenwel aangewend voor aankopen van de familie Roldán.

Naast het proces tegen Roldán wacht Spanje met spanning op het proces tegen kolonel Juan Alberto Perote, het voormalige hoofd Operaties van de geheime dienst Cesid, dat volgende week maandag moet beginnen. Perote wordt ervan verdacht bij zijn vertrek bij de geheime dienst dossiers te hebben verduisterd. De ex-bankier Mario Conde zou die hebben gebruikt om de regering González af te persen. Afgelopen weekeinde publiceerde het dagblad El País een dossier dat vorig jaar bij Perote in zijn cel werd ontdekt. Daarin verklaart de kolonel niet alleen een nauwe betrokkenheid van de geheime dienst en de politie bij het oprichten van doodseskaders tegen de ETA, maar ook dat leden van kabinet van González, onder wie de premier zelf, hiervan kennis droegen.